Advies kermisoverleg 3 februari 2026:
Artikel 15 i.v.m. opstelling: eerste paragraaf behouden.
Voor het overige geen opmerkingen.
MJP001419 - retributie kermissen
Reglement over de organisatie van kermisactiviteiten van 13 juni 2013.
De Vlaamse regering had de ambitie om de regelgeving rond ambulante en kermisactiviteiten te hervormen. Het doel was de regelgeving te actualiseren zodat deze inspeelt op nieuwe consumententrends, de lokale autonomie verhoogt, de administratieve lasten verlaagd worden en er meer rechtszekerheid geboden wordt.
Vanaf 1 april 2024 zijn de wijzigingen van deze hervorming ingegaan.
Dit impliceert dat gemeenten hun gemeentelijk reglement dienen te actualiseren.
Wat wijzigt er vanaf 1 april 2024:
1) Een voorafgaande machtiging (leurkaart) is niet langer nodig.
Een foorreiziger moet in Vlaanderen niet langer over een machtiging kermisactiviteiten beschikken voor een kermisattractie of een machtiging ambulante activiteiten voor kermisgastronomie uit te oefenen. De leurkaart is met andere woorden in Vlaanderen afgeschaft.
Er blijft uiteraard gelden dat om beroepsmatig kermisactiviteiten uit te oefenen, het minstens moet gaan om een onderneming die correct ingeschreven is in de KBO. Dit vloeit voort uit het Wetboek van economisch recht en de wetgeving op de btw.
2) Het toewijzen van standplaatsen op de openbare kermis of het openbaar domein
Vanaf 1 april 2024 geldt dat standplaatsen op de openbare kermissen of op het openbaar domein maar kunnen worden toegewezen aan “ondernemingen met een inschrijving in de Kruispuntbank van Ondernemingen die de kermisactiviteit toelaat, via de persoon die de onderneming rechtsgeldig kan vertegenwoordigen.”
3) Standplaats toewijzen via mandaathouder mogelijk
Door de wetswijziging en de nieuwe formulering kan vanaf 1 april 2024 ook eventueel via een mandaathouder een standplaats aangevraagd en toegekend worden. Een mandaat impliceert dat de wettelijke vertegenwoordiger expliciet aan een bepaalde persoon het mandaat geeft om een standplaats aan te vragen namens zijn onderneming.
4) Voorwaarden verzekering, volksgezondheid, veiligheidsattesten en bewijs DIV nu gekoppeld aan de toelating
De uitoefening van de kermisactiviteit wordt pas toegelaten als de uitbater voor de activiteit de volgende elementen aantoont:
5) Digitale indiening van de kandidatuur
De indiening van een kandidatuur voor een standplaats gebeurt voortaan digitaal. Het gemeentelijk reglement kan een afwijking voorzien.
6) Loting als criterium bij toewijzing van een standplaats
De toewijzing van de standplaatsen gebeurt aan de hand van criteria die bij wet zijn vastgelegd zoals de aard van de attractie, de technische specificaties, de graad van veiligheid, de aantrekkingskracht enz...
Wanneer op basis van de wettelijke criteria geen onderscheid tussen de verschillende kandidaten mogelijk is, kan vanaf 1 april 2024 de toewijzing gebeuren door een loting.
7) Het opnemen van de technische specificaties in het register van de toegewezen standplaatsen.
Na de toewijzing van de standplaats moet de gemeente of concessionaris de toewijzing in een register opnemen. Hierbij moeten ook de technische specificaties zoals de afmetingen van de attractie of vestiging in het register opgenomen worden. Dit is belangrijk bij een overdracht van de standplaats.
8) Nieuwe regel overdracht standplaats met abonnement
Wanneer een foorreiziger een standplaats met abonnement overdraagt, is die vanaf 1 april 2024 niet meer verplicht om de attractie of vestiging mee over te dragen. De foorreiziger kan hierdoor het aantal standplaatsen geleidelijk aan afbouwen, zonder telkens de attractie of de vestiging te moeten verkopen.
Er zijn wel een aantal voorwaarden waaraan de overnemer moet voldoen.
