Thu 08/06/2023 - 21:30 Raadszaal
Het verslag van de voorgaande zitting d.d. 11 mei 2023, dat acht dagen voor de huidige zitting ter inzage van de gemeenteraadsleden heeft gelegen, wordt door de gemeenteraad goedgekeurd.
De gemeenteraad neemt akte van het verslag van de politiezone Voorkempen voor het dienstjaar 2022.
Het bestek met nr. 2023/017 en de raming voor de opdracht “Onderhouds- en herstellingswerken wegen 2023”, opgesteld door de ontwerper, Groep Infrabo, Langstraat 65 te 2260 Westerlo worden goedgekeurd. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten. De raming bedraagt € 248.276,75 excl. btw.
Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de openbare procedure.
De aankondiging van de opdracht wordt ingevuld, goedgekeurd en bekendgemaakt op nationaal niveau.
Het bestek met nr. 2023/016 en de raming voor de opdracht “Groenonderhoudsopdrachten via sociale tewerkstelling 2024 - 2027”, opgesteld door de Groendienst worden goedgekeurd. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten. De raming bedraagt € 2.857.948,48 excl. btw of € 3.458.117,64 incl. 21% btw.
Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de openbare procedure.
In toepassing van artikel 15 van de wet van 17 juni 2016 betreffende de overheidsopdrachten is de uitvoering van de opdracht beperkt tot het kader van de programma's voor beschermde arbeid.
In toepassing van artikel 15 van de wet van 17 juni 2016 betreffende de overheidsopdrachten, is de opdracht voorbehouden aan sociale werkplaatsen en ondernemers die de sociale en professionele integratie van kansarmen of personen met een handicap tot doel hebben.
De aankondiging van de opdracht wordt ingevuld, goedgekeurd en bekendgemaakt op nationaal en Europees niveau.
Het bestek met nr. 2023/2142 en de raming voor de opdracht “Lastvoorwaarden herinrichting Mudaeussstraat en realisatie van de omgevingswerken aan 't Gemeentehuis Brecht”, opgesteld door de ontwerper worden goedgekeurd. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten. De raming bedraagt € 822.958,61 excl. btw of € 955.779,92 incl. 21% btw
Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de openbare procedure.
De aankondiging van de opdracht wordt ingevuld, goedgekeurd en bekendgemaakt op nationaal niveau.
De gemeenteraad keurt het rooilijnplan, met inbegrip van de kosteloze grondafstand, zoals opgenomen in bijlage goed.
De gemeenteraad keurt de ligging, breedte en uitrusting van de gemeenteweg Kapelakker, zoals ontworpen in de verkavelingsaanvraag, gelegen Kerkstraat/Kapelakker en kadastraal gekend als 4e Afdeling, sectie D, nrs 178/M, 181/C, 188/E (deel), 198/P, 198/R, 198/S, 200/A (deel) en deel zonder nummer goed mits voldaan wordt aan volgende voorwaarden:
De gemeenteraad legt aan de houder van de verkavelingsvergunning, bij afgifte van de verkavelingsvergunning, de hiernavolgende lasten op:
Volgens art 4.2.16 §1 en §2, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kan een kavel uit een vergunde verkaveling of verkavelingsfase enkel verkocht worden, verhuurd worden voor méér dan negen jaar, of bezwaard worden met een recht van erfpacht of opstal, nadat de verkavelingsakte door de instrumenterende ambtenaar is verleden. De verkavelingsakte wordt eerst verleden na overlegging van een attest van het college van burgemeester en schepenen, waaruit blijkt dat, voor de volledige verkaveling of voor de betrokken verkavelingsfase, het geheel van de lasten uitgevoerd is of gewaarborgd is door:
1° de storting van een afdoende financiële waarborg;
2° een door een bankinstelling op onherroepelijke wijze verleende afdoende financiële waarborg.
Dit attest kan worden afgeleverd indien de vergunninghouder deels zelf de lasten voorlopig heeft opgeleverd, deels de nodige waarborgen heeft gegeven.
Indien een financiële waarborg wordt verleend voor de aanleg van de weg, de riolering en/of het openbaar groen, dan gelden volgende dwingende termijnen voor het uitvoeren en afwerken van de werken:
- Het geheel van deze lasten moet uitgevoerd zijn zodat tot voorlopige oplevering kan worden overgaan binnen een termijn van 3 jaar nadat het verkoopbaarheidsattest door het college van burgemeester en schepenen aan de houder van de vergunning is betekend,
- de definitieve oplevering vindt drie jaar na de voorlopige oplevering plaats.
Indien geen financiële waarborg wordt verleend en geen verkoopbaarheidsattest is afgeleverd, geldt geen dwingende termijn voor uitvoering van deze lasten. Enkel de vervaltermijnen voorzien in artikel 4.6.4. §2 Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening gelden dan.
De weg (met zijn uitrusting en riolering), alsook de zones voor openbaar groen zullen uiterlijk één jaar na de definitieve oplevering kosteloos aan de gemeente worden afgestaan.
De akte van overdracht wordt verleden voor een notaris die door de houder van de verkavelingsvergunning wordt aangeduid. Alle kosten met betrekking tot deze akte (opmaken, verlijden, registreren, overschrijven, …) zijn ten laste van de houder van de verkavelingsvergunning.
Goedkeuring wordt verleend aan de erfpachtakte voor de Bijenkorf, kadastraal gekend onder wijk A, deel van nummer 1E46 P0001 (37a48ca) tussen gemeente Brecht en Vicariaat Kempen.
De gemeenteraad keurt de domeinconcessievoorwaarden voor de plaatsing van 3 digitale schermen goed.
De inschrijvingen van kandidaten kunnen tot en met dinsdag 27 juni 2023 ingediend worden.
De gemeenteraad neemt akte van het rapport van de klachtenbehandeling van 1 mei 2022 tot en met 30 april 2023.
De gemeenteraad neemt akte van de geïntegreerde rapportering over periode juni 2022 - mei 2023 zoals opgesteld door de algemeen directeur.
Het bestek met nr. 2023/018 en de raming voor de opdracht “Lastvoorwaarden voor de aankoop van multimedia in 't Gemeentehuis in Brecht” worden goedgekeurd. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten. De raming bedraagt € 185.000,00 excl. btw of € 223.850,00 incl. 21% btw.
Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking.
De aankondiging van de opdracht wordt ingevuld, goedgekeurd en bekendgemaakt op nationaal niveau.
De gemeenteraad stelt de jaarrekening 2022 voor de gemeente Brecht vast.
De gemeenteraad keurt de jaarrekening 2022 voor het OCMW Brecht goed.
De gemeenteraad stelt de jaarrekening 2022 van gemeente en OCMW Brecht vast.
Artikel 1 Belastbaar feit
Er wordt voor de aanslagjaren 2023 – 2025 een jaarlijkse gemeentebelasting gevestigd op de tweede verblijven.
Artikel 2 Definities en begripsomschrijvingen
Voor de toepassing van dit reglement wordt begrepen onder:
1. Beveiligde zending: één van de hiernavolgende betekeningswijzen:
2. Belastingplichtige:
De belasting is verschuldigd door de natuurlijke of rechtspersoon die op 1 januari van het aanslagjaar eigenaar of houder van het zakelijk recht is van het tweede verblijf.
Zijn belastingplicht geldt ook wanneer het tweede verblijf verhuurd wordt of door een derde feitelijk gebruikt wordt.
Zijn belastingplicht geldt ongeacht het feit of hij al dan niet is ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente Brecht.
In geval van vruchtgebruik, recht van opstal of recht van erfpacht is de belasting verschuldigd door de vruchtgebruiker, de opstalhouder of erfpachthouder.
Ingeval van mede-eigendom zijn de mede-eigenaars hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de totale belastingschuld. Ingeval er meerdere andere houders zijn van het zakelijk recht, zijn deze eveneens hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de totale belastingschuld.
De overdrager van het zakelijk recht moet via beveiligde zending de verkrijger ervan in kennis stellen dat het goed is opgenomen in het gemeentelijk register van tweede verblijven.
Tevens moet hij per beveiligd schrijven een kopie van de notariële akte bezorgen aan de gemeente binnen twee maanden na het verlijden van de notariële akte.
Deze kopie bevat minstens de volgende gegevens:
Bij ontstentenis van deze kennisgeving wordt de overdrager van een zakelijk recht als belastingschuldige beschouwd voor de eerstvolgende belasting die na de overdracht van het zakelijk recht wordt gevestigd.
3. Als een woning wordt beschouwd : een onroerend goed of een gedeelte ervan dat hoofdzakelijk is bestemd voor de huisvesting van een gezin of alleenstaande. (cfr art. 1.3 §1, eerste lid, 66° van de Vlaamse Codex Wonen van 2021). Het gaat hier over elke woning; dus ook over:
Al dan niet ingeschreven in de kadastrale legger.
4. Als tweede verblijf wordt beschouwd: elke woning die wordt gebruikt in overeenstemming met de woon- of andere functie die effectief en niet occasioneel gebruik meebrengt, maar waar op 1 januari van het aanslagjaar niemand is ingeschreven in de bevolkingsregisters of vreemdelingenregister voor het hoofdverblijf en dus op elk ogenblik door de eigenaar, de huurder of de gebruiker voor bewoning of verblijfsgelegenheid kan worden gebruikt: aanwezigheid van noodzakelijke nutsaansluitingen, uitgeruste keuken en sanitaire voorzieningen.
Vallen niet onder deze reglementering:
5. Register voor tweede verblijven: het register vermeld in artikel 3 van dit reglement.
6. Renovatiedossier :een dossier dat ingediend kan worden voor het verkrijgen van een vrijstelling op de heffing als er grote verbouwingswerken aan de woning lopende/gepland zijn. Er dient aan minstens 3 van de volgende voorwaarden voldaan te worden:
Artikel 3 Het gemeentelijk register van tweede verblijven
De gemeente houdt een gemeentelijk register van tweede verblijven bij.
In dit register worden minimaal de volgende gegevens opgenomen:
Een woning die opgenomen is in het gemeentelijk register van leegstaande gebouwen of woningen, kan niet worden opgenomen in het gemeentelijk register van tweede verblijven.
Een woning die opgenomen is in het gemeentelijk register van het tweede verblijven, kan eveneens worden opgenomen in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen.
Een woning die opgenomen is in het register tweede verblijven en waarvoor de minimale eisen ontbreken die op elk ogenblik door de eigenaar, de huurder of de gebruiker voor bewoning of verblijfsgelegenheid onmogelijk maken zoals vermeld in artikel 2 van dit reglement, kan op een later tijdstip worden opgenomen in de gewestelijke inventaris voor ongeschikte en/of onbewoonbare woningen en gebouwen.
