De voorzitter opent de zitting op 07/05/2026 om 20:10.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017.
Het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad - GR 16 januari 2025.
Het verslag voorgaande zitting wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 10.00 minuten tot en met 11.24 minuten.
Artikel 1
Het verslag van de voorgaande zitting van 9 april 2026, dat acht dagen voor de huidige zitting ter inzage van de raadsleden heeft gelegen, wordt door de gemeenteraad goedgekeurd.
- OMVV2025/1: het afsplitsen van een lot voor een vrijstaande eengezinswoning, het slopen van enkele constructies en het afschaffen van buurtweg nr. 102. De wijziging van de gemeenteweg werd aan de gemeenteraad voorgelegd op 12 juni 2025. De omgevingsvergunningsaanvraag voor verkavelen werd voorwaardelijk vergund op 16 september 2025.
- Ontwerpakte en opmetingsplan: Op 30 maart 2026 bezorgde Agora Notarissen het plan van de grondafstand, met dossiernummer O52424WR en de ontwerpakte van grondafstand met het verzoek dit voor te leggen aan de gemeenteraad.
- Attest verdeling overeenkomstig artikel 5.2.2 VCRO: op 1 april 2026 ontving het gemeentebestuur een aangetekend schrijven van Agora Notarissen betreffende het attest verdeling 5.2.2.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 in het bijzonder artikel 41 tweede lid, 11°.
Overeenkomstig artikel 41 van het decreet lokaal bestuur is de beslissing over de overdracht van gronden aan de gemeente een exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad. Voorliggende aanvraag dient dan ook voorgelegd te worden aan de gemeenteraad om een beslissing te nemen over de grondafstanden.
Overeenkomstig artikel 41 van het decreet lokaal bestuur is de beslissing over de overdracht van gronden aan de gemeente een exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad. De gemeenteraad is bevoegd omdat het gaat om een daad van beschikking over onroerende goederen.
Aan de gemeenteraad worden de ontwerpakte en het opmetingsplan voorgelegd ter goedkeuring.
De aard van de ontwerpakte betreft een kosteloze grondafstand aan de gemeente Brecht, in het kader van de toekomstige inlijving in het openbaar domein van een repel grond die nog in private eigendom is, gelegen te Brecht, Van Bavellaan en Terheidelaan, kadastraal gekend als afdeling 1 sectie M 67R4 (deel), met een oppervlakte van 435,6 m², zoals dit onroerend goed omschreven en afgebeeld staat als LOT 2 in gele kleur op het plan met dossiernummer O52424WR, opgemaakt door landmeter-expert Dries Roos te Brasschaat op 29 september 2025. De gereserveerde perceelsidentificatie van lot 2 luidt, sectie M, 61E14 P0000.
Toelichting wordt gegeven door schepen R. Ruelens.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 11.25 minuten tot en met 12.24 minuten.
Artikel 1
De gemeenteraad keurt het ontwerp van akte van de overdracht van onroerend goed - zijnde een strook grond bestemd om kosteloos te worden afgestaan ten titel van openbaar nut, gelegen te Brecht, Van Bavellaan en Terheidelaan, kadastraal gekend als afdeling 1 sectie M 67R4 (deel), met een oppervlakte van 435,6 m², zoals dit onroerend goed omschreven en afgebeeld staat als LOT 2 in gele kleur op het plan met dossiernummer O52424WR, opgemaakt door landmeter-expert Dries Roos te Brasschaat op 29 september 2025 goed.
De gereserveerde perceelsidentificatie van lot 2 luidt, sectie M, 61E14 P0000.
Artikel 2
Het besluit van de gemeenteraad en het bijhorend opmetingsplan zal worden opgenomen in het gemeentelijk wegenregister.
Artikel 3
Afschrift van dit besluit wordt bezorgd aan Agora Notarissen (Gemeentepark 17, 2990 Wuustwezel) en aan de dienst Omgeving.
- OMVV2025/2: het verkavelen van gronden in 2 loten voor vrijstaande eengezinswoningen en het afbreken van de bestaande constructies. De wijziging van de gemeenteweg werd aan de gemeenteraad voorgelegd op 11 september 2025. De omgevingsvergunningsaanvraag voor verkavelen werd voorwaardelijk vergund op 14 oktober 2025.
- Ontwerpakte en opmetingsplan: Op 12 en 24 februari 2026 bezorgde notariaat Studie De Baecker & Heyde het plan van de grondafstand, met dossiernummer O07625GS en de ontwerpakte van grondafstand met het verzoek dit voor te leggen aan de gemeenteraad.
- Attest verdeling overeenkomstig artikel 5.2.2 VCRO: op 18 februari 2026 ontving het gemeentebestuur een aangetekend schrijven van notariaat Studie De Baecker & Heyde betreffende het attest verdeling 5.2.2.
- Gemeenteraad van 12 maart 2026 (GR/2026/023): de ontwerpakte en plan van kosteloze grondafstand werden goedgekeurd in de gemeenteraad van 12 maart 2026.
- Herziening akte: op 27 april 2026 bezorgde notariaat Studie De Baecker & Heyde een herziene ontwerpakte van grondafstand. De akte werd aangepast/aangevuld met informatie over een vonnis met betrekking tot een hoenderhok (p6 van de ontwerpakte). De herziene akte van grondafstand dient opnieuw aan de gemeenteraad voorgelegd te worden alvorens de akte ondertekend kan worden.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 in het bijzonder artikel 41 tweede lid, 11°.
Overeenkomstig artikel 41 van het decreet lokaal bestuur is de beslissing over de overdracht van gronden aan de gemeente een exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad. Voorliggende aanvraag dient dan ook voorgelegd te worden aan de gemeenteraad om een beslissing te nemen over de grondafstanden.
Overeenkomstig artikel 41 van het decreet lokaal bestuur is de beslissing over de overdracht van gronden aan de gemeente een exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad. De gemeenteraad is bevoegd omdat het gaat om een daad van beschikking over onroerende goederen.
Aan de gemeenteraad worden de herziene ontwerpakte en het opmetingsplan voorgelegd ter goedkeuring.
De aard van de ontwerpakte betreft een kosteloze grondafstand aan de gemeente Brecht, in het kader van de toekomstige inlijving in het openbaar domein van een repel grond die nog in private eigendom is, gelegen te Brecht, Dwarsdreef, kadastraal gekend als afdeling 1 sectie M 27B4 (deel), met een oppervlakte van 39 m², zoals dit onroerend goed omschreven en afgebeeld staat als LOT 3 in gele kleur op het plan met dossiernummer O07625GS, opgemaakt door landmeter-expert Dries Roos te Brasschaat op 29 oktober 2025. De gereserveerde perceelsidentificatie van lot 3 luidt, sectie M, 27P5 P0000.
Toelichting wordt gegeven door schepen R. Ruelens.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 12.25 minuten tot en met 13.33 minuten.
Artikel 1
De gemeenteraad keurt het ontwerp van herziene akte van de overdracht van onroerend goed - zijnde een strook grond bestemd om kosteloos te worden afgestaan ten titel van openbaar nut, gelegen te Brecht, Dwarsdreef, kadastraal gekend als afdeling 1 sectie M 27B4 (deel), met een oppervlakte van 39 m², zoals dit onroerend goed omschreven en afgebeeld staat als LOT 3 in gele kleur op het plan met dossiernummer O07625GS, opgemaakt door landmeter-expert Dries Roos te Brasschaat op 29 oktober 2025 - goed.
De gereserveerde perceelsidentificatie van lot 3 luidt, sectie M, 27P5 P0000.
Artikel 2
Het besluit van de gemeenteraad en het bijhorend opmetingsplan zal worden opgenomen in het gemeentelijk wegenregister.
Artikel 3
Afschrift van dit besluit wordt bezorgd aan notariaat Studie De Baecker & Heyde (Korte Sint-Annastraat 6, 2000 Antwerpen) en aan de dienst Omgeving.
OMV2025/17: In de zitting van het college van 29 juli 2025 werd voorwaardelijk de omgevingsvergunning verleend aan Fluvius System Operator CV, met als contactadres Koningin Elisabethlei 38 in 2300 Turnhout, voor het plaatsen van een geprefabriceerde betonnen hoogspanningscabine voor openbaar nut te Kraaienhorst 8B (Kraaienhorst 1+), 2960 Brecht (afdeling 4 sectie D nr. 592M).
De cabine wordt geplaatst op de parking van het voetbalterrein te Kraaienhorst, in eigendom van de gemeente Brecht en Koninklijke Football-Club Sint-Lenaarts.
Op 22 april 2026 ontving de gemeente via de omgevingsmail het verzoek van Agora notarissen om het ontwerp van akte voor de verkoop van het perceel grond gelegen te Kraaienhorst aan Fluvius voor te leggen op de gemeenteraad.
Het aan Fluvius over te dragen lot heeft de gereserveerde perceelidentificatie 592 N P0000, en heeft een oppervlakte 25 m² (5 meter op 5 meter).
Het lot wordt verkocht aan Fluvius voor 1 euro.
Er wordt een erfdienstbaarheid met een breedte 2 meter voor aanleg en onderhoud leidingen gevestigd (lila strook op het opmetingsplan).
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 in het bijzonder artikel 41 tweede lid, 11°.
Overeenkomstig artikel 41 van het decreet lokaal bestuur is de beslissing over de overdracht van gronden aan de gemeente een exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad. Voorliggende aanvraag dient dan ook voorgelegd te worden aan de gemeenteraad om een beslissing te nemen over de grondafstanden.
Overeenkomstig artikel 41 van het decreet lokaal bestuur is de beslissing over de overdracht van gronden aan de gemeente een exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad. De gemeenteraad is bevoegd omdat het gaat om een daad van beschikking over onroerende goederen.
Aan de gemeenteraad worden de ontwerpakte en het opmetingsplan voorgelegd ter goedkeuring.
De aard van de ontwerpakte betreft de verkoop van de gemeente Brecht aan Fluvius, in kader van de plaatsing van een technische cabine, van een lot met een oppervlakte van 25 m² gelegen Kraaienhorst 1+, 2960 Brecht, kadasternummer afdeling 4 sectie D nr. 592M (deel) zoals dit onroerend goed omschreven en afgebeeld staat als lot 1 op het plan met dossiernummer 9918-2, opgemaakt door landmeter-expert Mathieu Rutten, Stationswal 28, 3960 Bree op 16 mei 2024, aangepast op 14 en 29 mei 2025 goed.
De gereserveerde perceelsidentificatie luidt: 4de afdeling Sint-Lenaarts, Sectie D 592 N (11043 D 592 N P0000).
De VZW KFC Sint-Lenaarts, opstalhouder, krachtens onderhandse overeenkomst van 1 april 2004, komt hier tussen om afstand te doen van haar voormeld opstalrecht op het betreffende onroerend goed.
Het lot wordt overgedragen van de gemeente aan Fluvius voor 1 euro.
Er wordt een erfdienstbaarheid gevestigd met een breedte 2 meter voor aanleg en onderhoud leidingen.
Het agendapunt wordt niet behandeld en verdaagd naar een latere gemeenteraad, omdat de akte eerst moet worden aangepast (asbestproblematiek).
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 13.34 minuten tot en met 14.36 minuten.
Artikel 1
De gemeenteraad verdaagt dit agendapunt naar een latere gemeenteraad, omdat de akte eerst moet worden aangepast (asbestproblematiek).
- Bij de opmaak van de Atlas der Buurtwegen lag de Mallebaan (N153) en de brug over de vaart (en de vaart zelf) er nog niet. Op dat moment liep buurtweg n° 148 van Molenheiken richting dorp Sint Lenaarts (ongeveer ter hoogte van de huidige Leopoldstraat en Nieuwstraat, tot aan de kerk). Met de aanleg van de Mallebaan werd de buurtweg "doorsneden". De talud van de brug verhindert de vrije doorgang.
Buurtweg n° 148 is inmiddels in zijn totaliteit niet meer zichtbaar, en bijgevolg in onbruik geraakt. Zo ook op de projectlocatie van voorliggende omgevingsvergunningsaanvraag.
Het niet-gebruik van de buurtweg kan worden vastgesteld door afwezigheid van de weg op foto's bij de aanvraag incl. in de nota (Molenheiken 32 situatie voetweg 148.pdf) en op luchtfoto's.
- Het terrein van aanvraag is gelegen in de gewestplanbestemming agrarische gebieden. Het terrein en de aanpalende percelen worden ontsloten via de voldoende uitgeruste gemeenteweg Molenheiken. De buurtweg heeft zijn functionaliteit verloren door de aangelegde infrastructuur. De verkeersveiligheid en de ontsluiting van de projectlocatie worden door de opheffing van buurtweg n° 148 ter hoogte van het terrein van aanvraag niet in het gedrang gebracht. De procedure van opheffen van een gemeenteweg (buurtweg) staat los van eventuele andere gevestigde erfdienstbaarheden zoals bv. de wettelijke erfdienstbaarheid van "recht van uitweg". Deze erfdienstbaarheid laat toe dat een eigenaar wiens perceel ingesloten ligt, gebruik kan maken van een uitweg over de erven van de buren om zo bijvoorbeeld de openbare weg te bereiken. Deze eventuele erfdienstbaarheden die vallen onder het Zakelijk Recht eindigen bijgevolg niet door het opheffen van een buurtweg (i.c. publiekrechtelijke erfdienstbaarheid van overgang )
- Het overwegen tot herstel van het openbaar karakter van de buurtweg, of (her)aanleg van de buurtweg als bv. trage weg, heeft op deze locatie geen ruimtelijke meerwaarde. Er is geen lokaal of bovenlokaal netwerk voor traag verkeer om op aan te sluiten of om uit te breiden; de buurtweg wordt onderbroken door de talud van "de Hoge Brug" ; er is ook geen behoefte aan om het openbaar karakter van deze buurtweg te herstellen, gezien de ligging in agrarisch gebied tussen een hoeve en de weilanden/akkers. Er is geen meerwaarde voor het algemeen belang om dit openbaar karakter terug af te dwingen.
- De aangevraagde wijziging van het gemeentelijk wegennet (gedeeltelijke afschaffing buurtweg) schaadt het algemeen belang niet.
- Er werden geen bezwaarschriften ingediend m.b.t. de gedeeltelijke afschaffing van de buurtweg.
- Recent (gemeenteraad van 09/04/2026) werd ook goedkeuring verleend voor de opheffing van een ander deel van buurtweg n° 148, nl. ter hoogte van Violetstraat 7-9, geïntegreerde procedure bij omgevingsvergunningsaanvraag met gemeentelijk kenmerk OMV2025/296.
Vanuit de dienst omgeving wordt dan ook positief advies gegeven voor de gedeeltelijke afschaffing van de voetweg nr. 148 op de projectlocatie van aanvraag van de omgevingsvergunning met gemeentelijk kenmerk OMV2026/90, zoals weergegeven op het grafische plan bij de aanvraag ("Molenheiken 32-Voetweg.pdf").