9) Wijziging minimumopzegtermijn bij definitief opheffen van een standplaats
De minimumtermijn van de vooropzeg in geval van definitieve opheffing, verhuizing of absolute noodzakelijkheid wordt in de wetgeving bepaald.
De gemeente kan er voor opteren om een langere termijn te voorzien.
10) Niet langer nationaliteitsvoorwaarden
Samen met de voorafgaande machtiging verdwijnt vanaf 1 april 2024 ook de nationaliteitsvoorwaarde voor de aanvrager van zo’n machtiging. Dat maakt dat vanaf 1 april 2024 in principe ook ondernemers van buiten de Europese Economische Ruimte (EER), die in België geen verblijf hebben, kermisactiviteiten kunnen uitoefenen. Uiteraard moeten ze daarvoor aan minstens dezelfde voorwaarden voldoen als ondernemers van binnen de EER.
11) Ook maatschappen kunnen voortaan een standplaats aanvragen
Sinds de nieuwe vennootschapswetgeving kunnen maatschappen zich inschrijven in de KBO en een ondernemingsnummer krijgen. Door de wijziging aan de wetgeving kermisactiviteiten kunnen vanaf 1 april 2024 ook maatschappen met een inschrijving in de KBO die de ambulante activiteit toelaat een standplaats op een openbare kermis of het openbaar domein verkrijgen.
12) Efficiëntere controle, opvragen identiteitsbewijs mogelijk
Door de wetswijziging van 2023 zal vanaf 1 april 2024 de controle nu steeds gebeuren op basis van de actuele gegevens en niet op basis van de gegevens op het moment van de uitreiking van de machtiging.
De wetswijziging van 2024 voorziet ook dat voor de controle het identiteitsbewijs kan worden gevraagd om de hoedanigheid van de persoon die een standplaats aanvraagt of inneemt te controleren.
13) Definitie afgevaardigde en concessionaris
In de wetgeving worden de begrippen ‘de afgevaardigde van de burgemeester’ en ‘de concessionaris’ gebruikt.
De wetgeving definieert ze nu als volgt:
Toelichting wordt gegeven door schepen M. Crynen.
Voor het verslag tijdens de zitting wordt verwezen naar het geluidsbestand van 53.37 minuten tot en met 56.44 minuten.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
De wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening en de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten, gewijzigd bij de wetten van 4 juli 2005, 22 december 2009 en 21 januari 2013 en de decreten van 24 februari 2017 en 3 maart 2023 artikelen 8 tot en met 10.
KB van 24 september 2006 betreffende de uitoefening en organisatie van ambulante activiteiten, gewijzigd bij besluiten van de Vlaamse Regering van 21 april 2017 en 22 september 2023, artikel 15 en 23 tot en met 44.
Artikel 8 §1 van de wet van 25 juni 1993 bepaalt dat de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten op de openbare markten en kermissen, wordt geregeld bij een gemeentelijk reglement.
Volgens artikel 9 §1 van de wet van 25 juni 1993 wordt de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten op het openbaar domein, buiten de openbare markten en kermissen, geregeld bij een gemeentelijk reglement.
AFDELING 1 Organisatie van kermisactiviteiten en ambulante activiteiten in kermisgastronomie op openbare kermissen
Artikel 1 - Toepassingsgebied
Als kermis wordt beschouwd elke manifestatie ingericht of voorafgaand toegelaten door de gemeente om, op vastgestelde plaatsen en tijdstippen, de uitbaters van kermisattracties of van vestigingen van kermisgastronomie, die er producten of diensten aan de consument verkopen, samen te brengen.
Als kermisactiviteit wordt beschouwd elke verkoop, te koop aanbieding of uitstalling met het oog op de verkoop van diensten aan de consument in het kader van de uitbating van kermisattracties of van vestigingen van kermisgastronomie.
Dit reglement is niet van toepassing op pretparken, noch op vaste kermisattracties of private kermissen.