Een woning die geïnventariseerd is als ongeschikt en/of onbewoonbaar, kan niet bijkomend worden opgenomen in het gemeentelijk leegstandsregister.
Artikel 4 Berekeningsgrondslag
Er wordt voor de jaren 2023 tot en met 2025 een gemeentebelasting gevestigd ten laste van de houder(s) van het zakelijk recht die op grondgebied van de gemeente een tweede verblijf bezitten op 1 januari van het aanslagjaar.
De belasting is ineens en voor het hele jaar verschuldigd per tweede verblijf op 1 januari van het aanslagjaar zolang de woning niet is geschrapt uit het register tweede verblijven.
Artikel 5 Vaststelling van het tweede verblijf en aangifteplicht
Aan de gekende belastingplichtigen wordt jaarlijks een aanslagbiljet verzonden, zolang het onroerend goed is opgenomen in het register van tweede verblijven. Voor hen geldt geen aangifteplicht.
Nieuwe belastingplichtigen hebben wel een aangifteplicht. De belastingplichtige maakt melding van zijn belastbare toestand voor 31 maart van het aanslagjaar. Aangiftes kunnen worden ingediend door het invullen van het hiervoor bedoelde webformulier dat te vinden is op de website van de gemeente Brecht of per mail aan gemeentebelastingen@brecht.be bezorgd worden of door een afgifte tegen ontvangstbewijs.
Bij gebrek aan een aangifte op de gestelde datum, of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte kan de belasting ambtshalve worden ingekohierd conform de procedure voorzien in artikel 7 van het decreet van 30 mei 2008.
In geval van ambtshalve aanslag wordt de belasting gevestigd op basis van gegevens waarover de belastingheffende overheid beschikt. De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met een bedrag gelijk aan de verschuldigde belasting. De belastingverhoging wordt gelijktijdig en samen met de ambtshalve belasting ingekohierd.
Artikel 6 Schrapping uit het register van tweede verblijven
Een woning kan uit het register van tweede verblijven worden geschrapt :
- Wanneer de houder(s) van het zakelijk recht bewijst dat er op 1 januari van het aanslagjaar een inschrijving in de bevolkingsregisters of het vreemdelingenregister vast te stellen is of wanneer het tweede verblijf volledig gesloopt is. De datum van schrapping is de datum van inschrijving of de datum waarop kan worden vastgesteld dat het tweede verblijf volledig gesloopt werd.
- Wanneer de houder(s) van het zakelijk recht bewijst dat de constructie niet langer voldoet aan de definitie van een tweede verblijf conform artikel 2 van dit reglement. De datum van schrapping van het tweede verblijf uit het register is de datum van verzoek van de schrapping, zijnde de datum van de beveiligde zending.
De schrapping wordt in geen enkel geval automatisch door de administratie toegekend.
Voor de schrapping uit het register richt de houder van het zakelijk recht een schriftelijk verzoek aan de administratie. Op straffe van nietigheid moet dit verzoekschrift:
Artikel 7 Tarief van de belasting
Het jaarlijks bedrag van de belasting is 750,00 euro per tweede verblijf. De tarieven worden jaarlijks op 1 januari aangepast volgens de schommelingen van de gezondheidsindex. Deze aanpassing gebeurt door middel van de coëfficiënt die wordt bekomen door het indexcijfer van de maand september voorafgaand aan de indexeringsdatum van het betreffende jaar te delen door het indexcijfer van de maand december 2022. Bij de indexering worden de tarieven afgerond tot op de dichtstbijzijnde 10 cent.
Artikel 8 Vrijstellingen
In enkele gevallen kan de houder van een zakelijk recht vrijgesteld worden van betaling van de heffing.
Een vrijstelling van de heffing moet aangevraagd worden door middel van een aanvraagformulier. De heffing wordt in geen enkel geval automatisch toegekend door de registerbeheerder. De houder van het zakelijk recht die gebruik wenst te maken van een vrijstelling dient zelf hiervoor de nodige bewijsstukken voor te leggen aan de registerbeheerder.
De aanvraag van een vrijstelling dient schriftelijk te gebeuren door middel van een beveiligde zending.
Een vrijstelling op de heffing kan bekomen worden bij goedkeuring door het college van Burgemeester en Schepenen. Het college doet binnen de 60 dagen uitspraak over de aanvraag tot vrijstelling van de heffing, ingaande de dag na deze van betekening van deze aanvraag.
Tijdens de periode van vrijstelling blijft het tweede verblijf wel geregistreerd. Indien niet aan de voorwaarden wordt voldaan, vervalt de vrijstelling en dient de heffing alsnog betaald te worden.
Van de heffing op tweede verblijven kunnen worden vrijgesteld:
- woongelegenheden waarvan de notariële akte verleden werd vanaf 2 januari van het jaar, voorafgaand aan het aanslagjaar en waarvoor de houder van het zakelijk recht bewijst dat er een inschrijving in het bevolkings- of vreemdelingenregister genoteerd wordt uiterlijk 12 maanden na de datum van ondertekening van de notariële akte.
- woongelegenheden die tijdens de periode van registratie als tweede verblijf verkocht werden en die gerenoveerd of gesloopt worden :
Artikel 9 Wijze van inning
De belasting wordt ingevorderd via een kohier dat wordt vastgesteld en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 10 Betaaltermijn
De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na verzending van het aanslagbiljet.
Artikel 11 Bezwaar
De belastingplichtige kan bezwaar indienen tegen deze belasting bij het college van burgemeester en schepenen.
Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstbewijs afgegeven, binnen vijftien dagen na de indiening ervan.
Artikel 12 Niet-betaling
Bij niet-betaling binnen de wettelijk bepaalde vervaltermijn, zal een gratis eerste aanmaning worden verzonden. Voor een tweede, en desgevallend elke volgende, aanmaning wordt telkens een kost van 20,00 euro aangerekend voor de verzending.
Als de debiteur een afbetalingsplan krijgt en dit vervolgens niet nakomt, wordt hem een aanmaning gestuurd. Voor deze aanmaning wordt een kost van 20,00 euro aangerekend.
Wanneer de debiteur niet overgaat tot betaling van de volledige schuld, kosten en intresten inbegrepen, kan de financieel directeur overgaan tot het verlenen van een volmacht aan de gerechtsdeurwaarder met het oog op het laten opmaken van een ‘bevel tot betaling’. Voor het aanmaken van deze volmacht wordt een kost van 30,00 euro aangerekend.
Artikel 13 Opheffing vorig besluit
Dit reglement vervangt het belastingreglement op tweede verblijven van 11 maart 2021.
Artikel 14 Toezicht
Dit reglement valt onder het toezicht van de toezichthoudende overheid.
Artikel 1 Definities en begripsomschrijvingen
Voor de toepassing van dit reglement gelden de begripsomschrijvingen van de Vlaamse Codex Wonen 2021.
Voor de toepassing van dit reglement wordt begrepen onder:
met betrekking tot een gebouw of een woning; zoals vermeld in art.1.3 § 1, eerste lid, 22° van de Vlaamse Codex Wonen van 2021;
De aanvraag dient per beveiligde zending bezorgd te worden aan de dienst wonen en bevat de volgende zaken:
Het college doet binnen de 60 dagen uitspraak over de aanvraag tot vrijstelling van de heffing, ingaande de dag na deze van betekening van deze aanvraag.
REGISTRATIE VAN VERWAARLOOSDE WONINGEN, GEBOUWEN EN TERREINEN
Artikel 2 Het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen
De gemeente houdt een gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen bij.
Woningen of gebouwen kunnen voorkomen in verschillende registers en/of in de inventaris.
Een woning die of een gebouw dat opgenomen is in het gemeentelijk register van leegstaande gebouwen of woningen, kan eveneens worden opgenomen in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen en vice versa.
Een woning die opgenomen is in de gewestelijke inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen, kan eveneens worden opgenomen in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen en vice versa.
In dit register worden minimaal de volgende gegevens opgenomen:
Artikel 3 Vaststelling en registratie van de verwaarlozing
De registerbeheerder stelt de verwaarlozing van een woning, gebouw of terrein vast in een genummerde administratieve akte, aan de hand van het model van technisch verslag dat als bijlage is toegevoegd aan dit reglement. Er worden één of meerdere foto’s toegevoegd die de verwaarlozing staven.
De uiterlijke gebreken worden, door middel van het technisch verslag, naar de ernst van het gebrek ingedeeld in drie categorieën:
Er is sprake van verwaarlozing als de indicaties in dit verslag een eindscore opleveren van minimaal negen punten.
De registerbeheerder neemt een woning of een gebouw of een terrein waarvan is vastgesteld dat het verwaarloosd is, op in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen, de vijfde werkdag na het verstrijken van de bezwaartermijn vermeld in artikel 6 of wanneer een ontvankelijk bezwaar is ingediend, de eerste werkdag die volgt op de beslissing waarbij geoordeeld wordt dat het bezwaar ongegrond is, met als opnamedatum de datum van de administratieve akte.
Artikel 4 Kennisgeving van de vaststelling en de voorgenomen registratie
Alle zakelijk gerechtigden, zoals bekend bij de administratie van het Kadaster, de Registratie en de Domeinen, worden met een beveiligde zending in kennis gesteld van de vaststellingen van verwaarlozing en het voornemen om de woning, gebouw of terrein op te nemen in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen.
Deze kennisgeving bevat:
De beveiligde zending wordt gericht aan de woonplaats van de zakelijk gerechtigde. Is een woonplaats van een zakelijk gerechtigde niet gekend, dan wordt de beveiligde zending gericht aan zijn verblijfplaats. Is de verblijfplaats van een zakelijk gerechtigde niet gekend, dan vindt de betekening plaats aan het adres van de woning of het gebouw waarop de administratieve akte betrekking heeft.
Artikel 5 Bezwaar tegen de voorgenomen registratie
Tegen de vaststelling en het voornemen om een woning, gebouw of terrein op te nemen in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen kan de zakelijk gerechtigde bezwaar aantekenen bij de bezwaarinstantie.
Op straffe van nietigheid moet dit bezwaar:
Als datum van het bezwaarschrift wordt de datum van de beveiligde zending gehanteerd .
Als het bezwaarschrift ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de zakelijk gerechtigde, voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat.
Zolang de indieningstermijn van dertig dagen niet verstreken is, kan een vervangend bezwaarschrift ingediend worden, waarbij het eerdere bezwaarschrift als ingetrokken wordt beschouwd.
Elk inkomend bezwaarschrift wordt in het register geregistreerd en aan de indiener wordt een ontvangstbevestiging verstuurd.