OMV2026/90: omgevingsvergunningsaanvraag ingediend door Peter Anthonissen wonende te Molenheiken 32 te 2960 Brecht voor uitbreiding van de inbuizing en overwelving van een baangracht bij een landbouwbedrijf in Molenheiken 32 te Brecht; en het opheffen van een in onbruik geraakte voetweg (n°148) gelegen te Molenheiken 32 en ZN (achtergelegen percelen) te 2960 Brecht, kadasternummer afdeling 4 sectie D nrs. 844c, 846e, 859e, 860a, 861a, 862, 863, 869a, 870d.
De aanvraag werd ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 25/02/2026.
Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 26/02/2026.
De aanvraag volgt de geïntegreerde procedure voor opheffing van een gemeenteweg (in onbruik geraakte voetweg).
De aanvraag volgt de gewone procedure (omwille van de geïntegreerde procedure gemeenteweg).
Het terrein van aanvraag is gelegen tussen de gemeenteweg Molenheiken (zijstraat) ter hoogte van huisnummer 32 en de talud van de Mallebaan. Het terrein bevindt zich ongeveer halverwege de Molenheiken (hoofdbaan) in het noorden en de vaart in het zuiden.
Het terrein is gelegen in de gewestplanbestemming "agrarische gebieden". Ter plekke wordt een landbouwbedrijf geëxploiteerd. De landbouwbedrijfsgebouwen bevinden zich aan de straatkant (Molenheiken). Achterliggend bevinden zich akkers en weilanden.
Vergunningenhistoriek
Volgende stedenbouwkundige vergunningen en omgevingsvergunningen/-meldingen zijn gekend voor het terrein van aanvraag:
- sv1988/286: ANTHONISSEN PETER, Molenheiken 32, bouwen van een ligboxenloopstal, College van burgemeester en schepenen van 06/02/1989 - Vergunning
- sv1991/358: ANTHONISSEN PETER, Molenheiken 32, bouwen van een sleufsilo, College van burgemeester en schepenen van 09/09/1991 - Vergunning
- sv2002/130: ANTHONISSEN PETER, Molenheiken 32, bouwen van een siloplaat, erfverharding + het verplaatsen van een groenscherm, College van burgemeester en schepenen van 03/06/2002 - Vergunning
- sv2005/11: ANTHONISSEN PETER, Molenheiken 32, rooien van bomen, College van burgemeester en schepenen van 07/03/2005 - Vergunning
- sv2009/454: ANTHONISSEN-DEWINTER PETER & BEA, Molenheiken 32, slopen van de bestaande bergplaats + het verbouwen van een stal, College van burgemeester en schepenen van 09/11/2009 - Vergunning
- sv2014/240: ANTHONISSEN-DEWINTER PETER & BEA, Molenheiken 32, verbouwen van een boerderijwoning, College van burgemeester en schepenen van 16/02/2015 - Vergunning
- OMV_2018064896 (OMV2018/151): Molenheiken 32, Anthonissen Peter, hernieuwing van de grondwatervergunning bij een klasse 2 rundveebedrijf, 29/10/2018: College van burgemeester en schepenen: Gedeeltelijk voorwaardelijk vergund
- OMV_2025138504 (OMV2025/335): Molenheiken 32 - bijstelling voorwaarden, melding tussentijdse inspanning voor rundveehouderijen en mestverwerkingsinstallaties, 09/12/2025: College van burgemeester en schepenen: Aktename
Geïntegreerde procedure opheffing gemeenteweg
Cfr. art. 12. §2 van het Gemeentewegendecreet (GWD) kan de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg (i.c. voormalige buurtweg) met overeenkomstige toepassing van artikel 31 van het decreet van 25/04/2014 betreffende de omgevingsvergunning opgenomen worden in een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen of een omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden, voor zover die wijziging past in het kader van de realisatie van de bestemming van de gronden.
Die mogelijkheid geldt voor zover het aanvraagdossier een ontwerp van rooilijnplan bevat dat voldoet aan de bij en krachtens dit decreet gestelde eisen op het vlak van de vorm en inhoud van gemeentelijke rooilijnplannen, of voor zover het een grafisch plan met aanduiding van de op te heffen rooilijn bevat.
cfr. art. 20 van het GWD bevat het besluit tot opheffing van een gemeenteweg een grafisch plan waarop minstens de volgende elementen zijn aangeduid:
1° de op te heffen rooilijn, het op te heffen rooilijnplan of het desbetreffende deel daarvan;
2° de kadastrale vermelding van de sectie, de nummers en de oppervlakte van de aanpalende kadastrale percelen en onroerende goederen;
3° de naam van de eigenaars van de aanpalende kadastrale percelen en onroerende goederen volgens kadastrale gegevens of andere gegevens die voor het gemeentebestuur beschikbaar zijn.
Bij voorliggende omgevingsvergunningsaanvraag werd een grafisch plan gevoegd (bijlage: "Molenheiken 32-Voetweg.pdf") opgesteld, opgemeten en in plan gebracht door dhr. Bart Verhoeven, beëdigd Landmeter (LAN 05 1179) op 04/02/2026.
Het betreft een omgevingsplan van de bestaande situatie op schaal 1/500. Kadastrale gegevens van het terrein van aanvraag Molenheiken 32 (4e afdeling - Sectie D - 844c, 846e, 859e, 860a, 861a, 862, 863, 869a, 870d) en alle aanpalende kadastrale percelen worden vermeld. Het grafische plan geeft het op te heffen tracé van voetweg n°148 weer in roze streepjeslijnen met ongeveer centraal op het plan de tekst "voetweg nr. 148 - 1,5 m breedte".
Het grafisch plan voldoet aan de bij en krachtens het GWD gestelde eisen op vlak van de vorm en inhoud.
Het plan bevat rechts onderaan een tekstveld m.b.t. de waardebepaling: "
OPHEFFING VOETWEG nr. 148
Waardebepaling te gevolge van de opheffing.
De waardevermeerdering van de grond is nihil, dit omdat de gemeenteweg (voetweg nr. 148, ovv erfdienstbaarheid) reeds vele jaren in onbruik is en ter plaatse ook niet meer zichtbaar.
De opheffing betreft een voetweg van 1,5 m breedte , 408 m lengte (612 m²) die zich ovv erfdienstbaarheid over de vermelde percelen uitstrekt, hiervoor is geen grondoverdracht nodig."
De beoogde opheffing heeft geen betrekking op een gemeenteweg die in een plan van aanleg of ruimtelijk uitvoeringsplan bestemd is, of een gemeentelijk rooilijnplan dat in een plan van aanleg of ruimtelijk uitvoeringsplan is opgenomen. De in de omgevingsvergunningsaanvraag geïntegreerde procedure voor (gedeeltelijke) opheffing van een gemeenteweg (voormalige voetweg) kan worden gevolgd.
Cfr. art. 28 van het GWD
§ 1. De aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg geeft aanleiding tot een waardevermindering of waardevermeerdering van de gronden waarop de gemeenteweg gesitueerd is. De vergoeding voor waardevermindering is verschuldigd door de gemeente aan de eigenaar van de grond in kwestie. De vergoeding voor waardevermeerdering is verschuldigd door de eigenaar van de betrokken grond en komt ten goede aan de gemeente. Het eerste en het tweede lid gelden met behoud van de toepassing van artikel 13, Ş 5.
§ 2. De waardevermindering of de waardevermeerdering wordt vastgesteld door een landmeter-expert, aangesteld door de gemeente. Bij betwisting door de eigenaar wordt de waardevermindering of de waardevermeerdering vastgesteld door een college dat bestaat uit de landmeter-expert die de gemeente heeft aangesteld en een landmeter-expert die de eigenaar aanstelt. Bij de berekening van de waardevermindering of de waardevermeerdering wordt onder meer rekening gehouden met het verschil in venale waarde, de gelijke
behandeling van burgers voor de openbare lasten opgelegd in het kader van het algemeen belang, de bestaande openbare en private erfdienstbaarheden, en de vigerende overheidsbesluiten over het grondgebruik. De waardevermeerdering wordt geacht nihil te zijn als de gemeenteweg in de feiten verdwenen is, omdat infrastructuren door of in opdracht van de overheid zijn aangelegd of omdat de gemeenteweg werd bebouwd krachtens een rechtsgeldige, niet-vervallen vergunning die werd verleend vóór 1 september 2019. Waardeverminderingen en waardevermeerderingen ingevolge wijzigingen of verplaatsingen van een gemeenteweg op een goed van dezelfde eigenaar door de toepassing van dit decreet worden geacht elkaar te neutraliseren.
§ 3. De gemeenteraad kan de principes en bepalingen van paragraaf 2 verder verfijnen en aanvullen in een algemeen reglement of richtkader, waarbij het recht op tegenspraak wordt gewaarborgd.
§ 4. Dit artikel doet geen afbreuk aan de mogelijkheid voor vergunningverlenende overheden tot het opleggen van de last tot gratis overdracht van in een vergunningsaanvraag vermelde openbare wegen en aanhorigheden en van de gronden waarop die worden of zullen worden aangelegd, vermeld in artikel 75, derde lid, van het decreet van 25/04/2014 betreffende de omgevingsvergunning.
De aanvraag omvat een situatieschets van de af te schaffen buurtweg (bijlage: "Molenheiken 32 - situatie voetweg 148.pdf") met een duidelijke, grafisch ondersteunde beschrijving van de historische en van de bestaande situatie, met o.a. uittreksels uit de Atlas der Buurtwegen, luchtfoto, foto's die het niet meer aanwezig zijn van de buurtweg en de in onbruik geraakte status ter plekke (op verschillende locaties en met behulp van o.a. de erfgoed-app) duidelijk aantonen en illustreren.
In de motivatienota bij de omgevingsvergunningsaanvraag (Motivatie.pdf) wordt de opheffing en motivatie hiertoe eveneens vermeld: "Ook wensen wij van de gelegenheid gebruik te maken om, samen met deze aanvraag, een opheffing te vragen van voetweg nummer 148. Uit bijgevoegde situatieschets zal blijken dat deze niet meer zichtbaar is, reeds meer dan 30 (zelfs meer dan 40 jaar) niet meer in gebruik is en ook geen nut meer heeft."
Openbaar onderzoek
Cfr. artikel 17 van het OVD is de gewone vergunningsprocedure van toepassing voor projecten waarvoor met toepassing van artikel 31 een beslissing van de gemeenteraad vereist is over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg. Als de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg wordt opgenomen in een omgevingsvergunning, dan spelen enkel de procedureregels van het Omgevingsvergunningendecreet. Dit betekent dat niet de regels van het openbaar onderzoek over rooilijnplannen (artikel 17 Gemeentewegendecreet) gevolgd worden, maar de regels over het openbaar onderzoek inzake omgevingsvergunningsaanvragen (OVD artikel 16 e.v.).
Het openbaar onderzoek werd georganiseerd van 06/03/2026 t.e.m. 04/04/2026.
Er werden geen bezwaarschriften ingediend.
Adviezen
Als, met toepassing van artikel 12, §2,van het gemeentewegendecreet, de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg wordt opgenomen in een omgevingsvergunning, spelen de procedureregels van het omgevingsvergunningendecreet (in afwijking van artikel 11 van het gemeentewegendecreet). Dit houdt in dat advies gevraagd moet worden aan de adviesinstanties, bepaald in artikel 35 van het Omgevingsvergunningenbesluit.
Volgende adviezen werden ontvangen:
- Gemeentelijke dienst Wegen: Geen bezwaar (zie bijlage "advies_wegendienst_geen-bezwaar.pdf" voor volledige versie met afbeeldingen)
Het advies wordt als volgt samengevat:
Vanuit de wegendienst is er in principe geen bezwaar.
Wel één opmerking; de meeste percelen in de buurt van de weg zijn eigendom van meneer Anthonissen en zijn vrouw, met uitzondering van één bebost perceel.
Gelet op de landbouwactiviteiten van meneer Anthonissen is het waarschijnlijk dat de weg volledig zal verdwijnen wanneer hij wordt afgeschaft. Het lijkt ons aangewezen om te bekijken of de wegenis voor de andere eigenaars noodzakelijk is om hun perceel te bereiken. Dit perceel is in feite ingesloten tussen de percelen van meneer Anthonissen, de ‘Hoge Brug’ en de Wehagenbeek. Het is dus goed mogelijk dat dit effectief de enige toegangsweg is.
- Gemeentelijke dienst Mobiliteit: Geen bezwaar
geen aanvullingen op het advies van de gemeentelijke wegendienst
- Agentschap voor Landbouw en Zeevisserij: Gunstig (zie bijlage "AD_2026_001462_v1.pdf")
Het Agentschap Landbouw en Zeevisserij heeft uw in het onderwerp vermelde adviesaanvraag vanuit landbouwkundig
standpunt onderzocht en formuleert er volgend advies bij.
De aanvraag betreft het verlengen van een bestaande overwelving zodat de draaicirkel voor het zwaar verkeer vergroot
wordt. Bijkomend wordt er ook de opheffing van een voetweg gevraagd.
Het project ligt volgens het gewestplan binnen ‘0900 – agrarische gebieden’, herbevestigd agrarisch gebied (HAG).
Het Agentschap Landouw en zeevisserij heeft geen bezwaren bij de voorliggende aanvraag. De agrarische structuur wordt
niet aangetast.
- Dienst Integraal Waterbeleid: Geen bezwaar
Uiteraard dient ten allen tijde voldaan te zijn aan de bepalingen in de Gewestelijke Stedenbouwkundige Verordening Hemelwater en het Decreet Integraal Waterbeleid, met (indien van toepassing) specifieke aandacht voor de geldende afstandsregels met betrekking tot de waterloop (zie https://www.provincieantwerpen.be/aanbod/dlm/dienst-integraal-waterbeleid/wonen-of-werken-langs-een-waterloop.html). Voor werken aan een waterloop van 2e categorie dient ten allen tijde een vergunning en/of machtiging te worden aangevraagd.
Decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning.
Besluit van de Vlaamse regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning en haar bijlagen.
Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning van 27 november 2015.
Decreet houdende de gemeentewegen van 3 mei 2019, datum inwerkingtreding 1 september 2019.
Atlas der buurtwegen voor de gemeente Brecht, wet van 10 april 1841.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
Het Gemeentewegendecreet bepaalt dat gemeentewegen enkel opgeheven kunnen worden door een beslissing van de Gemeenteraad en niet langer door niet-gebruik (GWD art. 14).
De Gemeenteraad beslist over elke afschaffing van een gemeenteweg (GWD art. 8).
De Gemeenteraad is bevoegd op basis van artikel 40-41 van het Decreet Lokaal Bestuur.
In de beslissing over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van de gemeenteweg kan de Gemeenteraad voorwaarden opleggen en lasten verbinden, die de bevoegde overheid (i.c. de Deputatie van de provincie Antwerpen) in de eventuele vergunning opneemt (art.70 en 75 GWD, art.31 en 65 OVD).
De aanvraag tot gedeeltelijke afschaffing van buurtweg (voetweg) nr. 148 ter hoogte van de projectlocatie Molenheiken 32 en ZN (844c, 846e, 859e, 860a, 861a, 862, 863, 869a, 870d) te 2960 Brecht in functie van de omgevingsvergunning voor uitbreiden van de baangrachtoverwelving bij een landbouwbedrijf gelegen Molenheiken 32, (OMV_2026025773 - OMV2026/90) wordt ter besluit voorgelegd aan de gemeenteraad.