Artikel 2 - Gegevens van openbare kermissen
De gemeente richt op het openbare domein volgende openbare kermissen in:
PLAATS: Brecht Centrum
DAG: Pasen
PERIODE: Pasen en paasmaandag
Gepaard met jaarmarkt op paasmaandag
PLAN VAN DE STANDPLAATSEN: zie bijlage
PLAATS: Sint-Job-in-‘t-Goor
DAG: 1ste zondag na 10 mei
PERIODE: zaterdag, zondag en maandag
Gepaard met jaarmarkt op zondag
PLAN VAN DE STANDPLAATSEN: zie bijlage
PLAATS: Sint-Lenaarts
DAG: Pinksteren
PERIODE: zondag en maandag
Gepaard met processie en jaarmarkt op maandag
PLAN VAN DE STANDPLAATSEN: zie bijlage
PLAATS: Sint-Lenaarts
DAG: Sint-Jacob, zondag na 25 juli
PERIODE: vrijdagavond, zaterdag en zondag
Gepaard met activiteiten op vrijdag
PLAN VAN DE STANDPLAATSEN: zie bijlage
PLAATS: Overbroek
DAG: derde zondag van september
PERIODE: vrijdagavond, zondag en maandag
Gepaard met volksspelen op maandag
PLAN VAN DE STANDPLAATSEN: zie bijlage
De gemeenteraad geeft volmacht aan het college van burgemeester en schepenen om de data voor de kermissen te bepalen of te wijzigen, alsook de locatie.
De standplaatsen ingenomen ter gelegenheid van voornoemde kermissen mogen niet langer bezet worden dan vanaf de woensdag voorafgaand aan de eerste kermisdag tot de dag na de laatste kermisdag.
Artikel 3 - Voorwaarden inzake toewijzing standplaatsen
Om een standplaats te kunnen toegewezen krijgen, mag de kermisuitbater niet:
De standplaatsen op een openbare kermis worden toegewezen aan de houders van een ondernemingsnummer dat kermisactiviteiten toelaat via de persoon die de onderneming rechtsgeldig vertegenwoordigt.
Deze persoon moet desgevallend de stukken voorleggen die de volgende zaken aantonen:
De burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris kan altijd vragen dat diegene die de onderneming rechtsgeldig vertegenwoordigt, zijn identiteitsbewijs voorlegt.
Om de diversiteit van het aanbod te waarborgen, is het aantal standplaatsen per onderneming beperkt tot vier.
Artikel 4 - Verhouding abonnement – losse plaatsen
De standplaatsen op de openbare kermissen worden toegewezen hetzij voor de duur van de kermis, hetzij per abonnement. Het abonnement is de regel.
De toewijzing voor de duur van de kermis is mogelijk:
De standplaatsen per abonnement worden toegewezen aan de uitbater die een zelfde standplaats op een abonnementsplaats heeft verkregen gedurende drie opeenvolgende jaren.
Voor de berekening van de termijn, worden de opeenvolgende jaren van verkrijging van de standplaats door de overlater verrekend in het voordeel van de overnemer, op voorwaarde dat er geen onderbreking was bij de overname.
De regel van drie jaar geldt niet wanneer de standplaats werd verkregen naar aanleiding van een opschorting van het abonnement. Deze beperking is echter niet van toepassing op de persoon die daarna de nieuwe overnemer is geworden van de standplaats.
Artikel 5 - Toewijzingsregels voor standplaatsen op de openbare kermissen
5.1. Vacature en kandidatuurstelling standplaats
Wanneer een standplaats vrijkomt, zal de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris deze vacature bekend maken door publicatie van een kennisgeving.
Deze kennisgeving zal gebeuren door middel van een bericht via de website www.brecht.be en via de vakbladen.
De kandidaturen worden digitaal ingediend volgens de voorschriften en binnen de termijn voorzien in de kennisgeving van de vacature. Kandidaturen die hieraan niet voldoen, worden niet weerhouden.
Kandidaturen kunnen ook ingediend worden via een aangetekende brief met ontvangstmelding, of door een brief met ontvangstbewijs die wordt neergelegd op de plaats die aangewezen is in de kennisgeving van de vacature
5.2. Onderzoek van de kandidaturen
Voor de vergelijking van de kandidaturen onderzoekt de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris of voldaan is aan de voorwaarden inzake toewijzing vermeld in artikel 3 van dit reglement.