Een laattijdig ingediend bezwaar tegen een voorgenomen registratie wordt behandeld als een verzoek tot schrapping als vermeld in artikel 7.
Het bezwaarschrift is alleen onontvankelijk:
Als het bezwaarschrift onontvankelijk is, deelt de bezwaarinstantie dit onverwijld mee aan de indiener.
Het indienen van een aangepast of nieuw bezwaar is mogelijk zolang de bezwaartermijn van dertig dagen niet verstreken is.
De bezwaarinstantie onderzoekt de gegrondheid van de ontvankelijke bezwaarschriften. Het onderzoek gebeurt op stukken als de feiten vatbaar zijn voor een directe, eenvoudige vaststelling. Als een onderzoek op stukken niet volstaat, wordt een feitenonderzoek uitgevoerd door de met opsporing van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen belaste personeelsleden.
Het bezwaar wordt geacht ongegrond te zijn als de toegang tot een gebouw, een woning of een terrein geweigerd of verhinderd wordt voor het feitenonderzoek.
De bezwaarinstantie doet uitspraak over het bezwaar en betekent zijn beslissing met een beveiligde zending aan de indiener ervan, binnen een termijn van negentig dagen, die ingaat de dag na de betekening van het bezwaarschrift.
Als de beslissing tot opname in het register niet tijdig betwist wordt, of het bezwaar van de zakelijk gerechtigde onontvankelijk of ongegrond verklaard wordt, neemt de administratie het gebouw of de woning of het terrein in het register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen op vanaf de datum van de vaststelling van de verwaarlozing, zijnde de datum van de administratieve akte.
Wordt het bezwaar ingewilligd, dan wordt de woning of het gebouw of het terrein niet opgenomen in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen.
De woningen, gebouwen en terreinen die in een eerder op grond van de Vlaamse Codex wonen opgemaakt register zijn opgenomen worden opgenomen in het register op grond van het huidige reglement en met behoud van de oorspronkelijke datum van opname.
Artikel 6 Schrapping uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen
Een woning, een gebouw of een terrein wordt uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen geschrapt wanneer de zakelijk gerechtigde bewijst dat de woning, het gebouw of het terrein geen indicaties van verwaarlozing meer vertoont die bij quotering in het model van technisch verslag, vermeld in artikel 4 , negen punten of meer zouden opleveren. De schrapping wordt in geen enkel geval automatisch toegekend door de administratie.
Voor de schrapping uit het register richt de zakelijk gerechtigde een schriftelijk verzoek aan de administratie. Op straffe van nietigheid moet dit verzoekschrift:
Als datum van het verzoek wordt de datum van de aangetekende verzending gehanteerd.
De beëindiging van de staat van verwaarlozing kan aangetoond worden met alle bewijsmiddelen van gemeen recht, uitgezonderd de eed. Bv. foto’s.
Als het verzoek tot schrapping ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de zakelijk gerechtigde, voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat.
De administratie stuurt aan de indiener van het verzoek tot schrapping een ontvangstbevestiging.
De administratie onderzoekt de gegrondheid van de ontvankelijke verzoeken tot schrapping. Het onderzoek gebeurt op stukken als de feiten vatbaar zijn voor een directe, eenvoudige vaststelling. Als een onderzoek op stukken niet volstaat, wordt een feitenonderzoek uitgevoerd door de met opsporing van verwaarloosde woningen en gebouwen belaste personeelsleden.
Het College van Burgemeester en Schepenen doet uitspraak over het verzoek tot schrapping en betekent zijn beslissing met een beveiligde zending aan de indiener ervan, binnen een termijn van 90 dagen die ingaat de dag na de betekening van verzoek. Als de kennisgeving niet is gebeurd binnen de voorziene termijn, wordt het verzoek tot schrapping geacht te zijn ingewilligd.
Wordt het verzoek ingewilligd, dan wordt de woning, het gebouw of het terrein geschrapt uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen. De datum van betekening van het verzoek tot schrapping geldt als datum van schrapping uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen.
Artikel 7 Bezwaar tegen weigering tot schrapping
Tegen de beslissing tot weigering van de schrapping van een woning, gebouw of terrein uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen kan de zakelijk gerechtigde bezwaar aantekenen bij de bezwaarinstantie.
Op straffe van nietigheid moet dit bezwaar:
De beëindiging van de staat van verwaarlozing kan aangetoond worden met alle bewijsmiddelen van gemeen recht, uitgezonderd de eed. Bv. foto’s.
Zolang de indieningstermijn van dertig dagen niet verstreken is, kan een vervangend bezwaarschrift ingediend worden, waarbij het eerdere bezwaarschrift als ingetrokken wordt beschouwd.
Als het bezwaarschrift ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de zakelijk gerechtigde, voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat.
De bezwaarinstantie stuurt aan de indiener van het bezwaar een ontvangstbevestiging.
De bezwaarinstantie onderzoekt de gegrondheid van de ontvankelijke bezwaren. Het onderzoek gebeurt op stukken als de feiten vatbaar zijn voor een directe, eenvoudige vaststelling. Als een onderzoek op stukken niet volstaat, wordt een feitenonderzoek uitgevoerd door de met opsporing van verwaarloosde woningen en gebouwen belaste personeelsleden.
De bezwaarinstantie doet uitspraak over het bezwaar en betekent zijn beslissing met een beveiligde zending aan de indiener ervan, binnen een termijn van 90 dagen die ingaat de dag na de betekening van bezwaarschrift. Als de kennisgeving niet is gebeurd binnen de voorziene termijn, wordt het bezwaar geacht te zijn ingewilligd.
Wordt het bezwaar ingewilligd, dan wordt de woning, het gebouw of het terrein geschrapt uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen.
Als de zakelijk gerechtigde meent dat de bezwaarbeslissing niet behoorlijk is genomen of onvoldoende is gemotiveerd, kan hij of zij klacht indienen bij de Rechtbank van Eerste Aanleg van Antwerpen.
BELASTING OP VERWAARLOOSDE WONINGEN, GEBOUWEN EN TERREINEN
Artikel 8 Belastbaar feit
Er wordt vanaf 1 januari 2023 tot en met 31 december 2025 een gemeentebelasting gevestigd op de woningen, gebouwen en terreinen die opgenomen zijn in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen.
De belasting is voor het eerst verschuldigd vanaf het ogenblik dat de woning, het gebouw of het terrein gedurende zes opeenvolgende maanden opgenomen is in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen.
Zolang de woning, het gebouw of het terrein niet is geschrapt uit dit register blijft de belasting verschuldigd op het ogenblik dat een nieuwe termijn van twaalf maanden verstrijkt, zijnde op elke nieuwe verjaring van de eerste datum dat een belasting verschuldigd was. In concreto is een belasting dus verschuldigd op 6 maanden, 18 maanden, 30 maanden,… na opnamedatum in het register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen voor zover het belaste goed ononderbroken is opgenomen.
Artikel 9 Belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de houder van het zakelijk recht van het verwaarloosde gebouw, woning of terrein.
Ingeval er een recht van opstal, erfpacht, vruchtgebruik of gebruiksrecht bestaat, is de belasting verschuldigd door de houder van dat zakelijk recht van opstal, van erfpacht, van vruchtgebruik of gebruiksrecht op het ogenblik dat de belasting van het aanslagjaar verschuldigd wordt.
Ingeval van mede-eigendom zijn de mede-eigenaars hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de totale belastingschuld. Ingeval er meerdere andere houders zijn van het zakelijk recht, zijn deze eveneens hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de totale belastingschuld.
Bij overdracht van een zakelijk recht op een verwaarloosde woning en/of gebouw en/of terrein geldt een meldingsplicht. De overdrager van het zakelijk recht bezorgt de gemeente binnen twee maanden na de overdracht een kopie van de notariële akte en de identiteitsgegevens van de nieuw zakelijk gerechtigde. Wanneer de overdrager de notaris hierom verzoekt, kan de instrumenterende notaris de gemeente op de hoogte stellen van de overdracht van het zakelijk recht. In voorkomend geval bezorgt de instrumenterende notaris de gemeente binnen twee maanden na de overdracht een kopie van de notariële akte en de identiteitsgegevens van de nieuw zakelijk gerechtigde. Bij overdracht van een zakelijk recht stelt de notaris de verkrijger(s) van het zakelijk recht voorafgaand aan de overdracht in kennis van de opname van het onroerend goed in het register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen.
Bij ontstentenis van deze kennisgeving wordt de overdrager van een zakelijk recht als belastingschuldige beschouwd voor de eerstvolgende belasting die na de overdracht van het zakelijk recht wordt gevestigd.
Artikel 10 Tarief
De belasting bedraagt:
Deze basisbelasting is verschuldigd na de eerste 6 maanden registratie in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen.
Indien de woning, het gebouw of het terrein 18 maanden in het register staat, bedraagt de belasting:
Indien de woning, het gebouw of het terrein 30 maanden in het register staat, bedraagt de belasting:
Indien de woning, het gebouw of het terrein een 42 maanden of een langere opeenvolgende termijn van twaalf maanden in het register staat, bedraagt de belasting:
De tarieven worden jaarlijks op 1 januari aangepast volgens de schommelingen van de gezondheidsindex. Deze aanpassing gebeurt door middel van de coëfficiënt die wordt bekomen door het indexcijfer van de maand september voorafgaand aan de indexeringsdatum van het betreffende jaar te delen door het indexcijfer van de maand december 2022. Bij de indexering worden de tarieven afgerond tot op de dichtstbijzijnde 10 cent.
Artikel 11 Vrijstellingen
In enkele gevallen kan de houder van een zakelijk recht van het gebouw, de woning of het terrein vrijgesteld worden van betaling van de heffing.
Een vrijstelling van de heffing moet aangevraagd worden door middel van een aanvraagformulier. De heffing wordt in geen enkel geval automatisch toegekend door de registerbeheerder. De houder van het zakelijk recht die gebruik wenst te maken van een vrijstelling dient zelf hiervoor de nodige bewijsstukken voor te leggen aan de registerbeheerder.
De aanvraag van een vrijstelling dient schriftelijk te gebeuren via aangetekende zending of tegen ontvangstbewijs.
Tijdens de periode van vrijstelling blijft de woning, het gebouw of het terrein wel geregistreerd. Soms zijn vrijstellingen beperkt in de tijd, of worden ze voorwaardelijk toegekend. Indien niet aan de voorwaarden wordt voldaan, vervalt de vrijstelling en dient de heffing alsnog betaald te worden.