De gemeenteraad houdt bij haar beslissing verder rekening met volgende principes (art. 4 GWD):
1° wijzigingen van het gemeentelijk wegennet staan steeds ten dienste van het algemeen belang;
2° een wijziging, verplaatsing of afschaffing van een gemeenteweg is een uitzonderingsmaatregel die afdoende wordt gemotiveerd;
3° de verkeersveiligheid en de ontsluiting van aangrenzende percelen worden steeds in acht genomen;
4° wijzigingen aan het wegennet worden zo nodig beoordeeld in een gemeentegrensoverschrijdend perspectief;
5° bij de afweging voor wijzigingen aan het wegennet wordt rekening gehouden met de actuele functie van de gemeenteweg, zonder daarbij de behoeften van de toekomstige generaties in het gedrang te brengen. Daarbij worden de ruimtelijke behoeften van de verschillende maatschappelijke activiteiten gelijktijdig tegen elkaar afgewogen.
Gelet op de actuele situatie en gebruik van deze gemeenteweg (de facto onderbroken, reeds deels afgeschaft, en in onbruik geraakt);
aangezien er voor de verkeersveiligheid als dusdanig niets verandert;
aangezien er geen gemeentegrensoverschrijdende gevolgen zijn;
aangezien en er geen negatieve impact is voor de lokale en bovenlokale weggebruiker of het algemeen belang;
aangezien er geen bezwaarschriften werden ingediend inzake voorliggende gedeeltelijke afschaffing van de voetweg;
kan geoordeeld worden dat deze principes niet geschonden worden.
Cfr. artikel 32.§ 6 van het Gemeentewegendecreet kan een vergunning voor aanvragen met aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg pas verleend worden, na goedkeuring over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van de gemeenteweg door de gemeenteraad.
Tegen de beslissing van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan een georganiseerd administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse Regering. Het beroep dient gepaard te gaan met een beroep tegen de vergunningsbeslissing (bij de overheid, bevoegd voor beroepen tegen een vergunningsaanvraag).
Toelichting wordt gegeven door schepen R. Ruelens.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 14.37 minuten tot en met 15.12 minuten.
Artikel 1
De gemeenteraad besluit tot de opheffing van buurtweg (voetweg) nr. 148 ter hoogte van de exploitatie/projectlocatie Molenheiken 32 te 2960 Brecht, volgens het grafische plan "Molenheiken 32-Voetweg.pdf" opgesteld, opgemeten en in plan gebracht door dhr. Bart Verhoeven, beëdigd Landmeter (LAN 05 1179) op 04/02/2026, zoals gevoegd bij de omgevingsvergunningsaanvraag met gemeentelijk kenmerk OMV2026/90 (kenmerk omgevingsloket: OMV_2026025773). Dit grafisch plan wordt definitief vastgesteld.
Artikel 2
De gedeeltelijke afschaffing van buurtweg nr. 148 cfr. het vastgestelde grafische plan wordt opgenomen in het gemeentelijk wegenregister.
Artikel 3
Het besluit van de gemeenteraad wordt toegevoegd aan het omgevingsvergunningendossier met gemeentelijk kenmerk OMV2026/99 (kenmerk omgevingsloket: OMV_2026025773) en bezorgd aan de dienst Omgeving.
Artikel 4
Tegen de beslissing van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg kan een georganiseerd administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse Overheid overeenkomstig art. 24 en 25 van het Decreet houdende de Gemeentewegen van 3 mei 2019. Het beroep dient gepaard te gaan met een beroep tegen de vergunningsbeslissing (bij de overheid, bevoegd voor beroepen tegen een vergunningsaanvraag).
Cfr. Gemeentewegendecreet artikel 17 § 4 dienen de opmerkingen en de bezwaren uiterlijk de laatste dag van het openbaar onderzoek schriftelijk of digitaal aan het gemeentebestuur bezorgd te worden. De deputatie en het departement bezorgen het gemeentebestuur binnen de termijn, vermeld in het eerste lid, een advies over de overeenstemming van het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan met de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4. Als er geen advies is verleend binnen die termijn, mag aan de adviesvereiste worden voorbijgegaan.
Bezwaren
Er werden géén bezwaren ontvangen naar aanleiding van het georganiseerde openbaar onderzoek dat liep van 18 maart 2026 t.e.m. 17 april 2026.
Adviezen/opmerkingen n.a.v. de afzonderlijke mededeling
Volgende adviezen of terugkoppelingen werden ontvangen naar aanleiding van de afzonderlijke mededelingen:
- Agentschap voor Wegen en Verkeer (District Brecht) - ontvangen op 25 maart 2026
"U hebt het Agentschap Wegen en Verkeer het ontwerp van het rooilijnplan voor Steenweg Withof bezorgd. Het AWV heeft deze bekeken en heeft geen verdere opmerkingen."
- Dienst Mobiliteit provincie Antwerpen - ontvangen op 3 april 2026
"De provincie Antwerpen heeft geen opmerkingen bij het rooilijnplan Steenweg Withof te Brecht."
https://www.provincieantwerpen.be/sites/koepelsite/files/publicaties/open-data/deputatie/2026/2026-04-02/db_2026-04-02.html
- Vervoersmaatschappij De Lijn - niet (tijdig) ontvangen
Op het moment van afsluiten van de voorbereidende agenda van de gemeenteraad op 23 april 2026, werd geen bericht/advies ontvangen van Vervoersmaatschappij De Lijn. De adviestermijn liep tot en met 17 april 2026.
Indien dit alsnog bezorgd wordt voor de zitting van de gemeenteraad d.d. 7 mei 2026, wordt het advies nog ter kennisgeving doorgestuurd naar de leden van de gemeenteraad en/of toegevoegd aan het agendapunt.
- Vlaamse overheid DEPARTEMENT MOBILITEIT & OPENBARE WERKEN (MOW) - niet (tijdig) ontvangen
Op het moment van afsluiten van de voorbereidende agenda van de gemeenteraad op 23 april 2026, werd geen bericht/advies ontvangen van het departement MOW (via Loket Lokaal Bestuur). De adviestermijn liep tot en met 17 april 2026.
Indien dit alsnog bezorgd wordt voor de zitting van de gemeenteraad d.d. 7 mei 2026, wordt het advies nog doorgestuurd ter kennisgeving naar de leden van de gemeenteraad en/of toegevoegd aan het agendapunt.
Rioolbeheerder PIDPA plant in Steenweg Withof weg- en rioleringswerken (aanleg gescheiden riolering, heraanleg rijweg in waterdoorlatende betonstraatstenen).
De aanleg van riolering met scheiding van afvalwater en regenwater belangt iedereen aan en dient ontegensprekelijk het maatschappelijk en algemeen belang.
De aanleg en beheer van riool- en regenwaterinfrastructuur en de integratie in de volledige publieke ruimte zijn cruciaal bij het voorkomen van wateroverlast en watertekort, en bij de klimaatadaptatie aan extremere weersomstandigheden. Zuivering van het afvalwater is nodig om de waterkwaliteit te verbeteren, en het leven in de waterlopen en de biodiversiteit te behouden.
Het openbaar domein van Steenweg Withof is nog niet aan de gemeente werd overgedragen. De gemeente dient van de betrokken private eigenaars de nodige stroken grond te verwerven. Zodoende kan de rooilijn worden gerealiseerd en kunnen de geplande weg- en rioleringswerken uitgevoerd worden.
Er zijn drie partijen. Twee ervan zijn akkoord met een gratis grondafstand. De derde partij (eigenaars van vrijwel de gehele rijbaan Steenweg Withof) heeft niet gereageerd op communicatie vanuit de gemeente. Het betreft vrijwel de gehele rijweg Steenweg Withof tussen de Beukenlei en de kruising met de Wouwlaan en verder gedeelte Steenweg Withof, kadastraal perceel afd. 1 sectie M 2H8, met een oppervlakte van 424 m², gekend als aard: "weg".
Gezien de gemeente op geen andere manier de eigenaars van het betrokken perceel gelegen in openbaar domein heeft kunnen contacteren, werd geopteerd om via de procedure van 30 jaar publiek gebruik het perceel in te lijven in openbaar domein. Het van rechtswege ontstaan van een publiek recht van doorgang op basis van de beslissing, geeft geen aanleiding tot een vergoedingsplicht. Dit omdat erfdienstbaarheden van openbaar nut pas compensatieplichtig zijn als ze het normale maatschappelijke risico te boven gaan. De eigenaar heeft 30 jaar of meer een publiek gebruik toegestaan. Dan kan geen sprake zijn van het raken van het normale maatschappelijk risico.
In de zitting van 3 februari 2026 heeft het college van burgemeester en schepenen zich akkoord verklaard met het principe van erkenning als gemeenteweg op grond van 30-jarig gebruik en de gemeenteraad verzocht tot het nemen van het initiatiefrecht tot erkenning als gemeenteweg op grond van 30-jarig gebruik.
Om de grondstrook te erkennen als gemeenteweg verloopt de procedure in meerdere stappen:
- De gemeenteraad neemt de grondstrook in aanmerking als gemeenteweg waarbij hij een discretionaire bevoegdheid uitoefent.
- Het college van burgemeester en schepenen stelt op verzoek van de gemeenteraad een ontwerp van rooilijnplan op, dat de gemeenteraad voorlopig vaststelt.
- Het organiseren van een openbaar onderzoek over het ontwerp van het rooilijnplan.
- De beoordeling van de ingediende bezwaarschriften en de definitieve vaststelling van het rooilijnplan door de gemeenteraad.
Door de definitieve vaststelling wordt de grondstrook pas als gemeenteweg erkend.
In de zitting van de gemeenteraad van 12 februari 2026 werd het initiatief genomen tot erkenning als gemeenteweg van de grondstrook Steenweg Withof op grond van langdurig (30-jarig) publiek gebruik.
De gemeenteraad belastte het college van burgemeester en schepenen met de opmaak van een gemeentelijk rooilijnplan voor Steenweg Withof en met de vrijwaring en het beheer van de weg volgens art. 13 §2 van het decreet houdende de Gemeentewegen van 3 mei 2019.
In de zitting van de gemeenteraad van 12 maart 2026 werd het ontwerp rooilijnplan Steenweg Withof, opgemaakt door beëdigd landmeter-expert Marc Van Opstal (landmeters- en studiebureau Van Opstal bvba, ingeschreven onder nr. LAN040475), voorlopig vastgesteld.
Het ontwerp-rooilijnplan bevat:
- de actuele en toekomstige rooilijn van de gemeenteweg;
- de kadastrale vermelding van de sectie, de nummers en de oppervlakte van de getroffen kadastrale percelen en onroerende goederen;
- de naam van de eigenaars van de getroffen kadastrale percelen en onroerende goederen volgens kadastrale gegevens of andere gegevens die voor het gemeentebestuur beschikbaar zijn.
Het grafische plan bevat naast deze procedureel vastgelegde gegevens (artikel 16 van het gemeentewegendecreet) ook o.a. een tabel van meer- en minwaarde (nihil).
Het ontwerp voldoet aan alle technische vereisten cfr. het gemeentewegendecreet.
Cfr. artikel 17 van het gemeentewegendecreet:
Het college van burgemeester en schepenen onderwerpt het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan aan een openbaar onderzoek dat binnen een ordetermijn van dertig dagen na de voorlopige vaststelling, minstens wordt aangekondigd door:
1° aanplakking aan het gemeentehuis en ter plaatse, minstens aan het begin- en eindpunt van het nieuwe, gewijzigde of verplaatste wegdeel;
2° een bericht op de website van de gemeente of in het gemeentelijk infoblad;
3° een bericht in het Belgisch Staatsblad;
4° een afzonderlijke mededeling die met een beveiligde zending wordt gestuurd naar de woonplaats van de eigenaars van de onroerende goederen die zich bevinden in het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan;
5° een afzonderlijke mededeling aan de aanpalende gemeenten, als de weg paalt aan de gemeentegrens en deel uitmaakt van een gemeentegrensoverschrijdende verbinding;
6° een afzonderlijke mededeling aan de deputatie en het departement;
7° een afzonderlijke mededeling aan de beheerders van aansluitende openbare wegen;
8° een afzonderlijke mededeling aan de maatschappijen van openbaar vervoer.
De aankondiging, vermeld in het eerste lid, vermeldt minstens:
1° de locatie waar de beslissing tot voorlopige vaststelling en het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan ter inzage liggen;
2° de begin- en einddatum van het openbaar onderzoek;
3° het adres waar de opmerkingen en bezwaren naartoe gestuurd moeten worden of worden afgegeven, en de te volgen formaliteiten.
Na de aankondiging wordt het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan gedurende dertig dagen ter inzage gelegd in het gemeentehuis en gepubliceerd op de gemeentelijke website.
De opmerkingen en de bezwaren worden uiterlijk de laatste dag van het openbaar onderzoek schriftelijk of digitaal aan het gemeentebestuur bezorgd.
De deputatie en het departement bezorgen het gemeentebestuur binnen de termijn, vermeld in het eerste lid, een advies over de overeenstemming van het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan met de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4. Als er geen advies is verleend binnen die termijn, mag aan de adviesvereiste worden voorbijgegaan.
Openbaar onderzoek
De beslissing tot voorlopige vaststelling van het rooilijnplan voor Steenweg Withof werd gedurende een periode van 30 dagen onderworpen aan een openbaar onderzoek.
Er werd een openbaar onderzoek georganiseerd cfr. de bepalingen van het gemeentewegendecreet vanaf woensdag 18 maart 2026 t.e.m. vrijdag 17 april 2026.
Het openbaar onderzoek werd aangekondigd door :
- aanplakking aan het gemeentehuis (glazen kastje)
- aanplakking ter plaatse, aan het begin- en eindpunt van het betrokken deel van Steenweg Withof
- een bericht op de website van de gemeente (Bekendmaking Openbaar onderzoek - voorlopige vaststelling rooilijnplan Steenweg Withof - 17 maart 2026 ; https://www.brecht.be/download/zoKM1/Bekendmaking%20openbaar%20onderzoek%20-%20affiche.pdf )
- een bericht in het Belgisch Staatsblad (https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article.pl?language=nl&sum_date=2026-03-18&lg_txt=N&numac_search=2026700645 )
- een afzonderlijke mededeling die met een beveiligde zending werd gestuurd naar de woonplaats van de eigenaars van de onroerende goederen die zich bevinden in het ontwerp van het gemeentelijk rooilijnplan
- een afzonderlijke mededeling aan de Deputatie van de provincie Antwerpen
- een afzonderlijke mededeling aan het Departement Mobiliteit en Openbare Werken
- een afzonderlijke mededeling aan Agentschap van Wegen en Verkeer als beheerder van aansluitende openbare weg Beukenlei
- een afzonderlijke mededeling aan de maatschappij van openbaar vervoer, i.c. "De Lijn".