De standplaatsen worden toegewezen op basis van één of meer van de volgende criteria:
a) de aard van de attractie of van de vestiging;
b) de technische specificaties van de attractie of van de vestiging;
c) de graad van veiligheid van de attractie of van de vestiging;
d) de aantrekkingskracht van de attractie of van de vestiging;
e) de deskundigheid van de uitbater, van de « aangestelde - verantwoordelijken » en van het tewerkgesteld personeel;
f) desgevallend, de nuttige ervaring;
g) de ernst en het zedelijk gedrag van de kandidaat.
Als de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris op basis van deze criteria, geen onderscheid tussen de kandidaturen kan maken, is een loting mogelijk..
Het openen van de kandidaturen, hun vergelijkend onderzoek, de controle van de voorwaarden en de gemotiveerde beslissing tot toewijzing van de standplaats worden opgenomen in een proces-verbaal.
Deze kan geraadpleegd worden overeenkomstig de bepalingen van de wet van 12 november 1997 betreffende de openbaarheid van bestuur in de provincies en gemeenten.
5.3. Bekendmaking van de toewijzing van de standplaats
De burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris deelt zowel aan de kandidaat die de standplaats toegewezen kreeg als aan elke niet weerhouden kandidaat de beslissing die hem aanbelangt mee op één van de volgende wijzen:
Artikel 6 - Het register of plan van de toegewezen standplaatsen
Een plan of register wordt bijgehouden waarin voor elke toegewezen standplaats de volgende zaken worden vermeld:
a) de situering van de standplaats
b) de toewijzingsmodaliteiten van de standplaats;
c) de duur van het gebruiksrecht of het abonnement;
d) de naam, voornaam en adres van de persoon aan wie of door tussenkomst van wie de standplaats toegewezen werd;
e) desgevallend, het maatschappelijk doel van de rechtspersoon aan wie de standplaats toegewezen werd en het adres van haar maatschappelijke zetel;
f) het ondernemingsnummer;
g) de aard van de attractie of van de vestiging die de standplaats inneemt of die op de standplaats toegelaten is met vermelding van de technische specificaties;
h) de prijs van de standplaats behalve wanneer deze uniform werd vastgesteld;
i) desgevallend, de identificatie van de overlater en de datum van de overdracht.
Artikel 7 - Spoedprocedure
Indien, in de vijftien dagen voorafgaand aan de opening van de kermis, de standplaatsen vacant blijven,
kan er worden voorzien in een spoedprocedure die als volgt is bepaald:
1° de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris raadpleegt de door hem gekozen kandidaten. Hij richt zich, in de mate van het mogelijke, tot verscheidene kandidaten per voorziene standplaats;
2° de kandidaturen worden ingediend hetzij per duurzame drager tegen ontvangstbewijs, hetzij schriftelijk tegen ontvangstbewijs;
3° de burgemeester, zijn afgevaardigde of concessionaris gaat over tot de toewijzing van de standplaatsen overeenkomstig de bepalingen opgenomen in artikel 5.2, eerste en tweede lid van dit reglement;
4° zij stelt een proces-verbaal op dat per vacature of onbezette standplaats de kandidaten vermeld die hun kandidatuur hebben ingediend;
5° indien meerdere kandidaten naar eenzelfde standplaats dingen, geeft hij in het proces-verbaal de motivatie van zijn keuze aan;
6° hij deelt aan iedere kandidaat, hetzij bij ter post aangetekend schrijven met ontvangstmelding, hetzij bij persoonlijk overhandigde brief tegen ontvangstmelding, hetzij per duurzame drager (fax of e-mail) met ontvangstmelding, de beslissing mede die hem aanbelangt.
Het plaatsen van uitbaters van kermisattracties of vestigingen waaraan een standplaats werd toegewezen op basis van de spoedprocedure, kan leiden tot aanpassingen aan het plan van de kermis, voor zover deze beperkt blijven en nauwkeurig worden gemotiveerd door de technische noodzakelijkheden van de toevoeging van de nieuwkomers op het kermisterrein.
De aanpassingen zullen onderworpen worden aan de goedkeuring van de eerstvolgende gemeenteraad of college van burgemeester en schepenen, al naargelang het geval.
Artikel 8 - Duur abonnement
Het abonnement heeft een duur van vijf jaar.
Na afloop wordt het stilzwijgend verlengd behalve in de gevallen bedoeld bij het opschorten of het afstand doen van het abonnement.