Van de heffing op verwaarlozing kunnen worden vrijgesteld (persoonsgebonden):
Een vrijstelling wordt verleend als het gebouw, de woning of het terrein (objectgebonden):
Indien een vrijstelling werd bekomen op basis van (renovatie)werken dient de belastingplichtige, wanneer deze een verlenging beoogt van deze vrijstelling, uiterlijk bij het verstrijken van één jaar vrijstelling de nodige bewijzen voor te leggen aan de registerbeheerder waaruit blijkt dat de gemelde werken werden aangevat of voltooid, of waaruit blijkt dat de werken nog niet konden worden aangevat of voltooid. Het college van burgemeester en schepenen beslist daarbij over de al dan niet verlenging van de vrijstellingsperiode, met dien verstande dat maximum na een vrijstellingsperiode van drie jaar de werken dienen te zijn voltooid.
Bij gebreke aan het voorleggen van deze bewijzen of wanneer uit de voorgelegde documenten blijkt dat de omgevingsvergunning als vervallen moet worden beschouwd, zal de belasting alsnog geïnd worden, rekening houdend met de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Artikel 12 Wijze van inning
De belasting wordt ingevorderd via een kohier dat wordt vastgesteld en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 13 Betaaltermijn
De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na verzending van het aanslagbiljet.
Artikel 14 Bezwaar
De belastingschuldige kan bij het college van burgemeester en schepenen bezwaar indienen tegen deze belasting.
Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstbewijs afgegeven, binnen vijftien dagen na de indiening ervan.
Artikel 15 Niet-betaling
Bij niet-betaling binnen de wettelijk bepaalde vervaltermijn, zal een gratis eerste aanmaning worden verzonden. Voor een tweede, en desgevallend elke volgende, aanmaning wordt telkens een kost van 20,00 euro aangerekend voor de verzending.
Als de debiteur een afbetalingsplan krijgt en dit vervolgens niet nakomt, wordt hem een aanmaning gestuurd. Voor deze aanmaning wordt een kost van 20,00 euro aangerekend.
. Wanneer de debiteur niet overgaat tot betaling van de volledige schuld, kosten en intresten inbegrepen, kan de financieel directeur overgaan tot het verlenen van een volmacht aan de gerechtsdeurwaarder met het oog op het laten opmaken van een ‘bevel tot betaling’. Voor het aanmaken van deze volmacht wordt een kost van 30,00 euro aangerekend.
Artikel 16 Overgangsmaatregelen
Het voorgaande reglement van 11 maart 2021 wordt opgeheven vanaf de inwerkingtreding van het nieuwe reglement.
De vrijstellingen die werden bekomen op basis van het vorig reglement van11 maart 2021 of van het daarvoor geldende reglementen , worden in mindering gebracht van de periodes waarvoor krachtens onderhavig reglement op dezelfde gronden een gelijkaardige vrijstelling zou kunnen worden verkregen.
Artikel 17 Toezicht
Dit reglement valt onder het toezicht van de toezichthoudende overheid.
Artikel 1 Definities en begripsomschrijvingen
met betrekking tot een gebouw of een woning; zoals vermeld in art.1.3 § 1, eerste lid, 22° van de Vlaamse Codex Wonen van 2021;
Een vrijstelling op de heffing kan bekomen worden bij goedkeuring door college van burgemeester en schepenen van een renovatiedossier.
Er dient aan minstens 3 van de volgende voorwaarden voldaan te worden:
De aanvraag dient per beveiligde zending bezorgd te worden aan dienst wonen en bevat de volgende zaken:
Een woning die geïnventariseerd is als ongeschikt en/of onbewoonbaar kan niet worden opgenomen in het leegstandsregister.
Een woning die opgenomen is in het leegstandsregister kan echter wel op later tijdstip worden opgenomen in de gewestelijke inventarissen voor ongeschikte en onbewoonbare woningen en gebouwen.
Een woning die opgenomen is in het register voor verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen kan ook worden opgenomen in de gewestelijke inventarissen voor ongeschikte en onbewoonbare woningen en gebouwen.
Artikel 2 Belastbaar feit
Er wordt vanaf 1 januari 2023 tot en met 31 december 2025 een gemeentebelasting gevestigd op de woningen die opgenomen zijn in de gewestelijke inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen.
De belasting is voor het eerst verschuldigd vanaf het ogenblik dat de woning gedurende zes opeenvolgende maanden opgenomen is in deze inventaris.
Zolang de woning niet uit de gewestelijke inventaris is geschrapt, blijft de belasting verschuldigd bij elke nieuwe verjaring van de eerste datum dat een belasting verschuldigd was. In concreto is een belasting dus verschuldigd op 6 maanden, 18 maanden, 30 maanden,… na opnamedatum in de gewestelijke inventaris van ongeschikt en onbewoonbare woningen, voor zover het belaste goed ononderbroken is opgenomen.
Artikel 3 Belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de houder(s) van het zakelijk recht van de ongeschikt of onbewoonbaar verklaarde woning.
Ingeval van mede-eigendom zijn de mede-eigenaars hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de totale belastingschuld. Ingeval er meerdere andere houders zijn van het zakelijk recht, zijn deze eveneens hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de totale belastingschuld.
Bij overdracht van een zakelijk recht op een ongeschikt en onbewoonbaar verklaarde woning geldt een meldingsplicht. De overdrager van het zakelijk recht bezorgt de gemeente binnen twee maanden na de overdracht een kopie van de notariële akte en de identiteitsgegevens van de nieuwe houder(s) van het zakelijk recht. Wanneer de overdrager de notaris hierom verzoekt, kan de instrumenterende notaris de gemeente op de hoogte stellen van de overdracht van het zakelijk recht. In voorkomend geval bezorgt de instrumenterende notaris de gemeente binnen twee maanden na de overdracht een kopie van de notariële akte en de identiteitsgegevens van de nieuwe houder(s) van het zakelijk recht. Bij overdracht van een zakelijk recht stelt de notaris de verkrijger(s) van het zakelijk recht voorafgaand aan de overdracht in kennis van de opname van het onroerend goed in het register.
Bij ontstentenis van deze kennisgeving wordt de overdrager van een zakelijk recht als belastingplichtige beschouwd voor de eerstvolgende belasting die na de overdracht van het zakelijk recht wordt gevestigd.
Artikel 4 Tarief
De belasting bedraagt:
Deze basisbelasting is verschuldigd na de eerste 6 maanden registratie in de gewestelijke inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen.
Indien de woning 18 maanden in de inventaris staat, bedraagt de belasting:
Indien de woning 30 maanden in de inventaris staat, bedraagt de belasting:
Indien de woning 42 maanden of een langere opeenvolgende termijn van 12 maanden in de inventaris staat, bedraagt de belasting:
De tarieven worden jaarlijks op 1 januari aangepast volgens de schommelingen van de gezondheidsindex. Deze aanpassing gebeurt door middel van de coëfficiënt die wordt bekomen door het indexcijfer van de maand september voorafgaand aan de indexeringsdatum van het betreffende jaar te delen door het indexcijfer van de maand december 2022. Bij de indexering worden de tarieven afgerond tot op de dichtstbijzijnde 10 cent.
Artikel 5 Vrijstellingen
In enkele gevallen kan de houder van een zakelijk recht van de woning vrijgesteld worden van betaling van de heffing.
Een vrijstelling van de heffing moet aangevraagd worden door middel van een aanvraagformulier. De vrijstelling van de heffing wordt in geen enkel geval automatisch toegekend door de administratie. De aanvraag van een vrijstelling dient schriftelijk te gebeuren via aangetekende zending of tegen ontvangstbewijs.
Tijdens de periode van vrijstelling blijft de woning wel geïnventariseerd.
Soms zijn vrijstellingen beperkt in de tijd, of worden ze voorwaardelijk toegekend. Indien niet aan de voorwaarden wordt voldaan, vervalt de vrijstelling en dient de heffing alsnog betaald te worden.
Van de heffing op ongeschikt of ongeschikt en onbewoonbaar verklaarde woningen kunnen worden vrijgesteld (persoonsgebonden):
Een vrijstelling wordt verleend indien de woning of de kamer (objectgebonden):
Indien een vrijstelling werd bekomen op basis van (renovatie)werken dient de belastingplichtige, wanneer deze een verlenging beoogt van deze vrijstelling, uiterlijk bij het verstrijken van één jaar vrijstelling de nodige bewijzen voor te leggen aan de registerbeheerder waaruit blijkt dat de gemelde werken werden aangevat of voltooid, of waaruit blijkt dat de werken nog niet konden worden aangevat of voltooid. Het college van burgemeester en schepenen beslist daarbij over de al dan niet verlenging van de vrijstellingsperiode, met dien verstande dat maximum na een vrijstellingsperiode van drie jaar de werken dienen te zijn voltooid.
Bij gebreke aan het voorleggen van deze bewijzen of wanneer uit de voorgelegde documenten blijkt dat de omgevingsvergunning als vervallen moet worden beschouwd, zal de belasting alsnog geïnd worden, rekening houdend met de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Artikel 6 Wijze van inning
De belasting wordt ingevorderd via een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 7 Betalingstermijn
De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Artikel 8 Bezwaar
De belastingschuldige kan tegen deze belasting bezwaar aantekenen bij het college van burgemeester en schepenen.
Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstbewijs afgegeven, binnen vijftien dagen na de indiening ervan.
Artikel 9 Niet-betaling
Bij niet-betaling binnen de wettelijk bepaalde vervaltermijn, zal een gratis eerste aanmaning worden verzonden. Voor een tweede, en desgevallend elke volgende, aanmaning wordt telkens een kost van 20,00 euro aangerekend voor de verzending.
Als de debiteur een afbetalingsplan krijgt en dit vervolgens niet nakomt, wordt hem een aanmaning gestuurd. Voor deze aanmaning wordt een kost van 20,00 euro aangerekend.
Wanneer de debiteur niet overgaat tot betaling van de volledige schuld, kosten en intresten inbegrepen, kan de financieel directeur overgaan tot het verlenen van een volmacht aan de gerechtsdeurwaarder met het oog op het laten opmaken van een ‘bevel tot betaling’. Voor het aanmaken van deze volmacht wordt een kost van 30,00 euro aangerekend.
Artikel 10 Overgangsmaatregelen
Het voorgaande reglement van 11 maart 2021 wordt opgeheven vanaf de inwerkingtreding van het nieuwe reglement.
De vrijstellingen die werden bekomen op basis van het vorig reglement van 11 maart 2021 of van een van de daarvoor geldende reglementen, worden in mindering gebracht van de periodes waarvoor krachtens onderhavig reglement op dezelfde gronden een gelijkaardige vrijstelling zou kunnen worden verkregen.
Artikel 11 Toezicht
Dit reglement valt onder het toezicht van de toezichthoudende overheid.