Gedurende de periode van het openbaar onderzoek lag het ontwerp van het gemeentelijk rooilijnplan Steenweg Withof ter inzage in het gemeentehuis en gepubliceerd op de gemeentelijke website (https://www.brecht.be/download/zmAO4/228180_Rooilijnplan_Steenweg%20op%20Withof.pdf )
Het openbaar onderzoek werd in het analoge dossier en in de digitale bekendmaking op de gemeentelijke website (o.a.) gedocumenteerd aan de hand van de besluiten van de Gemeenteraad van 12 februari 2026 en 12 maart 2026.
https://www.brecht.be/download/nWWV1/Uittreksel_GR_20260212_steenweg_Withof.pdf
https://www.brecht.be/download/RaXbp/Uittreksel_GR_20260312_steenweg_Withof-voorlopige-vaststelling.pdf
Er zijn geen wettelijke procedures voorzien voor het erkennen van het 30-jarig publiek gebruik van een grondstrook.
Het is in het kader van een behoorlijk bestuur wenselijk dat er een openbaar onderzoek georganiseerd wordt.
Daarom werd dit aspect meegenomen in het openbaar onderzoek gehouden van 18 maart tot en met 17 april 2026 voor het ontwerp van het rooilijnplan Steenweg Withof.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen: de gemeenteraad is bevoegd op basis van artikels 40-41.
Decreet houdende de Gemeentewegen van 3 mei 2019, specifiek:
Afdeling 1. Algemene beginselen (... - ...)
Artikel 13. (01/09/2019 - ... )
§ 1. Grondstroken waarvan met enig middel van recht bewezen wordt dat ze gedurende de voorbije dertig jaar door het publiek werden gebruikt, kunnen in aanmerking komen als gemeenteweg. De toegankelijkheid van private wegen, vermeld in artikel 12septies, § 1, van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu, geldt niet als bewijs van een dertigjarig gebruik door het publiek.
§ 2. De gemeenteraad die op eigen initiatief of op grond van een verzoekschrift vaststelt dat een grondstrook gedurende de voorbije dertig jaar door het publiek gebruikt werd, belast het college van burgemeester en schepenen met de opmaak van een rooilijnplan, en met de vrijwaring en het beheer van de weg overeenkomstig de in dit decreet opgenomen instrumenten en handhavingsbevoegdheden. De vaststelling door de gemeenteraad van een dertigjarig gebruik door het publiek heeft van rechtswege de vestiging van een publiek recht van doorgang tot gevolg.
§ 3. Voor de toepassing van paragraaf 2 kan eenieder een verzoekschrift indienen bij de voorzitter van de gemeenteraad of het college van burgemeester en schepenen. Dat verzoekschrift wordt schriftelijk ingediend, en bevat een toelichting en de nodige bewijsmiddelen over het dertigjarige gebruik door het
publiek.§ 4. Als het dertigjarige gebruik door het publiek is vastgesteld in een uitvoerbare rechterlijke uitspraak, vloeien de verplichting tot de opmaak van een rooilijnplan en de vestiging van een publiekrecht van doorgang rechtstreeks uit die uitspraak voort.
§ 5. Als de gemeente met betrekking tot een grondstrook al dertig jaar bezitshandelingen heeft gesteld waaruit de wil van de gemeente om eigenaar te worden van de wegbedding duidelijk tot uiting komt, dan is de gemeenteraad ertoe gerechtigd om de grondstrook zonder financiële vergoeding op te nemen in het openbaar domein, zonder toepassing van artikel 28. Voor de toepassing van het eerste lid worden onder meer het aanbrengen van een duurzame wegverharding over het geheel of over een substantieel deel van de weg of het aanbrengen van openbare verlichting als bezitshandelingen beschouwd.
Afdeling 2. Procedurele bepalingen over gemeentelijke rooilijnplannen (... - ...)
Artikel 16. ( 01/09/2019 - ... )
§ 1. Het college van burgemeester en schepenen neemt de nodige maatregelen voor de opmaak van de gemeentelijke rooilijnplannen.
§ 2. Het gemeentelijk rooilijnplan bevat minstens de volgende elementen:
1° de actuele en toekomstige rooilijn van de gemeenteweg;
2° de kadastrale vermelding van de sectie, de nummers en de oppervlakte van de getroffen kadastrale percelen en onroerende goederen;
3° de naam van de eigenaars van de getroffen kadastrale percelen en onroerende goederen volgens kadastrale gegevens of andere gegevens die voor het gemeentebestuur beschikbaar zijn.
Een gemeentelijk rooilijnplan kan ook een achteruitbouwstrook vastleggen.
§ 3. In voorkomend geval bevat het rooilijnplan de volgende aanvullende elementen:
1° een berekening van de eventuele waardevermindering of waardevermeerdering van de gronden ten gevolge van de aanleg, wijziging of verplaatsing van een gemeenteweg overeenkomstig artikel 28;
2° de nutsleidingen die door de wijziging of verplaatsing van de gemeenteweg op private eigendom zullen liggen.
§ 4. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de vorm en de inhoud van een gemeentelijk rooilijnplan.
Artikel 17. ( 01/09/2019 - ... )
§ 1. De gemeenteraad stelt het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan voorlopig vast.
§ 2. Het college van burgemeester en schepenen onderwerpt het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan aan een openbaar onderzoek dat binnen een ordetermijn van dertig dagen na de voorlopige vaststelling, vermeld in paragraaf 1, minstens wordt aangekondigd door:
1° aanplakking aan het gemeentehuis en ter plaatse, minstens aan het begin- en eindpunt van het nieuwe, gewijzigde of verplaatste wegdeel;
2° een bericht op de website van de gemeente of in het gemeentelijk infoblad;
3° een bericht in het Belgisch Staatsblad;
4° een afzonderlijke mededeling die met een beveiligde zending wordt gestuurd naar de woonplaats van de eigenaars van de onroerende goederen die zich bevinden in het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan;
5° een afzonderlijke mededeling aan de aanpalende gemeenten, als de weg paalt aan de gemeentegrens en deel uitmaakt van een gemeentegrensoverschrijdende verbinding;
6° een afzonderlijke mededeling aan de deputatie en het departement;
7° een afzonderlijke mededeling aan de beheerders van aansluitende openbare wegen;
8° een afzonderlijke mededeling aan de maatschappijen van openbaar vervoer.
De aankondiging, vermeld in het eerste lid, vermeldt minstens:
1° de locatie waar de beslissing tot voorlopige vaststelling en het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan ter inzage liggen;
2° de begin- en einddatum van het openbaar onderzoek;
3° het adres waar de opmerkingen en bezwaren naartoe gestuurd moeten worden of worden afgegeven, en de te volgen formaliteiten.
§ 3. Na de aankondiging wordt het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan gedurende dertig dagen ter inzage gelegd in het gemeentehuis en gepubliceerd op de gemeentelijke website.
§ 4. De opmerkingen en de bezwaren worden uiterlijk de laatste dag van het openbaar onderzoek schriftelijk of digitaal aan het gemeentebestuur bezorgd.
De deputatie en het departement bezorgen het gemeentebestuur binnen de termijn, vermeld in het eerste lid, een advies over de overeenstemming van het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan met de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4. Als er geen advies is verleend binnen die termijn, mag aan de adviesvereiste worden voorbijgegaan.
§ 5. De gemeenteraad stelt binnen zestig dagen na het einde van het openbaar onderzoek het gemeentelijk rooilijnplan definitief vast.
Bij de definitieve vaststelling van het gemeentelijk rooilijnplan kunnen ten opzichte van het voorlopig vastgestelde gemeentelijk rooilijnplan alleen wijzigingen worden aangebracht die gebaseerd zijn op de bezwaren en opmerkingen die tijdens het openbaar onderzoek zijn geformuleerd, of eruit voortvloeien.
De definitieve vaststelling van het gemeentelijk rooilijnplan kan geen betrekking hebben op delen van het grondgebied die niet opgenomen zijn in het voorlopig vastgestelde gemeentelijk rooilijnplan.
§ 6. Als het rooilijnplan niet definitief wordt vastgesteld binnen de termijn, vermeld in paragraaf 5, vervalt het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan.
Algemeen nut
Rioolbeheerder PIDPA plant in Steenweg Withof weg- en rioleringswerken.
De aanleg en beheer van riool- en regenwaterinfrastructuur en de integratie in de volledige publieke ruimte zijn cruciaal bij het voorkomen van wateroverlast en watertekort, en bij de klimaatadaptatie aan extremere weersomstandigheden. Zuivering van het afvalwater is nodig om de waterkwaliteit te verbeteren, en het leven in de waterlopen en de biodiversiteit te behouden.
De Europese kaderrichtlijn water legt een goede kwaliteit van de waterlopen op. Er wordt gestreefd naar het maximaal aanleggen van een gescheiden rioleringsstelsel bij de aanleg of heraanleg van rioleringen. Dit wil zeggen dat het afval- en regenwater via twee aparte systemen (DWA (droogweerafvoer of afvalwater) en RWA (regenwaterafvoer) wordt afgevoerd. Het afvalwater loopt richting rioolwaterzuiveringsinstallatie, waar het water wordt gezuiverd. Het regenwater wordt naar de grachten en/of waterlopen afgevoerd.
Het algemeen nut van riolering is af te leiden uit het feit dat het naast elektriciteit, water, gas, kabeltelevisie, enz. wordt beschouwd als een openbare nutsvoorziening. De aanleg van riolering draagt bij tot een beter leefmilieu en tot de realisatie van de Europese doelstelling.
De aanleg van riolering met scheiding van afvalwater en regenwater belangt iedereen aan en dient ontegensprekelijk het maatschappelijk en algemeen belang.
Het openbaar domein van Steenweg Withof is nog niet aan de gemeente werd overgedragen. De gemeente dient van de betrokken private eigenaars de nodige stroken grond te verwerven. Zodoende kan de rooilijn worden gerealiseerd en kunnen de geplande weg- en rioleringswerken uitgevoerd worden.
Noodzaak
De aanleg van rioleringen gebeurt in principe op openbaar domein. De scheiding tussen het openbaar en het privaat domein wordt bepaald door de rooilijn. Deze rooilijnen worden - voor zover ze nog niet bestaan - gerealiseerd of aangepast in het kader van infrastructuurwerken en rioleringsdossiers.
De gemeente houdt bij de inrichting van haar openbaar domein rekening met de bestaande toestand.
De structuur, de samenhang en de toegankelijkheid van het gemeentelijk wegennet blijft gehandhaafd.
Hoogdringendheid
De gemeente Brecht werkt gestaag verder aan de verhoging van de rioleringsgraad. Om te kunnen voldoen aan de Europese normen moet versneld werk worden gemaakt het verhogen van de rioleringsgraad. Afhankelijk van gesubsidieerde projecten (toewijzing door de Vlaamse Milieu Maatschappij) worden daarom verschillende rioleringsprojecten gepland. Omwille van het feit dat rioleringswerken in principe enkel kunnen worden uitgevoerd op openbaar domein, is grondoverdracht noodzakelijk. Deze omstandigheden kunnen dan ook als hoogdringend worden omschreven.
Er zijn drie partijen. Twee ervan zijn akkoord met een gratis grondafstand. De derde partij (eigenaars van vrijwel de gehele rijbaan Steenweg Withof) heeft niet gereageerd op communicatie vanuit de gemeente. Het betreft vrijwel de gehele rijweg Steenweg Withof tussen de Beukenlei en de kruising met de Wouwlaan en verder gedeelte Steenweg Withof, kadastraal perceel afd. 1 sectie M 2H8, met een oppervlakte van 424 m², gekend als aard: "weg". Gezien de gemeente op geen andere manier de eigenaars van het betrokken perceel gelegen in openbaar domein heeft kunnen contacteren, werd geopteerd om via de procedure van 30 jaar publiek gebruik het perceel in te lijven in openbaar domein. Het van rechtswege ontstaan van een publiek recht van doorgang op basis van de beslissing, geeft geen aanleiding tot een vergoedingsplicht. Dit omdat erfdienstbaarheden van openbaar nut pas compensatieplichtig zijn als ze het normale maatschappelijke risico te boven gaan. De eigenaar heeft 30 jaar of meer een publiek gebruik toegestaan. Dan kan geen sprake zijn van het raken van het normale maatschappelijk risico.
Dertigjarig publiek gebruik grondstrook
De gemeenteraad bepaalt een minimaal dertigjarig gebruik van een grondstrook door het publiek. Dit heeft meteen en automatisch tot gevolg dat er een publieke erfdienstbaarheid van doorgang ontstaat (artikel 13 § 2 lid 2 GWD).
Het van rechtswege ontstaan van een publiek recht van doorgang op basis van de beslissing, geeft geen aanleiding tot een vergoedingsplicht. Dit omdat erfdienstbaarheden van openbaar nut pas compensatieplichtig zijn als ze het normale maatschappelijke risico te boven gaan. De eigenaar heeft 30 jaar of meer een publiek gebruik toegestaan. Dan kan geen sprake zijn van het raken van het normale maatschappelijk risico.
Definitieve vaststelling rooilijnplan
Het ontwerp van rooilijnplan Steenweg Withof wordt voor definitieve beraadslaging en vaststelling aan de gemeenteraad voorgelegd.
Door de definitieve vaststelling wordt de grondstrook pas als gemeenteweg erkend.
De gemeenteraad dient binnen zestig kalenderdagen na het einde van het openbaar onderzoek het gemeentelijk rooilijnplan definitief vast te stellen (vervaltermijn).
Bij de definitieve vaststelling van het gemeentelijk rooilijnplan kunnen ten opzichte van het voorlopig vastgestelde gemeentelijk rooilijnplan alleen wijzigingen worden aangebracht die gebaseerd zijn op de bezwaren en opmerkingen die tijdens het openbaar onderzoek zijn geformuleerd, of eruit voortvloeien.
De definitieve vaststelling van het gemeentelijk rooilijnplan kan geen betrekking hebben op delen van het grondgebied die niet opgenomen zijn in het voorlopig vastgestelde gemeentelijk rooilijnplan.
Als het rooilijnplan niet definitief wordt vastgesteld binnen de termijn, vervalt het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan (art. 17 §6 en art. 21 §6 Gemeentewegendecreet).
Verder verloop van de procedure na de definitieve vaststelling
Cfr. art. 18 van het gemeentewegendecreet wordt het besluit van de gemeenteraad tot definitieve vaststelling van het gemeentelijk rooilijnplan onmiddellijk na de definitieve vaststelling gepubliceerd op de gemeentelijke website, en aangeplakt bij het gemeentehuis en ter plaatse, minstens aan het begin- en eindpunt van het nieuwe, gewijzigde of verplaatste wegdeel.
Het college van burgemeester en schepenen brengt iedereen die in het kader van het openbaar onderzoek een standpunt, opmerking of bezwaar heeft ingediend met een beveiligde zending op de hoogte van het besluit van de gemeenteraad tot definitieve vaststelling van het gemeentelijk rooilijnplan. Het rooilijnplan wordt samen met het besluit van de gemeenteraad tot definitieve vaststelling van het gemeentelijk rooilijnplan onmiddellijk na de definitieve vaststelling met een beveiligde zending bezorgd aan het Departement en aan de Deputatie van de provincie waarin de gemeente ligt.