De houder van het abonnement kan, op gemotiveerd verzoek, het abonnement voor een kortere duur verkrijgen. Deze aanvraag wordt ingewilligd bij de stopzetting van de activiteiten aan het einde van de loopbaan.
Indien zij omwille van andere motieven aangevraagd wordt, hangt ze af van de beoordeling van de burgemeester, van zijn afgevaardigde of van de concessionaris.
Artikel 9 - Opschorten abonnement
De houder van het abonnement kan het abonnement opschorten wanneer
1° hij tijdelijk ongeschikt is om zijn activiteit uit te oefenen:
De opschorting gaat in onmiddellijk na de bekendmaking van de ongeschiktheid en eindigt op het einde van de kermis.
Indien de opschorting één jaar overschrijdt, moet zij minstens dertig dagen voor het begin van de kermis hernieuwd worden.
2° hij over een abonnement beschikt voor een andere kermis, die ingevolge de kermiskalender op hetzelfde ogenblik plaats heeft.
De opschorting moet worden bekend gemaakt tenminste drie maanden voor de begindatum van de kermis. Zij mag geen drie opeenvolgende jaren overschrijden.
De opschorting impliceert de opschorting van de wederzijdse verplichtingen die uit de overeenkomst voortkomen.
De vraag tot opschorting dient te gebeuren:
Artikel 10 - Afstand van het abonnement
De houder van het abonnement kan van het abonnement afstand doen:
De vraag tot afstand dient te gebeuren
De burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris bevestigt onmiddellijk de ontvangst ervan.
Artikel 11 - Schorsing en opzegging van het abonnement
De burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris kan het abonnement intrekken of opschorten:
1° omdat de titularis van de standplaats niet langer voldoet aan de wettelijke verplichtingen betreffende de uitoefening van kermisactiviteiten of aan deze die van toepassing zijn op de betrokken attractie of vestiging;
2° indien de standgelden niet betaald worden;
3° bij overtreding van bepalingen vermeld in dit reglement.
4° indien de titularis van de standplaats zich weigert te schikken naar de bevelen van de burgemeester, zijn afgevaardigde of plaatsmeester.
De beslissing tot schorsing of opzegging wordt betekend bij een ter post aangetekend schrijven met ontvangstbewijs of op een duurzame drager tegen ontvangstbewijs.
Artikel 12 - Overdracht standplaats
De overdracht van een standplaats is toegelaten aan de overnemer
Een wijziging van specialisatie of technische specificatie is in uitzonderlijke gevallen mogelijk na voorafgaande toelating van de gemeente.
Binnen het eerste jaar na de overdracht kan een standplaats niet opnieuw worden overgedragen, behalve na de expliciete goedkeuring van de burgemeester of zijn afgevaardigde.
De inname van de overgedragen standplaats door de overnemer is pas toegelaten als de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris heeft vastgesteld dat de overnemer voldoet aan de bepalingen van artikel 3 van dit reglement.
Artikel 13 - Inname standplaatsen
De standplaatsen die zijn toegewezen aan de personen, vermeld in artikel 3 van dit reglement, kunnen ingenomen worden door de volgende personen:
1° de personen, vermeld in artikel 3 van dit reglement, die een kermisactiviteit uitoefenen;
2° de personen die belast zijn met het dagelijks bestuur van een rechtspersoon aan wie de standplaats is toegewezen;
3° de echtgenoot of echtgenote of wettelijk samenwonende partner van de natuurlijke persoon aan wie de standplaats is toegewezen, voor de uitoefening van de kermisactiviteit voor eigen rekening;
4° de feitelijke vennoten van de natuurlijke persoon of een maatschap aan wie de standplaats is toegewezen, die een kermisactiviteit voor eigen rekening uitoefenen;
5° de personen die de kermisactiviteit uitoefenen voor rekening of in dienst van de natuurlijke personen, maatschap of rechtspersonen, vermeld in punt 1° tot en met 4°.