Artikel 1 Belastbaar voorwerp of belastbaar feit
Vanaf 1 januari 2023 tot en met 31 december 2025 wordt een belasting geheven op woningen en gebouwen die gedurende minstens zes opeenvolgende maanden zijn opgenomen in het gemeentelijk leegstandsregister.
De gemeente houdt een register van leegstaande gebouwen en woningen bij, hierna leegstandsregister te noemen, en dit op grond van art. 2.9 tem art 2.14 van de Vlaamse Codex wonen van 2021.
Een woning die geïnventariseerd is als ongeschikt en/of onbewoonbaar, kan niet worden opgenomen in het leegstandsregister.
Een woning die opgenomen is in het leegstandsregister kan echter wel op later tijdstip worden opgenomen in de gewestelijke inventarissen voor ongeschikte en onbewoonbare woningen en gebouwen. Een woning die opgenomen is in het leegstandsregister kan ook op later tijdstip worden opgenomen in de gemeentelijke inventarissen voor verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen.
Een woning die of een gebouw dat opgenomen is in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen, gebouwen en terreinen kan eveneens worden opgenomen in het gemeentelijk register van leegstaande woningen en gebouwen.
In het leegstandsregister worden de volgende gegevens opgenomen:
DEFINITIES
Artikel 2
met betrekking tot een gebouw of een woning; zoals vermeld in art.1.3 § 1, eerste lid, 22° van de Vlaamse Codex Wonen van 2021;
De aanvraag dient per beveiligde zending bezorgd te worden aan de dienst wonen en bevat de volgende zaken:
Het college doet binnen de 60 dagen uitspraak over de aanvraag tot vrijstelling van de heffing, ingaande de dag na deze van betekening van deze aanvraag
Artikel 3 leegstaand gebouw
Een gebouw wordt als leegstaand beschouwd als meer dan de helft van de totale vloeroppervlakte niet overeenkomstig de functie van het gebouw wordt aangewend gedurende een periode van ten minste twaalf opeenvolgende maanden. Hierbij wordt geen rekening gehouden met woningen die deel uitmaken van het gebouw.
De functie van het gebouw is deze die overeenkomt met een voor het gebouw of voor gedeelten daarvan afgeleverde of gedane omgevingsvergunning of meldingsakte als vermeld in artikel 6 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Bij een gebouw waarvoor geen vergunning of melding voorhanden is of waarvan de functie niet duidelijk uit een vergunning of melding blijkt, wordt deze functie afgeleid uit het gewoonlijk gebruik van het gebouw voorafgaand aan het vermoeden van leegstand, zoals dat blijkt uit aangiften, akten of bescheiden.
Een gebouw dat in hoofdzaak gediend heeft voor een economische activiteit, vermeld in artikel 2, 2°, van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten of zoals later gewijzigd, wordt niet beschouwd als leegstaand zolang de oorspronkelijke beoefenaar van deze activiteit een gedeelte van het gebouw bewoont en dat gedeelte niet afsplitsbaar is.
Een gedeelte is enkel afsplitsbaar als het na sloping van de overige gedeelten kan worden beschouwd als een afzonderlijke woning die voldoet aan de bouwfysische vereisten.
Een nieuw gebouw wordt als een leegstaand gebouw beschouwd indien dat gebouw binnen zeven jaar na de afgifte van een omgevingsvergunning in laatste administratieve aanleg niet aangewend wordt overeenkomstig zijn functie.
Artikel 4 leegstaande woning
En woning wordt als leegstaand beschouwd wanneer ze gedurende een periode van ten minste twaalf opeenvolgende maanden niet aangewend wordt in overeenstemming met de woonfunctie of de volgende functies die een effectief en niet-occasioneel gebruik van de woning met zich meebrengen:
Artikel 5 leegstaande of verwaarloosde bedrijfsruimte
Een gebouw dat of een woning die in aanmerking komt voor de inventarisatie in de zin van hoofdstuk II van het decreet van 19 april 1995 houdende de maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten, wordt nooit als een leegstaand gebouw of als een leegstaande woning beschouwd.
De bedrijfsruimte die op grond van art. 2, 1°, van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten of zoals later gewijzigd worden uitgesloten van de toepassing van voormeld decreet, worden onder de aldaar vermelde voorwaarden evenmin als leegstaande gebouwen of woningen in de zin van deze afdeling beschouwd. Het gaat over de verzameling van alle percelen waarop zich minstens één bedrijfsgebouw bevindt die als één geheel te beschouwd zijn en die toebehoren aan dezelfde eigenaar, valt onder de toepassing van dit decreet. De verzameling heeft een minimale oppervlakte van vijf are.
LEEGSTANDSREGISTRATIE
Artikel 6 opsporingsbevoegdheid
De door het college van burgemeester en schepenen met de opsporing van leegstaande woningen en gebouwen belaste personeelsleden bezitten de onderzoeks-, controle- en vaststellingsbevoegdheden, vermeld in art. 6 van het decreet van 30 mei betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Artikel 7 administratieve akte van leegstand
Een leegstaand gebouw of een leegstaande woning wordt vastgesteld door een administratieve akte van leegstand en wordt beoordeeld op basis van één of meerdere objectieve indicaties zoals vermeld in de volgende lijst:
In de administratieve akte worden alle indicaties van leegstand vermeld.
Artikel 8 Kennisgeving vaststelling en betwisting vaststelling
De registerbeheerder stelt alle houder(s) van het zakelijk recht, zoals bekend bij de administratie van het Kadaster, de Registratie en de Domeinen, met een beveiligde zending in kennis van de vaststelling van leegstand en van het voornemen om de woning of het gebouw op te nemen in het leegstandsregister.
Deze kennisgeving bevat:
De beveiligde zending wordt gericht aan de woonplaats van de houder(s) van het zakelijk recht. Is een woonplaats van een houder van het zakelijkk recht niet gekend, dan wordt de beveiligde zending gericht aan zijn verblijfplaats. Is de verblijfplaats van een houder van het zakelijk recht niet gekend, dan vindt de betekening plaats aan het adres van de woning of het gebouw waarop de administratieve akte betrekking heeft.
Tegen de vaststelling en het voornemen tot opname in het leegstandsregister kan beroep worden aangetekend bij het college van burgemeester en schepenen binnen de dertig dagen, ingaande de dag na de betekening.
Het beroep bevat minstens volgende gegevens:
Het college doet uitspraak over het beroep binnen een termijn van 90 dagen, ingaand de dag na de betekening van het beroepschrift.
Wordt het bezwaar ingewilligd, dan wordt de woning of het gebouw niet opgenomen in het gemeentelijk register van leegstaande woningen en gebouwen.
De registerbeheer betekent de beslissing aan de indiener per beveiligde zending.
Artikel 9 Opname in het leegstandsregister
De woningen en gebouwen die in een eerder op grond van artikel 2.9 tem artikel 2.14 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021 opgemaakt register zijn opgenomen worden opgenomen in het register op grond van het huidige reglement en met behoud van de oorspronkelijke datum van opname.
Als de beslissing tot opname in het leegstandsregister niet tijdig betwist wordt overeenkomstig artikel 9 of het bezwaar van de houder van het zakelijk recht onontvankelijk of ongegrond verklaard wordt, neemt de registerbeheer het gebouw of de woning in het leegstandsregister op vanaf de datum van de vaststelling van de leegstand, zijnde de datum van de administratieve akte.
Het college verklaart het beroep ongegrond wanneer de toegang tot de woning of het gebouw, in het kader van een feitenonderzoek, geweigerd of verhinderd wordt.
Artikel 10 Schrapping uit het leegstandsregister
Een schrapping van een woning of gebouw uit het leegstandsregister gebeurt op schriftelijk verzoek van de houder van hetzakelijk recht.
Voor de schrapping uit het register richt de houder van het zakelijk recht een schriftelijk verzoek aan de administratie. Op straffe van nietigheid moet dit verzoekschrift:
Als het verzoek tot schrapping ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de houder van het zakelijk recht , voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat.
De administratie stuurt aan de indiener van het verzoek tot schrapping een ontvangstbevestiging.
De administratie onderzoekt de gegrondheid van de ontvankelijke verzoeken tot schrapping. Het onderzoek gebeurt op stukken als de feiten vatbaar zijn voor een directe, eenvoudige vaststelling. Als een onderzoek op stukken niet volstaat, wordt een feitenonderzoek uitgevoerd door de met opsporing van verwaarloosde woningen en gebouwen belaste personeelsleden.
Een gebouw wordt uit het leegstandsregister geschrapt als een houder van het zakelijk recht bewijst dat meer dan de helft van de totale vloeroppervlakte overeenkomstig de functie, vermeld in artikel 4 aangewend wordt gedurende een termijn van ten minste zes opeenvolgende maanden of dat het gebouw gesloopt werd. Een gebouw uit het leegstandsregister zal geschrapt worden bij aanvaarding van de schrapping. De datum van de schrapping van een gebouw uit het leegstandsregister is de eerste dag van de aanwending overeenkomstig de functie.
Een woning wordt uit het leegstandsregister geschrapt als een houder van het zakelijk recht bewijst dat de woning overeenkomstig de functie vermeld in artikel 5 aangewend wordt gedurende een termijn van ten minste zes opeenvolgende maanden of dat de woning gesloopt werd. Een woning uit het leegstandsregister zal geschrapt worden bij aanvaarding van de schrapping. De datum van de schrapping van een woning uit het leegstandsregister is de eerste dag van de aanwending overeenkomstig de functie.
DE BELASTING VAN LEEGSTAANDE WONINGEN EN GEBOUWEN
Artikel 11 Belastbaar feit
Vanaf 1 januari 2023 tot en met 31 december 2025 wordt een gemeentebelasting gevestigd op de woningen en gebouwen die opgenomen zijn in het leegstandsregister.
De belasting voor een leegstaande woning of gebouw is voor het eerst verschuldigd op het ogenblik dat die woning of dat gebouw gedurende zes opeenvolgende maanden is opgenomen in het gemeentelijk leegstandsregister.
Zolang het gebouw of de woning niet uit het leegstandsregister is geschrapt, blijft de belasting verschuldigd op elke nieuwe verjaring van de eerste datum dat een belasting verschuldigd was. In concreto is een belasting dus verschuldigd op 6 maanden, 18 maanden, 30 maanden,… na opnamedatum in het leegstandsregister voor zover het belaste goed ononderbroken is opgenomen.
Artikel 12 belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de houder van het zakelijk recht voor het leegstaande gebouw of de leegstaande woning op het ogenblik dat de belasting verschuldigd is.