Tegen het besluit van de gemeenteraad tot definitieve vaststelling van het gemeentelijk rooilijnplan overeenkomstig artikel 17, § 5, of tegen het besluit van de gemeenteraad tot opheffing van een gemeenteweg overeenkomstig artikel 21, § 5, kan cfr. art. 24 van het gemeentewegendecreet een georganiseerd administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse Regering. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de beslissing in beroep.
Cfr. art. 19 wordt, als de gemeente niet binnen een termijn van dertig dagen op de hoogte is gebracht van een georganiseerd administratief beroep als vermeld in art. 24, het besluit tot definitieve vaststelling van het gemeentelijk rooilijnplan bij uittreksel bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad en gepubliceerd op de gemeentelijke website. Het besluit heeft uitwerking veertien dagen na bekendmaking in het Belgisch Staatsblad, tenzij het vaststellingsbesluit een ander tijdstip van inwerkingtreding bepaalt. Het vaststellingsbesluit kan in het bijzonder bepalen dat het gemeentelijk rooilijnplan pas wordt uitgevoerd vanaf een bepaalde datum of naarmate de aanvragen voor een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen of tot verkavelen worden ingediend.
Toelichting wordt gegeven door schepen D. De Veuster.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 15.13 minuten tot en met 17.10 minuten.
Artikel 1
De gemeenteraad stelt in toepassing van artikel 13 §2 van het gemeentewegendecreet het onafgebroken dertigjarig publiek gebruik van Steenweg Withof tussen de Beukenlei en de Wouwlaan definitief vast.
De vaststelling door de gemeenteraad van het dertigjarig gebruik door het publiek heeft van rechtswege de vestiging van een publiek recht van doorgang tot gevolg.
Artikel 2
De gemeenteraad beslist dat Steenweg Withof tussen de Beukenlei en de Wouwlaan een gemeenteweg wordt in toepassing van artikel 13§1 van het gemeentewegendecreet.
Artikel 3
Het rooilijnplan "Steenweg Withof" van 21 januari 2026 met kenmerk PROJECT K-21-115 - opgemaakt door beëdigd landmeter-expert Marc Van Opstal (landmeters- en studiebureau Van Opstal bvba te Ruisbroek) wordt definitief vastgesteld.
Artikel 4
Dit besluit wordt bekendgemaakt aan het publiek op de volgende manieren:
- publicatie van het besluit op de gemeentelijke website gedurende 30 dagen
- aanplakking van het besluit bij het gemeentehuis en ter plaatse, minstens aan het begin- en eindpunt van het betrokken wegdeel
- verzending van de bekendmaking ter kennisgeving met een beveiligde zending naar iedereen die in het kader van het openbaar onderzoek een standpunt, opmerking of bezwaar heeft ingediend
- verzending van het besluit en de bijbehorende plannen aan de deputatie van de provincie Antwerpen en het departement MOW
Artikel 5
Tegen het besluit van de gemeenteraad tot definitieve vaststelling van het gemeentelijk rooilijnplan overeenkomstig artikel 17, § 5, of tegen het besluit van de gemeenteraad tot opheffing van een gemeenteweg overeenkomstig artikel 21, § 5, kan een georganiseerd administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse Regering volgens de modaliteiten bepaald in artikel 24 van het decreet gemeentewegen van 3 mei 2019.
Departement Mobiliteit en Openbare Werken - Stafdienst
Beroepsprocedure gemeentewegen
Koning Albert II-laan 15 bus 437
1210 Brussel
Artikel 6
De gemeente publiceert het besluit van de gemeenteraad tot definitieve vaststelling van het rooilijnplan/het grafisch plan tot de opheffing van de gemeenteweg in het Belgisch Staatsblad en op de gemeentelijke website:
- hetzij na het verlopen van de beroepstermijn, zonder dat er een beroepsprocedure werd opgestart;
- hetzij na het verwerpen van het beroep door de Vlaamse Regering.
Het besluit heeft uitwerking 14 dagen na de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad.
Artikel 7
Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de aangelanden van Steenweg Withof tussen de Beukenlei en de Wouwlaan, aan de dienst Infrastructuur en de dienst Omgeving.
Juli 2022: De Vlaamse Regering gunt de concessie voor de uitrol van publieke laadpunten (normaal vermogen) aan Engie voor regio Antwerpen.
Juni 2024: De termijn waarbinnen Engie instaat voor de plaatsing van laadpalen wordt met één jaar verlengd tot 7 oktober 2025. De exploitatietermijn van de laadpalen loopt tot 7 oktober 2035.
10 september 2024: Het college van burgemeester en schepenen keurt het aanvullend reglement goed inzake het voorbehouden van parkeerplaatsen voor elektrische personenwagens ter hoogte van de laadpaal in de Kerkhovenakkerlaan A 21.
14 mei 2025: Het college van burgemeester en schepenen keurt de aanvullende reglementen goed inzake het voorbehouden van parkeerplaatsen voor elektrische personenwagens op volgende locaties:
8 juli 2025: Het college van burgemeester en schepenen keurt de aanvullende reglementen goed inzake het voorbehouden van parkeerplaatsen voor elektrische personenwagens op volgende locaties:
26 augustus 2025: Het college van burgemeester en schepenen keurt het aanvullend reglement goed inzake het voorbehouden van parkeerplaatsen voor elektrische personenwagens op de parking Goorhof en DC De Lindenboom, ter hoogte van Kerklei 18.
21 april 2026: Het college van burgemeester en schepenen keurt het aanvullend reglement goed inzake het voorbehouden van parkeerplaatsen voor elektrische personenwagens op de parking Lochtenbergplein, ter hoogte van Platanendreef 2.
Het decreet lokaal bestuur van 22 decemnber 2017.
De wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij koninklijk besluit van 16 maart 1968.
Het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg.
Het ministerieel besluit van 11 oktober 1976 waarbij de minimumafmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald.
Het decreet van 16 mei 2008 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens, en het uitvoeringsbesluit van 23 januari 2009.
De omzendbrief MOB/2009/1 van 3 april 2009.
Het decreet van 16 juni 2021 over zero‑emissievoertuigen en voertuigen aangedreven door alternatieve brandstoffen, artikel 8.
Het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2021 over de laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen, artikel 5.
De Vlaamse overheid organiseert de uitrol van publieke laadinfrastructuur op het openbare domein via een concessie‑opdracht. Alle Vlaamse steden en gemeenten nemen hieraan deel, tenzij zij expliciet beslissen om zelf in te staan voor de publieke laadinfrastructuur.
De uitrol gebeurt vraag‑ en datagestuurd volgens het principe "Paal volgt Wagen". Burgers, ondernemingen en organisaties kunnen via een e‑loket publieke laadpalen aanvragen. Daarnaast kunnen automatisch bijkomende laadpunten worden geplaatst op locaties met een hoge bezettingsgraad en kunnen lokale besturen strategische locaties voorstellen.
Om het correct en exclusief gebruik van deze publieke laadinfrastructuur te garanderen, is het noodzakelijk om parkeerplaatsen specifiek voor te behouden voor elektrische personenwagens die effectief gebruik maken van een laadpaal.
Toelichting wordt gegeven door schepen I. Van Den Heuvel.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 17.11 minuten tot en met 19.46 minuten.
Artikel 1
De gemeenteraad keurt goed dat er telkens twee parkeerplaatsen worden voorbehouden voor elektrische personenwagens die gebruik maken van een laadpaal, en dit uitsluitend voor de duur die nodig is voor het opladen van het voertuig, op volgende locaties:
Artikel 2
Artikel 3
Artikel 4
Artikel 5
De gemeenteraad keurde op 14 mei 2020 de regeling goed inzake de vervanging van de algemeen directeur bij afwezigheid.
Dit besluit is aan een actualisering toe.
Raadslid L. Anthonissen vervoegt de zitting.
De artikelen 171 tot en met 174 betreffende de bevoegdheden van de algemeen directeur, opgenomen in het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017.
Het is noodzakelijk om een regeling uit te werken waarbij een waarnemend algemeen directeur de taken van de algemeen directeur bij diens afwezigheid opneemt.
De gemeenteraad is bevoegd om de vervanging van de algemeen directeur te regelen en wenst deze bevoegdheid uit te oefenen.
Er wordt in elk geval in een waarneming van het ambt van algemeen directeur voorzien als de afwezigheid of verhindering van de algemeen directeur of financieel directeur langer dan honderdtwintig dagen duurt of als het ambt vacant werd verklaard.
Bepaalde taken (zoals het notuleren op de zittingen) zijn voorbehouden voor de algemeen directeur. Voor de goede werking van de diensten en een vlotte besluitvorming is het aangewezen om te voorzien in een vervangingsregeling door de aanstelling van een waarnemend algemeen directeur. De vervanging of verhindering kan zich voordoen om redenen van kortere of langere termijn, bv. bij afwezigheid wegens ziekte, wegens jaarlijkse vakantie,...
Het is aangewezen om ook een regeling te voorzien bij afwezigheid van de vervangende functiehouder. Het is ook noodzakelijk dat in deze - uitzonderlijke - omstandigheden kort op de bal gespeeld kan worden door snelle besluitvorming.
De waarnemend algemeen directeur oefent alle bevoegdheden uit die aan het ambt van algemeen directeur verbonden zijn.
Er wordt geopteerd om functiehouders aan te duiden om de functie van waarnemend algemeen directeur op zich te nemen. Er wordt niet gewerkt met nominatieve aanduidingen.
Enkel functiehouders die lid zijn van het managementteam worden aangeduid als waarnemend algemeen directeur.
De raad voorziet een rangorde. De aangeduide functiehouders worden in volgorde van de voorziene rangorde opgeroepen.
Een vervangend algemeen directeur is een personeelslid van de gemeente. Er werd advies ingewonnen bij het Agentschap binnenlands bestuur en Jurplus.
Indien de gemeente het opportuun acht om een personeelslid van het OCMW als waarnemer aan te stellen, dan zal dit personeelslid eerst moeten worden overgedragen naar de gemeente conform artikel 197 Decreet Lokaal Bestuur. In dit geval moet betrokkene eerst worden overgedragen aan de gemeente vooraleer deze kan worden aangesteld als waarnemend algemeen of financieel directeur.
Een andere optie is dat het personeelslid bij het OCMW onbetaald verlof neemt en dit personeelslid dan via een vervangingscontract wordt aangesteld bij de gemeente om de algemeen directeur of financieel directeur te vervangen.
Bij Jurplus werd gevraagd welke gevolgen dit heeft op sociaalrechtelijk vlak om een inschatting te maken. Dit lijkt wel haalbaar te zijn.
Toelichting wordt gegeven door burgemeester F. Van Looveren.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 19.47 minuten tot en met 23.11 minuten.
Artikel 1
De gemeenteraad gaat akkoord om volgende functiehouders aan te duiden als waarnemend algemeen directeur in geval van afwezigheid of verhindering van de algemeen directeur, en dit voor de duur van de afwezigheid of verhindering:
1. Coördinator Organisatie en personeel
2. Beleidsadviseur met de langste anciënniteit
3. Beleidsadviseur met de tweede langste anciënniteit
4. Coördinator Ruimtelijke ontwikkeling
5. Coördinator Infrastructuur
6. Coördinator Sociaal huis
7. Directeur Zorg
De algemeen directeur wordt gemandateerd uit voormelde lijst een waarnemend algemeen directeur aan te duiden. Indien geen aanduiding werd gedaan, geldt de volgorde zoals in voormelde lijst bepaald.
De gemeenteraad keurde op 13 juni 2024 de regeling goed inzake de vervanging van de financieel directeur bij afwezigheid.
Dit besluit is aan een actualisering toe.
De artikelen 176 tot en met 178 betreffende de bevoegdheden van de financieel directeur, opgenomen in het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017.
Het is noodzakelijk om een regeling uit te werken waarbij een waarnemend financieel directeur de taken van de financieel directeur bij diens afwezigheid opneemt.
De gemeenteraad is bevoegd om de vervanging van de financieel directeur te regelen en wenst deze bevoegdheid uit te oefenen.
Er wordt in elk geval in een waarneming van het ambt van financieel directeur voorzien als de afwezigheid of verhindering van de financieel directeur langer dan honderdtwintig dagen duurt of als het ambt vacant werd verklaard.
Bepaalde taken zijn voorbehouden voor de financieel directeur. Voor de goede werking van de diensten en een vlotte besluitvorming is het aangewezen om te voorzien in een vervangingsregeling door de aanstelling van een waarnemend financieel directeur. De vervanging of verhindering kan zich voordoen om redenen van kortere of langere termijn, bv. bij afwezigheid wegens ziekte, wegens jaarlijkse vakantie,...
Het is aangewezen om ook een regeling te voorzien bij afwezigheid van de vervangende functiehouder. Het is ook noodzakelijk dat in deze - uitzonderlijke - omstandigheden kort op de bal gespeeld kan worden door snelle besluitvorming.
De waarnemend financieel directeur oefent alle bevoegdheden uit die aan het ambt van financieel directeur verbonden zijn.
Er wordt geopteerd om functiehouders aan te duiden om de functie van waarnemend financieel directeur op zich te nemen. Er wordt niet gewerkt met nominatieve aanduidingen.
De voorkeur wordt gegeven aan functies met financiële expertise in de organisatie van gemeente en OCMW.
De raad voorziet een rangorde. De aangeduide functiehouders worden in volgorde van de voorziene rangorde opgeroepen.
Een vervangend financieel directeur is een personeelslid van de gemeente. Dit betekent dat er bijkomende beslissingen moeten genomen worden vooraleer de functiehouders die OCMW-personeelslid zijn (expert financiën), de rol van waarnemend financieel directeur kunnen opnemen.
Er werd advies ingewonnen bij het Agentschap binnenlands bestuur en Jurplus.
Indien de gemeente het opportuun acht om een personeelslid van het OCMW als waarnemer aan te stellen, dan zal dit personeelslid eerst moeten worden overgedragen naar de gemeente conform artikel 197 DLB. In dit geval moet betrokkene eerst worden overgedragen aan de gemeente vooraleer deze kan worden aangesteld als waarnemend algemeen of financieel directeur.
Een andere optie is dat het personeelslid bij het OCMW onbetaald verlof neemt en dit personeelslid dan via een vervangingscontract wordt aangesteld bij de gemeente om de algemeen directeur of financieel directeur te vervangen.
Bij Jurplus werd gevraagd welke gevolgen dit heeft op sociaalrechtelijk vlak om een inschatting te maken. Dit lijkt wel haalbaar te zijn.
Het college acht het wenselijk om al op voorhand te anticiperen en mogelijk te maken dat de expert financiën de rol van waarnemend financieel directeur kan opnemen. Op die manier kan hij tijdens de vakantieperiode indien nodig die rol waarnemen. Er zal dan ook een afzonderlijk dossier opgemaakt worden voor het college om de overdracht juridische correct te laten beslissen.
Toelichting wordt gegeven door burgemeester F. Van Looveren.
Met de goedkeuring van de raadsleden wordt de tekst nog aangepast.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 23.12 minuten tot en met 26.18 minuten.