De personen, vermeld in het eerste lid, 2° tot en met 5°, kunnen de standplaatsen innemen die toegewezen zijn aan de natuurlijke persoon of rechtspersoon of maatschap voor wiens rekening of wiens dienst ze de kermisactiviteit uitoefenen, buiten de aanwezigheid van de persoon aan wie of door middel van wie de standplaats is toegewezen
Artikel 14 - Vooropzeg vanuit de gemeente
Wanneer de openbare kermis of een deel van de standplaatsen definitief wordt opgeheven, geldt een termijn van vooropzeg aan de houders van een standplaats per abonnement
Deze termijn bedraagt 12 maanden wanneer de houder definitief zijn abonnement verliest.
Deze termijn bedraagt 6 maanden in het geval van een definitieve verhuizing van de openbare kermis of een deel ervan en de houder zijn abonnement behoudt.
In gevallen van absolute noodzakelijkheid kan hier van afgeweken worden. De minimumtermijn kan dan ingekort worden.
Artikel 15 - Inrichting standplaatsen
15.1. Opstelling
Met uitzondering van de wagens die onmisbaar zijn voor de uitbating van de kermisactiviteit, mag geen enkel rijtuig of woonwagen op het kermisterrein, behoudens voorafgaande toestemming van de burgemeester of zijn afgevaardigde.
Tussen elke inrichting dient er minstens een vrije ruimte van1 meter voorzien te worden; tussen tegenoverstaande attracties een doorgang van minstens3 meter.
Een minimale vrije hoogte van2,10 metermoet verzekerd blijven, indien de uitbaters oversteken gebruiken waaraan allerlei artikelen of koopwaar bevestigd worden.
Handelszaken gelegen langs het traject van de kermis dienen bereikbaar te zijn, net zoals de toegang voor voetgangers tot de woonst dient vrij te blijven.
Elke kermisuitbater beschikt enkel over zijn toegewezen standplaats. Het is niet toegelaten de maximum afmetingen te overschrijden. Per toegewezen standplaats mag de kermisuitbater slechts één kermiskraam plaatsen.
De kramen worden volgens het kermisplan opgesteld op een veilige wijze en zonder schade aan te brengen aan het openbaar domein.
Het is de uitbaters verboden het wegdek en de bestrating op het kermisterrein, wandel- en rijwegen, voetpaden, parkeerterreinen en dergelijke, te beschadigen. Onder geen enkel voorwendsel mogen zij hun inrichting(en) verankeren aan het wegdek, bomen, verlichtingstoestellen, verkeerstekens of dergelijke.
Buiten de kermisuitbaters zal niemand op of rond het kermisterrein iets mogen verkopen of voorstellen. Voor het plaatsen van een danstent dienen de voorziene toelatingen bekomen te worden bij het gemeentebestuur.
15.2. Afval
Vanaf het moment van oprijden tot aan het vertrek dienen de kramen zich in goede, veilige en hygiënische toestand te bevinden. De kermisuitbaters staan zelf in voor het verzamelen, bewaren en afvoeren van hun bedrijfsafval en zijn verantwoordelijk voor een nette omgeving rond hun inrichting.
De kermisuitbaters die eten, drinken of verpakte goederen aan het publiek aanbieden of ter beschikking stellen, voorzien voldoende afvalbakken in de onmiddellijke nabijheid van hun kraam. De afvalbakken zijn netjes en worden voldoende geledigd.
De standplaats dient na de kermis in oorspronkelijke staat achtergelaten te worden.
15.3. Openingsuren en geluid
De openingsuren van de kermiskramen worden bepaald door het college. De minimale openingsuren dienen te worden gerespecteerd. Het niet openen wordt aanzien als voortijdige afbraak.
Het sluitingsuur van de kermis wordt vastgesteld op 24.00 uur. Vanaf dat ogenblik mag er ook geen muziek meer geproduceerd worden. Buiten de kermisuren, is het verboden op het kermisterrein muziek te produceren en lawaaihinder te veroorzaken.
Behoudens in geval van afwijking zoals bepaald door het college van burgemeester en schepenen, zijn de bepalingen van het koninklijk besluit van24 februari 1977houdende vaststelling van geluidsnormen voor zowel muziek als mechanische installaties in openbare en private inrichtingen van toepassing op de kermisattracties. De kermisuitbaters dienen zich dus te houden aan de wettelijke geluidsnormen.