Ingeval er een recht van opstal, erfpacht, vruchtgebruik of gebruiksrecht bestaat, is de belasting verschuldigd door de houder van dat zakelijk recht van opstal, van erfpacht, van vruchtgebruik of gebruiksrecht op het ogenblik dat de belasting verschuldigd wordt.
Ingeval van mede-eigendom is iedere niet-vrijgestelde mede-eigenaar belastingplichtige in houding tot zijn aandeel in het leegstaande gebouw of woning. Elke niet vrijgestelde mede-eigenaar is hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de totale belastingschuld.
Bij overdracht van een zakelijk recht op een leegstaande woning en/of gebouw geldt een meldingsplicht. De overdrager van het zakelijk recht bezorgt de gemeente binnen twee maanden na de overdracht een kopie van de notariële akte en de identiteitsgegevens van de nieuw houder van het zakelijk recht. Wanneer de overdrager de notaris hierom verzoekt, kan de instrumenterende notaris de gemeente op de hoogte stellen van de overdracht van het zakelijk recht. In voorkomend geval bezorgt de instrumenterende notaris de gemeente binnen twee maanden na de overdracht een kopie van de notariële akte en de identiteitsgegevens van de nieuwe houder van het zakelijk recht. Bij overdracht van een zakelijk recht stelt de notaris de verkrijger(s) van het zakelijk recht voorafgaand aan de overdracht in kennis van de opname van het onroerend goed in het leegstandsregister
Bij ontstentenis van deze kennisgeving wordt de overdrager van een zakelijk recht als belastingschuldige beschouwd voor de eerstvolgende belasting die na de overdracht van het zakelijk recht wordt gevestigd.
Artikel 13 Tarief
De belasting bedraagt:
Als het gebouw of de woning 18 maanden in het leegstandsregister staat, bedraagt de belasting:
Indien het gebouw of de woning 30 maanden in het register staat, bedraagt de belasting:
Indien het gebouw of de woning 42 maanden of een langere opeenvolgende termijn van twaalf maanden in het register staat, bedraagt de belasting:
De tarieven worden jaarlijks op 1 januari aangepast volgens de schommelingen van de gezondheidsindex. Deze aanpassing gebeurt door middel van de coëfficiënt die wordt bekomen door het indexcijfer van de maand september voorafgaand aan de indexeringsdatum van het betreffende jaar te delen door het indexcijfer van de maand december 2022. Bij de indexering worden de tarieven afgerond tot op de dichtstbijzijnde 10 cent.
Artikel 14 Vrijstellingen
In enkele gevallen kan de houder van een zakelijk recht van het gebouw of de woning vrijgesteld worden van betaling van de heffing.
Een vrijstelling van de heffing moet aangevraagd worden door middel van een aanvraagformulier. De vrijstelling van de heffing wordt in geen enkel geval automatisch toegekend door de administratie. De houder van het zakelijk recht die gebruik wenst te maken van een vrijstelling dient zelf hiervoor de nodige bewijsstukken voor te leggen aan de administratie.
De aanvraag van een vrijstelling dient schriftelijk te gebeuren via aangetekende zending of tegen ontvangstbewijs.
Tijdens de periode van vrijstelling blijft de woning of het gebouw wel geregistreerd.
Soms zijn vrijstellingen beperkt in de tijd, of worden ze voorwaardelijk toegekend. Indien niet aan de voorwaarden wordt voldaan, vervalt de vrijstelling en dient de heffing alsnog betaald te worden.
Van de leegstandsbelasting kunnen worden vrijgesteld (persoonsgebonden):
Een vrijstelling wordt verleend als het gebouw of de woning (objectgebonden):
Indien een vrijstelling werd bekomen op basis van (renovatie)werken dient de belastingplichtige, wanneer deze een verlenging beoogt van deze vrijstelling, uiterlijk bij het verstrijken van één jaar vrijstelling de nodige bewijzen voor te leggen aan de registerbeheerder waaruit blijkt dat de gemelde werken werden aangevat of voltooid, of waaruit blijkt dat de werken nog niet konden worden aangevat of voltooid. Het college van burgemeester en schepenen beslist daarbij over de al dan niet verlenging van de vrijstellingsperiode, met dien verstande dat maximum na een vrijstellingsperiode van drie jaar de werken dienen te zijn voltooid.
Bij gebreke aan het voorleggen van deze bewijzen of wanneer uit de voorgelegde documenten blijkt dat de omgevingsvergunning als vervallen moet worden beschouwd, zal de belasting alsnog geïnd worden, rekening houdend met de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Artikel 15 Wijze van inning
De belasting wordt ingevorderd via een kohier dat wordt vastgesteld en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 16 Betaaltermijn
De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na verzending van het aanslagbiljet.
Artikel 17 Bezwaar
De belastingschuldige kan bezwaar aantekenen tegen deze belasting bij het college van burgemeester en schepenen.
Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstbewijs afgegeven, binnen vijftien dagen na de indiening ervan.
Artikel 18 Niet-betaling
Bij niet-betaling binnen de wettelijk bepaalde vervaltermijn, zal een gratis eerste aanmaning worden verzonden. Voor een tweede, en desgevallend elke volgende, aanmaning wordt telkens een kost van 20,00 euro aangerekend voor de verzending.
Als de debiteur een afbetalingsplan krijgt en dit vervolgens niet nakomt, wordt hem een aanmaning gestuurd. Voor deze aanmaning wordt een kost van 20,00 euro aangerekend.
Wanneer de debiteur niet overgaat tot betaling van de volledige schuld, kosten en intresten inbegrepen, kan de financieel directeur overgaan tot het verlenen van een volmacht aan de gerechtsdeurwaarder met het oog op het laten opmaken van een ‘bevel tot betaling’. Voor het aanmaken van deze volmacht wordt een kost van 30,00 euro aangerekend.
Artikel 19 Toezicht
Dit reglement valt onder het toezicht van de toezichthoudende overheid.
Artikel 20 Overgangsmaatregelen
Het voorgaande reglement van 11 maart 2021 wordt opgeheven vanaf de inwerkingtreding van het nieuwe reglement.
De vrijstellingen die werden bekomen op basis van het vorig reglement van 11 maart 2021 of van de daarvoor geldende reglementen, worden in mindering gebracht van de periodes waarvoor krachtens onderhavig reglement op dezelfde gronden een gelijkaardige vrijstelling zou kunnen worden verkregen.
De gemeenteraad keurt het jaarverslag en de jaarrekening 2022 van ILV 'Sportregio Antwerpse Kempen' goed.
Artikel 1 Termijn
Vanaf 8 juni 2023 tot en met 31 december 2025 wordt een retributie geheven op het gebruik van sportinfrastructuur.
Artikel 2 Definitie
In het kader van dit retributiereglement worden de volgende begrippen gebruikt:
Erkende Brechtse vereniging: Een vereniging die in het bezit is van een geldige erkenning als Brechtse vereniging, uitgereikt door het college van burgemeester en schepenen.
Erkende Brechtse welzijnsorganisatie: Een vereniging die in het bezit is van een geldige erkenning als Brechtse vereniging, uitgereikt door het college van burgemeester en schepenen en die in het bijzonder werkt voor en met mensen in armoede in de gemeente Brecht.
Doelgroepenwerking binnen een erkende Brechtse vereniging: Een specifieke afdeling binnen of een deel van een erkende Brechtse vereniging die een sport- of beweegactiviteit organiseert die uitsluitend bestemd is voor één van volgende doelgroepen:
- jeugd (-18 jaar)
- ouderen (+50 jaar)
- personen met een handicap
Erkende bovenlokale of landelijke organisatie met een Brechtse doelgroepenwerking: Een niet-commerciële bovenlokale vereniging, landelijke sportorganisatie of koepelorganisatie die een sport-of beweegactiviteit organiseert die bestemd is voor één van volgende doelgroepen:
- Brechtse jeugd (-18 jaar)
- Brechtse ouderen (+50 jaar)
- Brechtse personen met een handicap
Artikel 3 Toepassingsgebied
De retributie is verschuldigd door de gebruikers van de sportinfrastructuur.
De gebruikers worden opgedeeld in volgende categorieën:
Categorie 0: gemeentelijke diensten, erkende Brechtse adviesraden, Brechtse scholen, erkende Brechtse welzijnsorganisaties.
Categorie 1A: doelgroepenwerking binnen een erkende Brechtse vereniging, erkende bovenlokale of landelijke organisatie met een Brechtse doelgroepenwerking
Categorie 1B: erkende Brechtse verenigingen, politieke partijen actief in Brecht
Categorie 2: niet-erkende Brechtse verenigingen, particulieren woonachtig in Brecht, vennootschappen met hun maatschappelijke zetel in Brecht.
Categorie 3: niet-Brechtse verenigingen en vennootschappen, niet-Brechtse particulieren.
Artikel 4 Tarief
De retributie wordt vastgesteld op:
Cat 0 Cat 1A Cat 1B Cat 2 Cat 3
Sporthal De Ring
Tarieven per uur inclusief gebruik kleedkamers:
Kleine sportzaal Gratis € 4,70 € 7,90 € 11,30 € 16,90
1/3e van de grote zaal Gratis € 4,70 € 7,90 € 11,30 € 16,90
2/3e van de grote zaal Gratis € 9,40 € 15,80 € 22,60 € 33,80
Volledige grote zaal Gratis € 14,10 € 23,70 € 33,90 € 50,70
Tarieven per dag inclusief gebruik kleedkamers:
Sportevenement met publiek karakter Gratis € 140,80 € 140,80 € 281,60 € 422,40
Tarieven per uur inclusief gebruik kleedkamers voor lastminute reservaties:
Kleine sportzaal Gratis € 16,90 € 16,90 € 16,90 € 16,90
1/3e van de grote zaal Gratis € 16,90 € 16,90 € 16,90 € 16,90
2/3e van de grote zaal Gratis € 33,80 € 33,80 € 33,80 € 33,80
Volledige grote zaal Gratis € 50,70 € 50,70 € 50,70 € 50,70
Turnzaal Maria Middelares (Sint-Job)
Tarieven per uur inclusief gebruik kleedkamers:
Turnzaal Gratis € 4,70 € 7,90 € 11,30 € 16,90
Turnzaal GBS De Sleutelbloem (Brecht)
Tarieven per uur inclusief gebruik kleedkamers:
Turnzaal Gratis € 4,70 € 7,90 € 11,30 € 16,90
Turnzaal GBS De Schakel (Sint-Lenaarts)
Tarieven per uur inclusief gebruik kleedkamers:
Turnzaal Gratis € 4,70 € 7,90 € 11,30 € 16,90
Turnzaal GBS Klavertje 3 (Overbroek)
Tarieven per uur inclusief gebruik kleedkamers:
Turnzaal Gratis € 4,70 € 7,90 € 11,30 € 16,90
Bijkomende retributies
Tarieven per uur voor het afzonderlijk gebruik van de kleedkamers zonder gebruik sportzaal:
Kleedkamer € 7,90/stuk
Tarieven voor het gebruik van sportkoffers en klein sportmateriaal in Sporthal De Ring:
Sportkoffer € 5,60/stuk
Badmintonracket € 1,10/stuk (inclusief pluimpje)
Tafeltennispallet € 1,10/stuk (inclusief balletje)
Tarieven per werkingsjaar voor het gebruik van opbergruimte:
Materiaalkast* € 22,50/stuk
Materiaalberging* € 5,60/m²
*Deze retributie wordt uitsluitend aangerekend voor het opbergen van (sport)materialen die niet ter beschikking mogen gesteld worden aan andere gebruikers.