Artikel 1
De gemeenteraad beslist om volgende functiehouders aan te duiden als waarnemend financieel directeur in geval van afwezigheid of verhindering van de financieel directeur, en dit voor de duur van de afwezigheid of verhindering:
1. Coördinator financiële dienst
2. Expert financiën
De waarnemers zijn automatisch aangeduid op basis van de volgorde opgenomen in artikel 1 van dit besluit. In geval van afwezigheid of verhindering van de eerste is het steeds de volgende in de rij die de functie waarneemt, en dit voor de duur van de afwezigheid of verhindering van de voorgaande.
Het Agentschap Binnenlands Bestuur stuurde een klacht "klachten over inbreuken op retributiereglement en klacht over uitspraken en grensoverschrijdend gedrag mandatarissen".
Op 26 januari 2026 werd deze klacht via het digitaal loket bezorgd aan gemeente Brecht (zie bijlagen).
Op 3 februari 2026 werd deze klacht ter aktename voorgelegd aan het college van burgemeester en schepenen.
Op het college van burgemeester en schepenen van 23 februari 2026 werd het gemotiveerd antwoord aan het Agentschap Binnenlands Bestuur - opgemaakt door Advocaten Stappers (Vlaamse Kaai 54, 2000 Antwerpen) - geagendeerd.
Op 1 april 2026 werd deze klacht afgerond door het Agentschap Binnenlands Bestuur en verzonden zij het antwoord in bijlage aan het college van burgemeester en schepenen.
Toelichting wordt gegeven door burgemeester F. Van Looveren.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 26.19 minuten tot en met 1.05.22 uur.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt akte van het antwoord van het Agentschap Binnenlands Bestuur op de klachten over inbreuken op retributiereglement en klacht over uitspraken en grensoverschrijdend gedrag mandatarissen.
MJP001337 - Werkingskosten informatica ICT (werkzaamheden en onderhoudscontracten) gemeente en OCMW
De software voor de patiëntendossiers van het WZC is nog nooit aanbesteed.
Bij de laatste poging die hiertoe werd ondernomen heeft het vast bureau perceel 1 van het dossier stopgezet (beslissing vast bureau 8 april 2025).
Er is dus geen geldige basis voor de betaling van de facturen voor het gebruik van de software van Corilus.
We ontvangen regelmatig facturen via Cipal voor het gebruik van deze toepassing op naam van de gemeente.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, artikelen 177, 266 en 267.
We maken verder gebruik van deze software in functie van de goede zorg aan de bewoners van het woonzorgcentrum. De prestaties zijn geleverd.
De budgethouder kan de factuur niet goedkeuren omdat de wetgeving overheidsopdrachten niet werd gevolgd.
Er werd dan ook aan het college van burgemeester en schepenen gevraagd om deze factuur goed te keuren en de budgethouder opdracht te geven tot goedkeuring voor betaling.
Ter zitting argumenteert het college van burgemeester en schepenen dat er geen nieuwe overheidsopdracht werd opgestart om de softwareleveranciers de tijd te geven hun product (verder) op punt te zetten en om de organisatie intern klaar te stomen, zowel in de zorg als naar ICT-support (cfr impact/change niet te onderschatten).
De beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 7 april 2026 (CBS/2026/890) is toegevoegd als bijlage aan dit agendapunt.
De gemeenteraad neemt kennis van deze beslissing.
Nadat de gemeenteraad kennis heeft genomen, kan de verbintenis worden aangegaan.
Toelichting wordt gegeven door voorzitter bijzonder comité sociale dienst L. Aerts.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.05.23 uur minuten tot en met 1.06.35 uur.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt kennis van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 7 april 2026 (CBS/2026/890) betreffende factuur 426F009448 van Cipal voor een bedrag van 15.889,47 euro incl. btw.
MJP001228 - onderhoud en huur werkkledij
Voorziene budget: 45.000 euro jaarlijks
Beschikbaar budget 2026: 30.540,88 euro
In 1999 werd een contract onderschreven met CWS/Initial NV voor huur/herstel en wassen van werkkledij. Het contract werd steeds voor een periode van 36 maanden stilzwijgend verlengd. Het contract werd per 1 november 2020 door de gemeente opgezegd en er werd met CWS Workwear België tevens over een nieuw servicecontract onderhandeld. Dit nieuwe contract was voordeliger dan het oude contract maar de markt werd niet geconsulteerd. Ook deze opdracht wordt tot op heden stilzwijgend verlengd. Voor de opdracht onderhoud en huur werkkledij is geen geldige overheidsopdracht lopend.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, artikelen 177, 266, 267.
Voor 2026 is een tweede bestelbon gemaakt op naam van CWS Workwear België ter waarde van 30.000 euro inclusief btw. Deze waarde van de twee bestelbonnen samen is geraamd op basis van het voorgaande jaar (45.000 euro). Dit bedrag overschrijdt enerzijds de bevoegdheid van de budgethouder en valt anderzijds onder de visumverplichting en onder het begrip 'dagelijks bestuur' waardoor het college van burgemeester en schepenen bevoegd is. Er wordt dan ook aan het college van burgemeester en schepenen gevraagd om deze bestelbon goed te keuren.
Het college van burgemeester en schepenen keurde de bestelbon goed maar vroeg om zo snel mogelijk een overheidsopdracht op te starten.
De beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 21 april 2026 (CBS/2026/1015) is toegevoegd als bijlage aan dit agendapunt. De gemeenteraad neemt kennis van deze beslissing. Nadat de gemeenteraad kennis heeft genomen, kan de verbintenis worden aangegaan.
Toelichting wordt gegeven door schepen D. De Veuster.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.06.36 uur minuten tot en met 1.07.30 uur.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt kennis van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 21 april 2026 betreffende bestelbonnen en facturen van CWS Workwear België - CBS/2026/1015.
MJP000950 - Evenementen groot publiek regierol (samenwerking met andere actoren: ballekesfeesten SJ, pasenmarkt B en processie SL)
Samenwerkingsovereenkomst Vrienden van Leonardus (Leonardusprocessie) - 18 januari 2021 (CBS/2021/2856).
Er was tijdens de vorige legislatuur een lopende samenwerkingsovereenkomst met de Vrienden van Leonardus voor de organisatie van de Leonardusprocessie.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017.
Voorgaande legislatuur sloot de gemeente een samenwerkingsovereenkomst met de Vrienden van Leonardus voor de organisatie van de Leonardusprocessie. Deze overeenkomst wordt voor de komende legislatuur vernieuwd met hierin de verankering van de financiële en logistieke ondersteuning.
Toelichting wordt gegeven door schepen R. Ruelens.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.07.31 uur minuten tot en met 1.10.18 uur.
Artikel 1
De gemeenteraad keurt de bijgevoegde samenwerkingsovereenkomst tussen gemeente Brecht en Vrienden van Leonardus goed.
MJP000946 - Uitgaven dienstenovereenkomst 't Centrum
1. Situering
OC ’t Centrum vervult een belangrijke rol als ontmoetingsplaats voor verenigingen, gemeentelijke diensten en inwoners. Na het stopzetten van de vorige concessie in maart 2025 heeft de gemeente tijdelijk zelf de uitbating opgenomen. Deze overgangsperiode liet toe om inzichten te verwerven in zowel de operationele werking als de financiële haalbaarheid van verschillende uitbatingsmodellen.
Op basis van deze ervaringen en een hernieuwde afweging heeft het college gekozen voor een uitbating via een 100% concessiemodel.
2. Visie op de uitbating
De gemeente blijft eigenaar van de infrastructuur, vervult vanuit deze positie de eigenaarsverantwoordelijkheden en bewaakt de maatschappelijke functie van OC ’t Centrum, maar kiest ervoor om de volledige dagelijkse uitbating toe te vertrouwen aan een externe partner.
Deze keuze vertrekt vanuit volgende principes:
3. Afbakening van de concessie
De concessie omvat de volledige uitbating van OC ’t Centrum, met uitzondering van:
Deze afbakening garandeert dat essentiële gemeentelijke functies behouden blijven binnen het gebouw.
4. Contractuele uitgangspunten
Om de doelstellingen van de gemeente te waarborgen, worden in de concessieovereenkomst duidelijke afspraken opgenomen rond:
Er wordt gestreefd naar een evenwicht tussen duidelijke krijtlijnen die de werking van verenigingen en het culturele aanbod waarborgen enerzijds, en voldoende ondernemingsruimte voor de concessiehouder om tot een rendabele uitbating te komen anderzijds.
5. Looptijd van de concessie
De concessie wordt toegekend voor een duurtijd dan 7 jaar.
Deze keuze is ingegeven door de geldende regelgeving inzake concessies, waarbij de raming aantoont dat onder de drempel van € 5.404.000 aan bruto-omzet wordt gebleven.
6. Stuurgroep
Voor de concessie van OC ’t Centrum wordt een stuurgroep opgericht die zal fungeren als centraal overleg- en beslissingsorgaan. Deze stuurgroep heeft als doel de samenwerking tussen alle betrokken partijen efficiënt en vlot te laten verlopen. Door regelmatige afstemming (minimaal 2 keer per jaar aangevuld met momenten op afroep) en duidelijke communicatielijnen kan er snel worden geschakeld bij vragen, uitdagingen of onverwachte situaties.
De stuurgroep zal bestaan uit een vertegenwoordiger van het college, met name de schepen van cultuur, aangevuld met een medewerker van de technische dienst, een medewerker van de cultuurdienst en uiteraard de concessiehouder. Waar nodig kan de stuurgroep worden uitgebreid met medewerkers met specifieke expertise of personen die deskundig zijn in vakgebieden die op dat moment relevant zijn.
Dankzij deze diverse samenstelling wordt de nodige kennis gebundeld, wat bijdraagt aan doordachte beslissingen en een slagkrachtige aanpak. Op die manier kunnen tijdig oplossingen worden uitgewerkt en blijven de continuïteit en kwaliteit van de uitbating van OC ’t Centrum verzekerd.
7. Conclusie
Met de keuze voor een 100% concessiemodel zet de gemeente in op een professionele, efficiënte en financieel beheersbare uitbating van OC ’t Centrum, terwijl de maatschappelijke rol en toegankelijkheid van het gebouw gegarandeerd blijven.
De voorgestelde aanpak combineert:
De gemeenteraad wordt gevraagd kennis te nemen van deze visie en deze te onderschrijven als basis voor de verdere uitwerking van de concessie door het college van burgemeester en schepenen.
Toelichting wordt gegeven door schepen R. Ruelens.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.10.19 uur minuten tot en met 1.13.50 uur.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Artikel 1
De gemeenteraad keurt de visie uitbating OC 't Centrum goed.
MJP000920 - Muziekschool: Aankoop muziekinstrumenten (investering)
MJP000923 - Muziekschool: Onderhoud instrumenten en onderhoudscontracten
MJP000924 - Muziekschool: Werkingsbijdrage hoofdschool
Gemeenteraadsbeslissing van 9 oktober 2025 betreffende het retributiereglement op het uitlenen van muziekinstrumenten (GR/2025/140).
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 - artikel 41.
Rekening houdend met de financiële toestand van de gemeente wordt een retributie voorgesteld op het uitlenen van muziekinstrumenten aan de leerlingen van de gemeentelijke muziekacademie. In de gemeentelijke muziekacademie worden diverse muziekinstrumenten in bruikleen gegeven aan de leerlingen. Deze retributie heeft tot doel een deel van de kosten te recupereren die gepaard gaan met het organiseren van deeltijds kunstonderwijs.
Vanaf 1 september 2026 zal de gemeente Brecht samenwerken met de gemeentelijke kunstacademie Wuustwezel voor de organisatie van het deeltijds kunstonderwijs (DKO) muziek. In dit kader wordt een intergemeentelijke onderwijsvereniging opgericht.
Overeenkomst Interlokale vereniging Academie Wuustwezel-Brecht: Art.19 Muziekinstrumenten: "Muziekinstrumenten worden ter beschikking gesteld aan de leerlingen volgens het retributiereglement van de beherende gemeente. De beherende gemeente staat in voor de inning van de retributie bij de leerlingen."
Om een uniforme en transparante werking te garanderen voor leerlingen en ouders binnen de samenwerking, is het aangewezen dat de retributies voor het huren van muziekinstrumenten in beide gemeenten op elkaar worden afgestemd.
Door dezelfde tarieven te hanteren binnen de gemeentelijke kunstacademie Wuustwezel-Brecht wordt een gelijke behandeling van leerlingen verzekerd en wordt de administratieve organisatie vereenvoudigd.
Toelichting wordt gegeven door schepen I. Van Den Heuvel.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.13.51 uur minuten tot en met 1.14.56 uur.
Artikel 1 - Termijn
Vanaf 1 september 2026 tot en met 1 juli 2032 wordt een retributie geheven op het uitlenen van muziekinstrumenten van de gemeentelijke muziekacademie.
Artikel 2 - Tarief
Per schooljaar worden volgende tarieven gehanteerd voor de huur van muziekinstrumenten:
Normaal tarief: 95 euro huurgeld per instrument per schooljaar.
Sociaal tarief: 25 euro huurgeld per instrument per schooljaar.
Het sociaal tarief is van toepassing op leerlingen die recht hebben op verminderd inschrijvingsgeld, zoals bepaald door de overheid in de omzendbrief “Inschrijvingen en toelatingen tot het deeltijdskunstonderwijs” (DKO/2018/03), meer bepaald volgens punt 4.3 Voorwaarden en bewijsstukken voor verminderd inschrijvingsgeld.
Er wordt voor elk gehuurd instrument een éénmalige waarborg van 50 euro gevraagd.
Artikel 3 - Ontleningsvoorwaarden
De ontlening geschiedt onder volgende voorwaarden:
1.De retributie is verschuldigd door de gebruiker van het muziekinstrument. De retributie alsook de waarborg worden geïnd door de beherende gemeente zoals bepaald in de overeenkomst Interlokale vereniging Academie Wuustwezel-Brecht. Een bedrag gelijk aan de vermoedelijke retributie moet voorafgaandelijk in bewaring worden gegeven bij de financieel directeur van de beherende gemeente. Een ontvangstbewijs zal worden afgeleverd. De waarborg zal terugbetaald worden bij de teruggave van het muziekinstrument, na aftrek van de eventuele onderhoudskosten.
2. Alle kosten van onderhoud van het instrument welke nodig zijn, na en door het gebruik ervan, zijn ten laste van de ontlener. Bij de teruggave wordt het instrument nagezien door de directeur en de betrokken leerkracht.
3. Indien schade wordt berokkend aan het instrument vallen de kosten ten laste van de gebruiker. De directie moet worden geraadpleegd in verband met de herstelling. Ook verlies en diefstal moeten door de gebruiker vergoed worden.
4. Indien de leerling zijn studie stopzet, moet de gebruiker het instrument dadelijk terugbezorgen. De retributie is, zelfs gedeeltelijk, niet terugvorderbaar.
5. Het instrument mag niet gebruikt worden voor activiteiten buiten de inrichting, tenzij met voorafgaandelijke instemming van de directeur.
6. Als een instrument later dan de start van het schooljaar wordt gehuurd, wordt de retributie voor de huur van een instrument pro rata berekend voor de resterende maanden van het schooljaar.