Luidsprekers mogen niet worden aangebracht aan de buitenkant van de inrichting. Zij moeten geplaatst worden aan de binnenkant waarbij de opening van deze luidsprekers binnenwaarts en naar de grond moet gericht worden.
Er mogen aan de attractie geen sirenes gebruikt worden die enige gelijkenis vertonen met deze in gebruik door openbare en private hulpdiensten (brandweer, ziekenwagen, politie, …).
De kermisattracties mogen de kermis niet verlaten voor het einde van de kermis.
15.4. Tarieven
In elke inrichting moet een duidelijk en goed zichtbaar bord worden aangebracht met vermelding van de naam van de uitbater en het ondernemingsnummer.
Bij elke kermisattractie dient het tarief aangeduid te worden in euro. Deze tariefaanduiding moet duidelijk, ondubbelzinnig en in het Nederlands zijn; ze moet op een goed zichtbare plaats aangebracht worden en door het publiek van op een redelijke afstand gelezen kunnen worden. De tarieven mogen in de loop van de desbetreffende kermis niet gewijzigd worden.
Artikel 16 - Veiligheid
De burgemeester, zijn afgevaardigde of de persoon door hem aangesteld, heeft steeds het recht om bijkomende verplichtingen aan de kermisuitbaters op te leggen die hij nodig acht om de veiligheid en de goede orde op het terrein te verzekeren.
Er worden op de voorziene kermisterreinen in de gemeente elektriciteitskasten geplaatst ten behoeve van de kermisuitbaters tijdens de kermissen. Voor de tarieven voor het gebruik van deze elektriciteitskasten wordt verwezen naar het gemeentelijk retributiereglement.
De kermisuitbater kan in geen geval een vergoeding eisen wanneer blijkt dat er geen elektriciteitsaansluiting beschikbaar is voor zijn kermisattractie.
Het bestuur kan door de kermisuitbaters, ongeacht de oorzaak, niet aansprakelijk gesteld worden bij een eventuele stroompanne of -onderbreking.
Alle elektrische leidingen moeten, zowel binnen als buiten de inrichting, zorgvuldig en op doeltreffende wijze geïsoleerd zijn.
Kermisuitbaters dienen zelf te zorgen voor de nodige aansluitkabels (aangepast volgens vermogen en lengte) die dienen uitgerust te zijn met veilige koppelingen volgens de wettelijke reglementeringen.
Al de uitbaters moeten steeds de nodige keuringsattesten van hun elektrische installatie, afgeleverd door een erkend keuringsorganisme, kunnen voorleggen aan de burgemeester, zijn afgevaardigde of concessionaris.
De binneninrichtingen moeten voldoen aan technische eisen gesteld in alle desbetreffende wetten en reglementen zoals het Algemeen Reglement op Elektrische Installaties (A.R.E.I.).
Het is verboden verwarmingstoestellen te gebruiken die niet voldoen aan alle veiligheidsnormen of die gassen of rook uitstoten. Open vuur maken op de kermis is eveneens verboden.
Per kermiskraam moet minstens één brandblusser van 6 kg bluspoeder type ABC aanwezig zijn. Dit toestel dient jaarlijks te worden gekeurd door een bevoegde firma. De brandblusser moet op een goed zichtbare plaats binnen handbereik worden opgesteld.
De kermisuitbaters die ter plaatse warme gerechten bereiden moeten beschikken over een branddeken op een gemakkelijk bereikbare plaats. In lunaparken moet bijkomend minstens één brandblusser van 5 kg CO2 aanwezig zijn.
Indien de burgemeester vaststelt dat om technische redenen de veiligheid van de gebruikers van een kermisattractie of van de omstaanders niet gewaarborgd is, kan de attractie gesloten worden voor de verdere duur van de kermis of tot na de degelijke herstelling van de vastgestelde gebreken.
Het is iedere kermisuitbater verboden enige vorm van vuurwerkartikelen of enig ander explosief materiaal te verkopen, als prijs te geven of op te slaan in of nabij de kermisattractie, woonwagen of pakwagen.
Artikel 17 - Algemeen
De verantwoordelijke van de kermis houdt toezicht op de naleving van het kermisreglement. Het is zijn plicht de kermisuitbaters die hun verplichtingen niet nakomen daarop te wijzen.