Overschrijden van de huurperiode of het niet tijdig verlaten van de accommodatie:
Retributie € 56,30/begonnen uur
Nodeloos laten afgaan van het brandalarm:
Retributie € 56,30
De tarieven worden jaarlijks op 1 september aangepast volgens de schommelingen van de gezondheidsindex. Deze aanpassing gebeurt door middel van de coëfficiënt die wordt bekomen door het indexcijfer van de maand maart voorafgaand aan de indexeringsdatum van het betreffende jaar te delen door het indexcijfer van de maand september 2020. Bij de indexering worden de tarieven afgerond tot op de dichtstbijzijnde 10 cent.
Artikel 5 Annuleringsvoorwaarden
De annulering dient steeds gebeuren via sporthaldering@brecht.be. lndien de aanvrager geen gebruik maakt van de ter beschikking gestelde accommodatie, wordt een retributie toegepast afhankelijk van het moment waarop de annulering via e-mail kenbaar werd gemaakt.
Gebruikers kunnen kosteloos annuleren tot 2 weken voor datum van gebruik. Annuleringen na dit tijdstip geven aanleiding tot het betalen van de retributie. Ook indien de termijn waarin kosteloos kan geannuleerd worden voorbij is, dient de gebruiker ieder niet-gebruik van aangevraagde uren vooraf te melden.
Tijdstip van annuleren Retributie
* Het totaal aantal geannuleerde uren dat niet aangerekend wordt, kan maximum 10% bedragen van het totale aantal gehuurde uren per seizoen.
Enkel wanneer er door de gemeente ontegensprekelijk en onmiddellijk overmacht kan vastgesteld worden vanwege de gebruiker (zoals o.a. winterse weeromstandigheden, buitentemperatuur hoger dan 30°C of algemene afgelastingen van competitiespeeldagen door een bond), worden geen annuleringskosten aangerekend. De gebruiker dient in dat geval nog steeds een annulatieverzoek te bezorgen en expliciet melding te maken dat er overmacht wordt ingeroepen.
Geldt niet als overmacht o.a. ziekte, geen vervoer, forfait van de tegenstander.
Artikel 6 Wijze van betaling
De gebruikers betalen maandelijks na ontvangst van de rekening door overschrijving op een financiële rekening van het gemeentebestuur.
Aan niet-erkende gebruikers die occasioneel gebruik maken van de accommodatie kan gevraagd worden om de vastgestelde retributie te betalen voorafgaand aan het gebruik.
Artikel 7 Niet-betaling
Bij niet-betaling van het verschuldigde bedrag na vervaldatum kan de gebruiker onmiddellijk het gebruik van de accommodatie ontzegd worden.
Bij niet-betaling binnen de wettelijk bepaalde vervaltermijn, zal een gratis eerste aanmaning worden verzonden. Voor een tweede, en desgevallend elke volgende, aanmaning wordt telkens een kost van 20,00 euro aangerekend voor de verzending.
Als de debiteur een afbetalingsplan krijgt en dit vervolgens niet nakomt, wordt hem een aanmaning gestuurd. Voor deze aanmaning wordt een kost van € 20,00 aangerekend.
Artikel 177 van het decreet lokaal bestuur voorziet in de mogelijkheid om een dwangbevel uit te vaardigen met het oog op de invordering van onbetwiste en opeisbare niet-fiscale schuldvorderingen. Voor het aanmaken van dit dwangbevel en het overmaken van een dossier aan de gerechtsdeurwaarder wordt een kost van € 30,00 aangerekend.
Bij betwisting kan het gemeentebestuur zich tot de burgerlijke rechtbank wenden om de retributie in te vorderen. De rechtbanken van Antwerpen zijn bevoegd.
Artikel 8 Oneigenlijk gebruik
Wie een lokaal aanvraagt, moet dit doen in de hoedanigheid van organisator of namens de organisator. De organisator mag de ter beschikking gestelde ruimte niet laten gebruiken door derden of voor andere doeleinden dan opgegeven in de aanvraag. Als oneigenlijk gebruik wordt beschouwd bv: een privéaangelegenheid, terwijl de zaal werd aangevraagd door een vereniging.
Indien oneigenlijk gebruik vastgesteld wordt, dient de gebruiker een retributie te betalen van:
€ 50,00 + 300% van de voorziene retributie.
Artikel 9 Vervuiling en schade
Indien na gebruik de accommodatie vervuild achtergelaten wordt ten gevolge van het niet normaal sportieve gebruik (bv bekertjes, papiertjes, tijdelijke wegwijzers, niet opbergen van sportmateriaal …), dan zal er een retributie aangerekend worden volgens de tarieven vermeld in het retributiereglement van herstel schade door derden.
De gebruiker is tevens aansprakelijk voor alle schade die, hetzij opzettelijk hetzij onopzettelijk, toegebracht werd aan de accommodatie en het materiaal aanwezig tijdens de periode dat de accommodatie ter beschikking werd gesteld. De kosten voor het herstellen van schade die toegebracht werd aan de accommodatie en het materiaal tijdens de periode dat deze aan de gebruiker ter beschikking werd gesteld, zullen verhaald worden op deze gebruiker volgens de tarieven vermeld in het retributiereglement sluikstort en schade door derden. Dit reglement kan geraadpleegd worden via www.brecht.be
Artikel 10 Toezicht
Dit reglement valt onder het toezic
Artikel 1: TERMIJN
Vanaf 1 juli 2022 tot en met 31 december 2025 wordt een retributie geheven voor het gebruik van de gemeentelijke cultuurinfrastructuur. Hieronder wordt onder verstaan:
- OC ’t Centrum (zaal Kleipikker, Foyer, keuken, vergaderzalen);
- UNIQ;
- Kapel Oude Klooster;
- Bijenkorf ( Koninginnezaal, Den Dar, De Werkbij, keuken)
- Kempuseum (leeszaal en exporuimte);
- Goorhof.
Artikel 2: DEFINITIE
Onder retributiereglement cultuurinfrastructuur moet worden verstaan wie de retributie verschuldigd is, wie vrijgesteld is, wat de hoogte van de retributie bedraagt en op welke manier betaald dient te worden.
In het kader van dit retributiereglement worden de volgende begrippen gebruikt:
Erkende Brechtse vereniging: Een vereniging die in het bezit is van een geldige erkenning als Brechtse vereniging, uitgereikt door het college van burgemeester en schepenen.
Erkende Brechtse welzijnsorganisatie: Een vereniging die in het bezit is van een geldige erkenning als Brechtse vereniging, uitgereikt door het college van burgemeester en schepenen en die in het bijzonder werkt voor en met mensen in armoede in de gemeente Brecht.
Intergemeentelijke samenwerkingsverbanden: een samenwerking van minstens twee of meer gemeenten waarvan Brecht deel uitmaakt, uitgereikt door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 3: TOEPASSINGSGEBIED
De retributie is verschuldigd door: de particuliere personen, vennootschappen, stichtingen of de verenigingen die het gebruik van een lokaal/zaal aanvragen.