Artikel 4 - Opheffing vorig reglement
Dit reglement vervangt alle voorgaande reglementen.
Artikel 5 - Toezicht
Dit reglement valt onder het toezicht van de toezichthoudende overheid.
Het retributiereglement wordt overeenkomstig artikel 286 van het decreet lokaal bestuur afgekondigd en bekendgemaakt. Bij toepassing van artikel 330 van voornoemd decreet wordt de toezichthoudende overheid op de hoogte gebracht van deze bekendmaking.
MJP000924 - Muziekschool: Werkingsbijdrage hoofdschool
Gemeenteraadsbeslissing van 8 mei 2025 - Convenant Muziekacademie (GR/2025/070, in bijlage).
De regelmatige leerlingen aan onze muziekacademie, die subsidieerbaar zijn, betalen jaarlijks het officiële inschrijvingsgeld, waarvan de tarieven bepaald worden door de Vlaamse overheid. Daarnaast kan een schoolbestuur een eigen retributie bepalen per leerling.
De eigen retributie wordt gebruikt om de contracten met SEMU (kopiëren van bladmuziek), Sabam (auteursrechten artiesten) en DKO3 (software voor digitale communicatie tussen academie en leerlingen/ouders) te bekostigen.
Wanneer een richting van het deeltijds kunstonderwijs (nog) niet erkend is door de Vlaamse overheid, maar toch al ingericht wordt door het lokaal bestuur, zal het lokaal bestuur alle kosten (inclusief personeelskosten) dragen om dit in te richten en dezelfde tarieven als de Vlaamse overheid vragen als inschrijvingsgeld zolang deze richting (nog) niet erkend is.
Er zijn ook niet-regelmatige leerlingen die niet subsidieerbaar zijn, bijvoorbeeld afgestudeerden die nog één klassikale les per week volgen mits toelating van de directie. Voor hen moet het schoolbestuur het inschrijvingsgeld bepalen. De administratieve bijdrage van hierboven is inbegrepen in dit inschrijvingsgeld.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Decreet van 9 maart 2018 betreffende het deeltijds kunstonderwijs: artikel 58, 6° en 95/96.
Besluit van de Vlaamse Regering van 4 mei 2018 betreffende het opleidingsaanbod, de organisatie, de personeelsformatie, de inning van het inschrijvingsgeld en de certificering van het deeltijds kunstonderwijs (organisatiebesluit).
Omzendbrief DKO/2018/03 van 20 augustus 2018, laatst gewijzigd op 20 februari 2019, betreffende de inschrijvingen en toelatingsvoorwaarden in het deeltijds kunstonderwijs.
Wanneer een richting erkend is en de leerling regelmatig is, wordt dit gesubsidieerd door de Vlaamse overheid. Het inschrijvingsgeld zal dan ook doorgestort worden naar die Vlaamse overheid. Wanneer echter de richting of leerling niet erkend of subsidieerbaar is, zal het lokaal bestuur het inschrijvingsgeld zelf ontvangen voor de gemaakte kosten.
Vanaf 1 september 2026 zal de gemeente Brecht samenwerken met de Gemeentelijke Kunstacademie Wuustwezel voor de organisatie van het deeltijds kunstonderwijs (DKO) muziek. In dit kader wordt een intergemeentelijke onderwijsvereniging opgericht.
Overeenkomst Interlokale vereniging Academie Wuustwezel-Brecht: Art. 18 Inschrijvingen:
§1. De inschrijving van leerlingen wordt georganiseerd door de beherende gemeente op basis van het advies van het beheerscomité.
§2. De inschrijvingsgelden en desgevallend de retributies met betrekking tot de inschrijvingen worden geïnd door de beherende gemeente.
§3. Het inschrijvingsgeld van de leerlingen in gesubsidieerde uren wordt door de beherende gemeente doorgestort aan het ministerie van Onderwijs en Vorming conform de vigerende regelgeving.
Om een uniforme en transparante werking te garanderen voor leerlingen en ouders binnen de samenwerking, is het aangewezen dat de retributies voor het inschrijvingsgeld in beide gemeenten op elkaar worden afgestemd.
Door dezelfde tarieven te hanteren binnen de Gemeentelijke Kunstacademie Wuustwezel-Brecht wordt een gelijke behandeling van leerlingen verzekerd en wordt de administratieve organisatie vereenvoudigd.
Toelichting wordt gegeven door schepen I. Van Den Heuvel.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.14.57 uur minuten tot en met 1.15.48 uur.
Artikel 1
Dit reglement gaat in vanaf 1 september 2026 en eindigt op 1 juli 2032.
Artikel 2
Het gemeentelijk inschrijvingsgeld voor niet-regelmatige leerlingen van de gemeentelijke academie wordt vastgesteld op 40 euro.
Artikel 3
De gemeentelijke retributie bij het inschrijvingsgeld voor regelmatige leerlingen van de gemeentelijke academie bedraagt 20 euro (gewoon tarief) en 15 euro (verminderd tarief) en dit bovenop het officiële inschrijvingsgeld zoals bepaald door het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap.
Artikel 4
Het gemeentelijk inschrijvingsgeld voor een niet-erkende richting van het deeltijds kunstonderwijs van de gemeentelijke academie is hetzelfde inschrijvingsgeld zoals bepaald door het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap.
Dit inschrijvingsgeld komt dan wel het lokaal bestuur toe aangezien de niet-erkende richting door het lokaal bestuur zelf wordt ingericht en niet gesubsidieerd wordt door de Vlaamse Gemeenschap.
Artikel 5
Voornoemde retributie en inschrijvingsgeld worden jaarlijks bij inschrijving betaald door de leerling of de ouders en worden geïnd door de beherende gemeente zoals bepaald in de overeenkomst Interlokale vereniging Academie Wuustwezel-Brecht.
Artikel 6
Dit reglement vervangt alle voorgaande reglementen.
Artikel 7
Het retributiereglement wordt overeenkomstig artikel 286 van het decreet lokaal bestuur afgekondigd en bekendgemaakt.
Bij toepassing van artikel 330 van voornoemd decreet wordt de toezichthoudende overheid op de hoogte gebracht van deze bekendmaking.
Op 25 maart 2026 vergaderde de raad van bestuur van BisCuit.
Het financieel verslag en het jaarverslag worden ter kennisname aan de gemeenteraad voorgelegd.
Toelichting wordt gegeven door schepen R. Ruelens.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.15.49 uur minuten tot en met 1.16.32 uur.
MJP000872 - Toelage aan BisCuit
Op 10 december 2015 keurde de gemeenteraad de oprichting en statuten van BisCuit goed.
Op 12 maart 2020 en 13 februari 2025 keurde de gemeenteraad de wijziging van de statuten van BisCuit goed.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017.
Besluit gemeenteraad van 12 maart 2020.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt kennis van het financieel verslag en het jaarverslag 2026 van BisCuit.
De gemeente Brecht ontving van Fons Van Den Broeck een fotokader met tekening van de gemeente.
Deze spullen werden thuis bewaard en Fons Van den Broeck heeft gekozen om deze over te dragen aan de gemeente Brecht.
Toelichting wordt gegeven door schepen R. Ruelens.
Met de goedkeuring van de raadsleden wordt de foto van de schenking nog toegevoegd.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.16.33 uur minuten tot en met 1.18.25 uur.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 - artikel 41.
Artikel 1
De gemeenteraad aanvaardt de schenking van Fons Van Den Broeck.
Artikel 2
Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de dienst Erfgoed.
MJP000912 - Uitbestede buitenschoolse kinderopvang
Op de raad voor maatschappelijk welzijn van 8 januari 2026 werd agendapunt "Projectoproep initiatief buitenschoolse kinderopvang (IBO)" (RVMW/2025/061) goedgekeurd.
Dit blijkt echter een materiële vergissing.
Het agendapunt moet worden geagendeerd op de gemeenteraad gezien de juridische bevoegdheid bij de gemeente ligt.
Met de inwerkingtreding van het BOA-decreet per 1 september 2026 wordt het opportuun om een marktverkenning te doen voor de organisatie van de buitenschoolse kinderopvang (BKO). Er dient sowieso een nieuwe samenwerkingsovereenkomst opgemaakt te worden, conform de BOA-wetgeving. Het is dus interessant om na te gaan of we nog goed zitten bij onze huidige aanbieder "initiatief buitenschoolse opvang" (IBO).
Bij het opmaken van een nieuwe samenwerkingsovereenkomst is het noodzakelijk om:
Een projectoproep voor de organisatie van het IBO is hierbij het aangewezen instrument. Hiermee worden geïnteresseerde aanbieders uitgenodigd een voorstel te doen voor de huidige werking van de opvang, rekening houdend met bestaande locaties, openingsuren, aantal groepen en andere organisatorische aspecten.
Decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten (3 mei 2019)
Het wijzigingsbesluit buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) (5 december 2025)
Het huidige opvanglandschap vertoont nog enkele onduidelijkheden, waarbij het bestuur in de nabije toekomst beleidskeuzes zal moeten maken:
organisatie van voor- en naschoolse opvang op scholen
accenten binnen het BOA-decreet (bijvoorbeeld naschools aanbod, kwaliteitsvoorwaarden)
opvolging van adviezen van het Lokaal Overleg Kinderopvang (LOK) op het meerjarenplan 2026-2031
Ondanks de nog aanwezige onduidelijkheden wordt de oproep nu al opgemaakt om de planning te respecteren en opgesteld op basis van de huidige organisatie. Nadien kunnen aanpassingen worden doorgevoerd in functie van het BOA-decreet en beleidsmatige keuzes.
Na goedkeuring kunnen we de oproep publiceren en zal minimum 45 dagen open staan.
Geïnteresseerde aanbieders krijgen zo voldoende tijd om hun voorstel correct en volledig uit te werken.
In bijlage is de projectoproep toegevoegd waarin de volledige procedure beschreven wordt.
Toelichting wordt gegeven door schepen R. Ruelens.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.18.26 uur minuten tot en met 1.19.04 uur.
Artikel 1
De gemeenteraad geeft goedkeuring om de projectoproep te publiceren.
Artikel 2
Het college van burgemeester en schepenen wordt op regelmatige basis op de hoogte gehouden van de verdere ontwikkelingen rond de projectoproep.
Artikel 3
Het afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de diensten Kinderopvang, Financiën en Aankoop.
Het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten (BOA-decreet).
Het besluit van de Vlaamse Regering van 24 mei 2019 betreffende de organisatie van buitenschoolse opvang en activiteiten.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen en de gemeenteraad.
In het kader van de uitrol van het decreet Buitenschoolse Opvang en Activiteiten (BOA) werd een lokaal erkenningskader uitgewerkt voor aanbieders van buitenschoolse opvang en activiteiten binnen de gemeente.
Dit erkenningskader heeft als doel:
Het lokaal erkenningskader werd afgestemd binnen de werkgroep BOA en is terug te vinden als bijlage.
Toelichting wordt gegeven door schepen R. Ruelens.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.19.05 uur minuten tot en met 1.22.50 uur.
Artikel 1
De gemeenteraad gaat akkoord met het lokaal erkenningskader voor BOA-organisatoren.
In 2015 werd door de gemeenten Brasschaat, Brecht, Essen, Kalmthout, Kapellen, Stabroek en Wuustwezel de Interlokale Vereniging Jeugdregio Noorderkempen (ILV JoNK) opgericht, met als doel:
• het stimuleren en op elkaar afstemmen van het jeugdbeleid van de deelnemende gemeenten, in de ruime zin van het woord
• het faciliteren van intergemeentelijk overleg
• het opzetten van intergemeentelijke jeugdactiviteiten en -projecten
• het efficiënt inzetten van de beschikbare middelen voor het jeugdbeleid
In 2019 werd de interlokale vereniging JoNK, naar aanleiding van de installatie van de nieuwe gemeentebesturen, opnieuw erkend. De gemeenten Brasschaat, Brecht, Essen, Kalmthout, Stabroek en Wuustwezel traden opnieuw toe tot ILV JoNK. De gemeente Kapellen besliste om niet langer deel te nemen.
In 2020 werd de interlokale vereniging omgevormd tot een projectvereniging, met het oog op het in aanmerking komen voor een eenmalige subsidielijn van de Vlaamse overheid voor intergemeentelijke samenwerkingsverbanden binnen de vrijetijdssector. De gemeenteraad verleende hiertoe principiële goedkeuring in zitting van 11 juni 2020. De oprichtingsakte werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 11 augustus 2020.
In 2026 werd projectvereniging Jeugdregio Noorderkempen (JoNK) verlengd teneinde de continuïteit van de werking tijdens de zomerperiode te waarborgen.
In 2027 zal een nieuwe projectvereniging JONK worden opgericht, aangezien de gemeente Brasschaat niet langer zal deelnemen. De gemeenten Brecht, Essen, Kalmthout, Stabroek en Wuustwezel zullen opnieuw toetreden.
Burgemeester F. Van Looveren vervoegt de zitting.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017
Statuten Projectvereniging JONK - 12 maart 2026
De raad van bestuur bestaat uit stemgerechtigde leden en leden met een raadgevende stem.
Elke gemeenteraad vaardigt één stemgerechtigd lid af voor de raad van bestuur. Uitsluitend gemeenteraadsleden, burgemeesters of schepenen kunnen dit mandaat vervullen.
Daarnaast duidt iedere deelnemende gemeente ook één afgevaardigde met raadgevende stem aan. Dit moet een raadslid uit de oppositie zijn.
Ook moet er een afgevaardigde plaatsvervanger aangeduid worden.
De kandidaturen hiervoor moesten ten laatste op dinsdag 5 mei 2026 ingediend worden bij secretariaat@brecht.be.
Er werd maar 1 kandidatuur voor stemgerechtigde afgevaardigde ingediend: Roeland Ruelens, met als plaatsvervanger Andreas Ooms.
Er werd geen kandidatuur voor afgevaardigde met raadgevende stem (oppositie) ingediend.
Toelichting wordt gegeven door schepen R. Ruelens.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.22.51 uur minuten tot en met 1.36.03 uur.
Stemming: (geheime stemming op papier)
Stemgerechtigd afgevaardigde - Roeland Ruelens: Bij geheime stemming goedgekeurd met 28 stemmen voor en 1 stem tegen.
Plaatsvervanger stemgerechtigd afgevaardigde - Andreas Ooms: Bij geheime stemming goedgekeurd met 29 stemmen voor.
Artikel 1
De gemeenteraad duidt Roeland Ruelens aan als stemgerechtigd lid voor de raad van bestuur van projectvereniging JONK, met als plaatsvervanger Andreas Ooms.
Artikel 2
Er werd geen kandidatuur voor afgevaardigde met raadgevende stem (oppositie) voor de raad van bestuur van projectvereniging JONK ingediend.
Artikel 3
Afschrift wordt bezorgd aan projectvereniging JONK en de afgevaardigden.
Mail van EthiasCo van 20 april 2026 met vermelding van de agenda van de gewone algemene vergadering van 11 juni 2026.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Gemeenteraadsbeslissing 11 september 2025 - Aanduiding van Laurent Cooreman als vertegenwoordiger op de algemene vergaderingen van EthiasCo.