Bij ernstige inbreuken kunnen zij door de burgemeester of zijn afgevaardigde onmiddellijk van de standplaats verwijderd worden.
Het is verboden dranken te schenken, behalve in vestigingen van kermisgastronomie. Verstrekkers van alcoholische dranken zijn verplicht de leeftijd van de bezoekers te controleren.
Kermisuitbaters mogen geen sterke dranken verkopen, te koop aanbieden of als prijs geven in hun kermisinrichting.
Het gemeentebestuur is niet verantwoordelijk voor om het even welke schade of ongevallen veroorzaakt door de kermiskramen, hun uitbaters of hun personeel, zowel binnen de inrichtingen als op de openbare weg. Het gemeentebestuur is evenmin aansprakelijk voor beschadiging aan de wagens of kermiskramen, verlies en diefstal van de in de wagens of kermiskramen opgeborgen of tentoongestelde zaken.
De kermisuitbater die een standplaats heeft bekomen op één van de kermissen in Brecht is standgeld verschuldigd overeenkomstig het gemeentelijk retributiereglement
De betaling van de standgelden dient te gebeuren voor de vervaldatum vermeld op de factuur.
Kermisuitbaters die hun toegekende standplaats overdragen aan derden of niet in gebruik hebben genomen zonder schriftelijke toelating van de burgemeester of zijn afgevaardigde blijven het standgeld volledig verschuldigd. In geen geval kan de kermisuitbater schadeloosstelling eisen van het college.
In geval van betwisting of in gevallen niet voorzien in huidig reglement, is het college van burgemeester en schepenen bevoegd om te beslissen.
AFDELING 2 Organisatie van kermisactiviteiten op privé domein en op het openbare domein buiten openbare kermissen
Artikel 18 - Toepassingsgebied
18.1. Op aanvraag van een kermisuitbater
Eén ieder die een standplaats wenst in te nemen op één of meerdere plaatsen van het openbare domein buiten de openbare kermissen om kermisactiviteit uit te oefenen moet dit voorafgaand aanvragen bij de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris.
Deze aanvraag dient te gebeuren via een standaardformulier op de gemeentelijke website www.brecht.be
18.2. Vanuit de gemeente
Wanneer de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris, een standplaats op het openbare domein wenst toe te kennen, wordt de procedure zoals omschreven in artikel 5 van dit reglement gevolgd.
Artikel 19 - Voorwaarden inzake toewijzing en inname standplaatsen
De personen die voldoen aan de voorwaarden tot het verkrijgen (zie artikel 3) en innemen (zie artikel 13) van de standplaatsen op de openbare kermis kunnen standplaatsen op het openbare domein verkrijgen en innemen.
Artikel 20 - Duur machtiging
De machtiging wordt door de burgemeester, zijn afgevaardigde of concessionaris toegekend:
- voor een bepaalde periode;
- of per abonnement.
Een abonnement kan toegekend worden van zodra de kermisuitbater een zelfde standplaats heeft verkregen gedurende drie opeenvolgende jaren.
Voor de berekening van de termijn, worden de opeenvolgende jaren van verkrijging van de standplaats door de overlater verrekend in het voordeel van de overnemer, op voorwaarde dat er geen onderbreking was bij de overname.
De regel van drie jaar geldt niet wanneer de standplaats werd verkregen naar aanleiding van een opschorting van het abonnement. Deze beperking is echter niet van toepassing op de persoon die daarna de nieuwe overnemer is geworden van de standplaats.
Artikel 21 - Abonnementen
De artikelen 8, 9, 10, 11 en 12 zijn van toepassing op de abonnementen toegekend krachtens afdeling 2
AFDELING 3 Slotbepalingen
Artikel 22 - Controle documenten
De personen belast met de praktische organisatie van de openbare kermissen en de kermisactiviteiten op het openbare domein, hiertoe aangesteld door de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris zijn gemachtigd om de documenten vermeld in artikel 3 van dit reglement te controleren.
Artikel 23 - inwerkingtreding.
Dit reglement treedt in werking op 1 april 2026.
Artikel 24 - Opheffing vorig reglement
Dit reglement vervangt alle voorgaande reglementen.
Artikel 25 - Toezicht
Dit reglement valt onder het toezicht van de toezichthoudende overheid.