De agenda van de gewone algemene vergadering van EthiasCo wordt ter kennisname voorgelegd aan de gemeenteraad:
1. Verslag van de raad van bestuur over het boekjaar 2025
2. Goedkeuring van de jaarrekening op december 2025 en bestemming van het resultaat
3. Kwijting aan de bestuurders
4. Kwijting aan de commissaris
5. Statutaire benoemingen - Client Board
Gemeente Brecht bezit 6 aandelen, gelijk aan evenveel stemmen.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.36.04 uur minuten tot en met 1.36.36 uur.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt akte van de agenda van de gewone algemene vergadering van EthiasCo van 11 juni 2026.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Statuten van Creat Services dv.
Gemeenteraadsbeslissing 13 februari 2025 - Aanduiding van Esther Janssens als afgevaardigde op de algemene vergaderingen van Creat Services dv, met als plaatsvervanger Ilse Van Den Heuvel.
Gemeente Brecht is aangesloten bij Creat Services dv.
Op 3 april 2026 ontvingen we een oproepingsbrief voor de algemene vergadering van Creat Services dv op 16 juni 2026, waarin de agenda werd meegedeeld.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.36.37 uur minuten tot en met 1.37.07 uur.
Artikel 1
De gemeenteraad keurt alle punten op de agenda van de algemene vergadering van Creat Services dv op 16 juni 2026 en de daarbij behorende documentatie nodig voor het onderzoek van de agendapunten goed:
1. Wijziging van vermogen
2. Actualisering van bijlagen 1 en 2 aan de statuten ingevolge wijziging van vermogen
3. Verslag van de raad van bestuur over het boekjaar 2025
4. Verslag van de commissaris
5. a. Goedkeuring van de jaarrekening over het boekjaar 2025 afgesloten per 31 december 2025
b. Goedkeuring van de voorgestelde resultaatsverdeling over het boekjaar 2025
6. Kwijting aan de bestuurders en de commissaris
7. Actualisering presentievergoeding
8. Statutaire benoemingen
Varia
Artikel 2
De gemeenteraad draagt de aangeduide (plaatsvervangende) vertegenwoordiger op om namens het bestuur alle akten en bescheiden met betrekking tot de algemene vergadering van Creat Services dv vastgesteld op 16 juni 2026, te onderschrijven en haar stemgedrag af te stemmen op het in de beslissing van de gemeenteraad van heden bepaalde standpunt met betrekking tot de agendapunten van voormelde algemene vergadering.
Artikel 3
Een afschrift van dit besluit zal verzonden worden: bij voorkeur per elektronische post aan het e-mailadres AVCreatServices@creat.be, hetzij per post t.a.v. Creat Services dv, p/a Intercommunaal Beheer, Stropstraat 1 te 9000 Gent.
Het feit dat de gemeente Brecht momenteel voor één of meerdere activiteiten aangesloten is bij de opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Gemeenteraadsbeslissing 13 februari 2025 - Aanduiding van Luc Aerts als effectieve vertegenwoordiger op de algemene vergaderingen van Fluvius, met als plaatsvervanger Miranda Crynen.
Gemeenteraadsbeslissing 13 februari 2025 - Aanduiding van Kris De Pooter als effectieve vertegenwoordiger op de algemene vergaderingen van Fluvius, met als plaatsvervanger Esther Janssens.
Het feit dat de gemeente Brecht per aangetekend schrijven van 2 april 2026 werd opgeroepen om deel te nemen aan de algemene vergadering tevens jaarvergadering van Fluvius Antwerpen die op 17 juni 2026 plaatsheeft.
Het feit dat een dossier met documentatiestukken aan de gemeente Brecht op digitale wijze op 2 april 2026 ter beschikking werd gesteld.
Artikel 432, alinea 3 van het decreet over het lokaal bestuur, waarbij bepaald wordt dat de vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger dient te worden herhaald voor elke algemene vergadering.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.37.08 uur minuten tot en met 1.37.28 uur.
Artikel 1
De gemeenteraad geeft goedkeuring aan de agenda van de algemene vergadering tevens jaarvergadering van de opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen van 17 juni 2026:
1. Kennisneming verslagen van de Raad van Bestuur en van de commissaris van Fluvius Antwerpen over het boekjaar 2025.
2. Goedkeuring van de jaarrekening van Fluvius Antwerpen afgesloten op 31 december 2025 (balans, resultatenrekening, winstverdeling, boekhoudkundige besluiten en waarderingsregels).
3. Vaststelling uitkeringen overeenkomstig art. 6:114 en volgend WVV.
4. Kwijting te verlenen afzonderlijk aan de bestuurders, de leden van de Regionale Bestuurscomités en de commissaris van Fluvius Antwerpen met betrekking tot het boekjaar 2025.
5. Hernieuwing aanwijzing als elektriciteits- en aardgasdistributienetbeheerder door VNR en toestemming om beroep te doen op de werkmaatschappij Fluvius System Operator cv.
6. Desgevallend aanvaarding uitbreiding activiteiten gemeenten voor (neven)activiteiten.
7. Statutaire benoemingen.
8. Benoeming van een commissaris.
9. Statutaire mededelingen.
Artikel 2
De gemeenteraad draagt de vertegenwoordiger van de gemeente Brecht die zal deelnemen aan de algemene vergadering tevens jaarvergadering van de opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen op 17 juni 2026 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden) op om zijn/haar stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in de gemeenteraad van heden inzake voormeld artikel 1 van onderhavige beslissing.
Artikel 3
De gemeenteraad gelast het college van burgemeester en schepenen met de uitvoering van voormelde beslissingen en onder meer kennisgeving hiervan te verrichten aan de opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen, ter attentie van het secretariaat (in pdf-versie), uitsluitend op het e‑mailadres vennootschapssecretariaat@fluvius.be.
De gemeente Brecht is aangesloten bij het intergemeentelijk samenwerkingsverband IKA.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Gemeenteraadsbeslissing 13 februari 2025 - Aanduiding van Leo Nicolaï als vertegenwoordiger op de algemene vergaderingen van IKA, met als plaatsvervanger Peggy De Winter.
De gemeente Brecht werd per aangetekend schrijven van 14 april 2026 opgeroepen deel te nemen aan de algemene vergadering tevens jaarvergadering van IKA die op 22 juni 2026 plaats heeft.
Een dossier met documentatiestukken werd per brief overgemaakt aan de gemeente Brecht.
Artikel 432, alinea 3 van het decreet over het lokaal bestuur bepaalt dat de vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger dient te worden herhaald voor elke algemene vergadering.
De vraag van Igean tot deelname in en/of financiering IGEAN Energie voor de realisatie van het project VerdeR welke past in de strategische doelstellingen van IKA.
De vraag van de stad Geel tot deelname in Tethys welke past in de strategische doelstellingen van IKA.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.37.29 uur minuten tot en met 1.40.30 uur.
Stemming
Dagorde AV: Bij publieke stemming goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
IFtech - Thethys: Bij publieke stemming goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
IGEAN - VerdeR: Bij publieke stemming goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
Artikel 1
De gemeenteraad, na onderzoek van de documenten die bij de oproeping zijn gevoegd, hecht zijn goedkeuring aan de dagorde en de afzonderlijke punten van de dagorde van de algemene vergadering van IKA van 22 juni 2026:
Kennisneming verslagen van IKA van de raad van bestuur en van de commissaris over het boekjaar 2025.
Goedkeuring van de jaarrekening van IKA afgesloten op 31 december 2025 (balans, resultatenrekening, winstverdeling, boekhoudkundige besluiten en waarderingsregels).
Vaststelling uitkeringen overeenkomstig art. 6:114 en volgend WVV.
Kwijting te verlenen afzonderlijk aan de bestuurders en de commissaris van IKA met betrekking tot het boekjaar 2025.
Mogelijkheid tot deelname in Tethys.
Mogelijkheid tot deelname in en/of financiering van IGEAN Energie.
Statutaire benoemingen.
Statutaire mededelingen.
Artikel 2
De gemeenteraad wenst dat IKA een samenwerking met IFtech voor de realisatie van lokale warmtenetten opzet en verzoekt IKA tot een deelname in en/of financiering van Tethys zoals beschreven in de begeleidende nota.
Het belang van IKA in deze samenwerking kan maximaal 19,9% bedragen.
Dit verzoek houdt geen financieel engagement van de gemeente in.
Artikel 3
De gemeenteraad wenst dat IKA een samenwerking met IGEAN voor de realisatie van het VerdeR project opzet en verzoekt IKA tot een deelname in en/of financiering van IGEAN Energie zoals beschreven in de begeleidende nota.
Het belang van IKA in deze samenwerking kan maximaal 19,9% bedragen.
Dit verzoek houdt geen financieel engagement van de gemeente in.
Artikel 4
De gemeenteraad draagt de vertegenwoordiger van de gemeente - die zal deelnemen aan de (fysieke of digitale) algemene vergadering tevens jaarvergadering van de dienstverlenende vereniging IKA op 22 juni 2026 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden) - op zijn stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in de gemeenteraad van heden inzake voormeld artikel 1 van onderhavige beslissing.
Artikel 5
De gemeenteraad gelast het college van burgemeester en schepenen met de uitvoering van voormelde besluiten en onder meer kennisgeving hiervan te verrichten aan het secretariaat van intergemeentelijk samenwerkingsverband IKA, ter attentie van het secretariaat (in pdf-versie), uitsluitend op het e‑mailadres lieven.ex@fluvius.be.
BBC 2020 - 2025
MJP001378 - Werkingstoelage erediensten (kerkfabrieken)
MJP001376 - Investeringstoelage erediensten (kerkfabrieken)
BBC 2026 - 2031
MJP001088 - Werkingstoelage erediensten (kerkfabrieken)
MJP001089 - Investeringstoelage erediensten (kerkfabrieken)
De jaarrekening 2025 van de kerkfabriek Sint-Michiel werd goedgekeurd door de kerkraad Sint-Michiel van 19 januari 2026 met een exploitatieoverschot van 44 265,38 euro en een investeringstekort van -33 596,91 euro.
Toelichting wordt gegeven door burgemeester F. Van Looveren (voor alle agendapunten van de kerkfabrieken samen).
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.40.31 uur minuten tot en met 1.44.18 uur.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017.
Decreet van 7 mei 2004 over de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten - artikel 55.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt akte van de jaarrekening 2025 van de kerkraad Sint-Michiel.
Artikel 2
Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de kerkraad Sint-Michiel en aan het Agentschap Binnenlands Bestuur.
BBC 2020 - 2025
MJP001378 - Werkingstoelage erediensten (kerkfabrieken)
MJP001376 - Investeringstoelage erediensten (kerkfabrieken)
BBC 2026 - 2031
MJP001088 - Werkingstoelage erediensten (kerkfabrieken)
MJP001089 - Investeringstoelage erediensten (kerkfabrieken)
De jaarrekening 2025 van de kerkfabriek Sint-Leonardus werd goedgekeurd door de kerkraad Sint-Leonardus van 14 januari 2026 met een exploitatieoverschot van 9 322,98 euro en een investeringsoverschot van 21 912,65 euro.
Toelichting wordt gegeven door burgemeester F. Van Looveren (voor alle agendapunten van de kerkfabrieken samen).
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.40.31 uur minuten tot en met 1.44.18 uur.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017.
Decreet van 7 mei 2004 over de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten - artikel 55.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt akte van de jaarrekening 2025 van de kerkraad Sint-Leonardus.
Artikel 2
Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de kerkraad Sint-Leonardus en aan het Agentschap Binnenlands Bestuur.
Raadslid L. Nicolaï vervoegt de zitting.
BBC 2020 - 2025
MJP001378 - Werkingstoelage erediensten (kerkfabrieken)
MJP001376 - Investeringstoelage erediensten (kerkfabrieken)
BBC 2026 - 2031
MJP001088 - Werkingstoelage erediensten (kerkfabrieken)
MJP001089 - Investeringstoelage erediensten (kerkfabrieken)
De jaarrekening 2025 van de kerkfabriek Sint-Willibrordus werd goedgekeurd door de kerkraad van 26 januari 2026 met een exploitatieoverschot van 33 258,99 euro en een investeringsoverschot van 4 739,24 euro.
Toelichting wordt gegeven door burgemeester F. Van Looveren (voor alle agendapunten van de kerkfabrieken samen).
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.40.31 uur minuten tot en met 1.44.18 uur.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017.
Decreet van 7 mei 2004 over de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten - artikel 55.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt akte van de jaarrekening 2025 van de kerkraad Sint-Willibrordus.
Artikel 2
Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de kerkraad Sint-Willibrordus en aan het Agentschap Binnenlands Bestuur.
BBC 2020 - 2025
MJP001378 - Werkingstoelage erediensten (kerkfabrieken)
MJP001376 - Investeringstoelage erediensten (kerkfabrieken)
BBC 2026 - 2031
MJP001088 - Werkingstoelage erediensten (kerkfabrieken)
MJP001089 - Investeringstoelage erediensten (kerkfabrieken)
De jaarrekening 2025 van de kerkfabriek Heilige Man Job werd goedgekeurd door de kerkraad Heilige Man Job van 14 maart 2026 met een exploitatieoverschot van 714,43 euro en een investeringsoverschot van 165,64 euro.
Toelichting wordt gegeven door burgemeester F. Van Looveren (voor alle agendapunten van de kerkfabrieken samen).
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.40.31 uur minuten tot en met 1.44.18 uur.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017.
Decreet van 7 mei 2004 over de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten - artikel 55.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt akte van de jaarrekening 2025 van de kerkraad Heilige man Job.
Artikel 2
Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de kerkraad Heilige Man Job en aan het Agentschap Binnenlands Bestuur.
BBC 2020 - 2025
MJP001378 - Werkingstoelage erediensten (kerkfabrieken)
MJP001376 - Investeringstoelage erediensten (kerkfabrieken)
BBC 2026 - 2031
MJP001088 - Werkingstoelage erediensten (kerkfabrieken)
MJP001089 - Investeringstoelage erediensten (kerkfabrieken)
De jaarrekening 2025 van de kerkfabriek Onze Lieve Vrouw van Lourdes werd goedgekeurd door de kerkraad Onze Lieve Vrouw van Lourdes van 14 maart 2026 met een exploitatieoverschot van 3 393,66 euro en een investeringsoverschot van 0 euro.
Toelichting wordt gegeven door burgemeester F. Van Looveren (voor alle agendapunten van de kerkfabrieken samen).
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar de video-opname van 1.40.31 uur minuten tot en met 1.44.18 uur.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017.
Decreet van 7 mei 2004 over de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten - artikel 55.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt akte van de jaarrekening 2025 van de kerkraad Onze Lieve Vrouw van Lourdes.
Artikel 2
Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de kerkraad Onze Lieve Vrouw van Lourdes en aan het Agentschap Binnenlands Bestuur.
De voorzitter sluit de zitting op 11/05/2026 om 14:08.
Namens Gemeenteraad,
Tinne Rombouts
Algemeen Directeur wnd.
Patrick Van Assche
Voorzitter gemeenteraad