Gebruikers worden ingedeeld volgens volgende categorieën:
|
Categorie 0: |
gemeentelijke diensten, erkende Brechtse adviesraden, Brechtse scholen, intergemeentelijke samenwerkingsverbanden en welzijnsschakels |
|
Categorie 1: |
erkende Brechtse verenigingen of stichtingen, politieke partijen van Brecht |
|
Categorie 2: |
niet-erkende Brechtse verenigingen, particulieren woonachtig in Brecht, vennootschappen met hun maatschappelijke zetel in Brecht. |
|
Categorie 3: |
niet-Brechtse verenigingen en vennootschappen, niet-Brechtse particulieren. |
Voor reservaties bij OC ’t Centrum geldt:
|
Categorie 0: |
reserveren via gemeente Brecht |
|
Categorie 1: |
reserveren via gemeente Brecht |
|
Categorie 2: |
reserveren via concessiehouder van OC ‘t Centrum |
|
Categorie 3: |
reserveren via concessiehouder van OC ‘t Centrum |
Artikel 4: TARIEF
De retributie wordt vastgesteld op:
|
Zaalhuur |
||||||||||||
|
|
Categorie 0 |
Categorie 1 |
Categorie 2 |
Categorie 3 |
||||||||
|
|
VM/NM |
VM/NM |
AV/WEEKEND |
DAG |
VM/NM |
AV |
DAG |
VM/NM |
AV |
DAG |
||
|
OC ‘t Centrum |
||||||||||||
|
Podiumzaal |
Gratis |
€ 23,70 |
€ 35,40 € 17,70 € 11,80 € 11,80 € 11,80 € 5,90 |
€ 59,00 € 29,50 € 19,70 € 19,70 |
- - - - - - |
- - - - |
- - - - - - |
- |
- - - - - - |
- |
||
|
Foyer |
€ 11,80 |
- |
- |
|||||||||
|
Leskeuken |
€ 7,90 |
- |
- |
|||||||||
|
Grote vergaderzaal 1 |
€ 7,90 |
- |
- |
|||||||||
|
Grote vergaderzaal 2 |
€ 7,90 |
€ 19,70 € 9,80 |
- - |
- |
- |
|||||||
|
Kleine vergaderzaal |
€ 3,90 |
- |
- |
|||||||||
|
Bij gebruik Podiumzaal en keuken: huur van foyer verplicht. Korting op foyerprijs in dit geval: -50% |
||||||||||||
|
Uniq |
||||||||||||
|
Polyvalente ruimte |
Gratis |
€ 23,70 |
€ 35,40 |
€ 59,00 |
€ 62,80 |
€ 106,20 |
€ 177,00 |
€ 212,90 |
€ 318,00 |
€ 531,00 |
||
|
Kempuseum |
||||||||||||
|
Leeszaal |
|
€ 7,90 |
€ 11,80 |
€ 19,70 |
- |
- |
- |
- |
- |
- |
||
|
Exporuimte |
Tentoonstellingsprijs: Voor het gebruik van de exporuimte, voor het organiseren van een tentoonstelling met gratis inkom, zal de gebruiker een retributie dienen te betalen van €15 per week. |
|||||||||||
|
Kapel Oude Klooster |
||||||||||||
|
Kapel |
|
€ 7,90 |
€ 11,80 |
€ 19,70 |
€ 23,70 |
€ 35,40 |
€ 59,00 |
|
|
|
||
|
|
Tentoonstellingsprijs: Voor het gebruik van de kapel, voor het organiseren van een tentoonstelling met gratis inkom, zal de gebruiker een retributie dienen te betalen van € 112,70 per week. |
|||||||||||
|
Goorhof |
||||||||||||
|
Feestzaal |
Gratis |
€ 23,70 |
€ 35,40 |
€ 59,00 |
€ 62,80 |
€ 94,30 |
€ 157,10 |
€ 189,00 |
€ 282,30 |
€ 471,30 |
||
|
Kleine vergaderzaal |
Gratis |
€ 3,90 |
€ 5,90 |
€ 9,80 |
€ 10,50 |
€ 15,70 |
€ 26,20 |
€ 31,00 |
€ 47,60 |
€ 78,60 |
||
|
Bijenkorf |
||||||||||||
|
Koninginnezaal |
Gratis |
€ 23,70 |
€ 35,40 |
€ 59,00 |
€ 62,80 |
€ 106,20 |
€ 177,00 |
€ 212,90 |
€ 318,00 |
€ 531,00 |
||
|
Den Dar |
Gratis |
€ 7,90 |
€ 11,80 |
€ 19,70 |
€ 23,70 |
€ 35,40 |
€ 59,00 |
€ 80,30 |
€ 120,00 |
€ 200,00 |
||
|
De Werkbij |
Gratis |
€ 7,90 |
€ 11,80 |
€ 19,70 |
€ 23,70 |
€ 35,40 |
€ 59,00 |
€ 80,30 |
€ 120,00 |
€ 200,00 |
||
|
Keuken |
Gratis |
€ 7,90 |
€ 11,80 |
€ 19,70 |
€ 23,70 |
€ 35,40 |
€ 59,00 |
€ 80,30 |
€ 120,00 |
€ 200,00 |
||
|
|
Tentoonstellingsprijs: Voor het gebruik van de bijenkorf, voor het organiseren van een tentoonstelling met gratis inkom, zal de gebruiker een retributie dienen te betalen van € 112,70 per week. |
|||||||||||
VM: voormiddag, 8.00-13.00 uur, NM: namiddag, 13.00 - 18.00 uur, AV: avond, na 18.00 uur
|
Kortingen voor gebruikers in categorie 1, voor cultuurinfrastructuur vermeld in art. 1(berekend op huurfrequentie): |
|
|
10 tem 29 boekingen x per jaar |
10% |
|
30 tem 49 boekingen x per jaar |
30% |
|
+50 boekingen x per jaar |
50% |
|
Bijkomende kosten (van toepassing voor alle categorieën, uitgezonderd gemeentelijke diensten) : |
|
|
OC ’t Centrum |
|
|
Huur opbergruimte per werkingsjaar: |
|
|
Vergaderzaal 1 |
€56,3/kast |
|
Vergaderzaal 2 |
€56,3/kast |
|
Vergaderzaal 3 |
€56,3/kast |
|
Podiumzaal |
€16,9/m² |
|
Schoonmaak: |
|
|
Indien na het gebruik van de infrastructuur van het OC de zalen niet of onvoldoende proper achtergelaten zijn, wordt de gebruiker hiervan op de hoogte gesteld. De uitbater rekent een retributie aan om de nalatigheid van de gebruiker recht te zetten. |
Volgens tarieven vermeld in het retributiereglement “sluikstort en schade door derden”.. |
|
Tribune: |
|
|
Gebruik tribune (kost incl. opstellen + afbreken) |
€197,10 |
|
Overschrijden van huurperiode: |
|
|
Grote zaal/foyer/keuken |
€300 |
|
vergaderzalen |
€150 |
|
Uniq |
|
|
Huur opbergruimte per werkingsjaar: |
|
|
Polyvalente ruimte |
€56,3/kast |
|
Berging |
16,9/m2 |
|
Schoonmaak: |
|
|
Indien na het gebruik van de infrastructuur niet of onvoldoende proper achtergelaten zijn, wordt de gebruiker hiervan op de hoogte gesteld. De uitbater rekent een retributie aan om de nalatigheid van de gebruiker recht te zetten. |
Volgens tarieven vermeld in het retributiereglement “sluikstort en schade door derden”. |
|
Overschrijden van huurperiode |
|
|
Polyvalente ruimte |
€300 |
|
Wachtkosten |
€6/10minuten |
|
Kapel Oude Klooster |
|
|
Schoonmaak: |
|
|
Indien na het gebruik van de infrastructuur niet of onvoldoende proper achtergelaten zijn, wordt de gebruiker hiervan op de hoogte gesteld. De uitbater rekent een retributie aan om de nalatigheid van de gebruiker recht te zetten. |
Volgens tarieven vermeld in het retributiereglement “sluikstort en schade door derden”. |
|
Overschrijden van huurperiode |
|
|
Polyvalente ruimte |
€150 |
|
Wachtkosten |
€6/10minuten |
|
Kempuseum (leeszaal) |
|
|
Overschrijden van huurperiode |
|
|
Polyvalente ruimte |
€150 |
|
Schoonmaak: |
|
|
Indien na het gebruik van de infrastructuur niet of onvoldoende proper achtergelaten zijn, wordt de gebruiker hiervan op de hoogte gesteld. De uitbater rekent een retributie aan om de nalatigheid van de gebruiker recht te zetten. |
Volgens tarieven vermeld in het retributiereglement “sluikstort en schade door derden”. |
|
Bijenkorf |
|
|
Huur opbergruimte per werkingsjaar: |
|
|
Polyvalente ruimte |
€56,3/kast |
|
Berging |
16,9/m2 |
|
Schoonmaak: |
|
|
Indien na het gebruik van de infrastructuur niet of onvoldoende proper achtergelaten zijn, wordt de gebruiker hiervan op de hoogte gesteld. De uitbater rekent een retributie aan om de nalatigheid van de gebruiker recht te zetten. |
Volgens tarieven vermeld in het retributiereglement “sluikstort en schade door derden”. |
|
Overschrijden van huurperiode |
|
|
Polyvalente ruimte |
€300 |
|
Wachtkosten |
€6/10minuten |
Schade en sluikstorten:
Zie retributiereglement “sluikstort en schade door derden”
Techniek:
Zie gebruiksreglement technische installatie OC 't Centrum
*Kortingen voor gebruikers enkel in categorie 1, voor cultuurinfrastructuur vermeld in artikel 1(berekend op gecumuleerde huurfrequentie van de cultuurinfrastructuur):
Dit is een eenmalige terugbetaling van korting gegeven op aantal boekingen van het afgelopen boekingsjaar, volgens de regels zoals hierboven vermeld staan. Deze zal in september of oktober terug betaald worden.
De tarieven worden jaarlijks op 1 september aangepast volgens de schommelingen van de gezondheidsindex. Deze aanpassing gebeurt door middel van de coëfficiënt die wordt bekomen door het indexcijfer van de maand maart van het huidige jaar te delen door het indexcijfer van de maand september in 2020. Bij de indexering worden de tarieven afgerond tot op de dichtstbijzijnde 10 cent.
Artikel 5: VRIJSTELLINGEN
De retributie is niet verschuldigd voor:
- de door de gemeente bevorderende initiatieven in samenwerking met het Rode Kruis.
Artikel 6: ANNULERINGSVOORWAARDEN
lndien de aanvrager geen gebruik maakt van de ter beschikking gestelde accommodatie wordt een retributie toegepast afhankelijk van het moment waarop de annulering via e-mail kenbaar werd gemaakt. De annulering moet steeds gebeuren via: reservatie@brecht.be
Gebruikers kunnen kosteloos annuleren tot 2 weken voor datum van gebruik. Annuleringen na dit tijdstip geven aanleiding tot het betalen van de retributie.
Indien de termijn waarin kosteloos kan geannuleerd worden voorbij is, dient de gebruiker ieder niet-gebruik van aangevraagde zaal vooraf te melden. Wanneer vooraf geen annulering werd doorgegeven, zal er een retributie aangerekend worden.
|
Tijdstip van annuleren |
Retributie |
|
De annulatie wordt meer dan 2 weken voor het gebruiksmoment geldig kenbaar gemaakt |
Gratis annuleren |
|
De annulatie wordt minden dan 2 weken voor het gebruiksmoment geldig kenbaar gemaakt |
100% van de retributie |
|
Geen annulatie of geel geldige annulatie |
€ 50,00 + 200% van de retributie |
In geval van bewezen en manifeste overmacht m.b.t. het wegvallen van de activiteit of het tijdig indienen van de annulering, kan op advies van het beheersorgaan van het gemeenschapscentrum aan het college van burgemeester en schepenen worden voorgesteld af te zien van het innen van deze vergoedingen. De aanvraag hiertoe moet gericht worden aan het beheersorgaan. Indien het gemeentebestuur door bewezen en manifeste overmacht de ruimtes niet ter beschikking kan stellen, zal de gebruiker/aanvrager geen enkel recht op schadevergoeding kunnen laten gelden.
Artikel 7: WIJZE VAN BETALING
De retributie wordt eisbaar zodra de dienstverlening aanvangt.
De gebruikers betalen maandelijks na ontvangst van de rekening door overschrijving op een financiële rekening van het gemeentebestuur.
Artikel 8: NIET-BETALING
Bij niet-betaling van het verschuldigde bedrag na vervaldatum kan de gebruiker onmiddellijk het gebruik van de accommodatie ontzegd worden.
Bij niet-betaling binnen de wettelijk bepaalde vervaltermijn, zal een gratis eerste aanmaning worden verzonden. Voor een tweede, en desgevallend elke volgende, aanmaning wordt telkens een kost van € 20,00 aangerekend voor de verzending.
Als de debiteur een afbetalingsplan krijgt en dit vervolgens niet nakomt, wordt hem een aanmaning gestuurd. Voor deze aanmaning wordt een kost van 20,00 euro aangerekend.
Artikel 177 van het decreet lokaal bestuur voorziet in de mogelijkheid om een dwangbevel uit te vaardigen met het oog op de invordering van onbetwiste en opeisbare niet-fiscale schuldvorderingen. Voor het aanmaken van dit dwangbevel en het overmaken van een dossier aan de gerechtsdeurwaarder wordt een kost van € 30,00 aangerekend.
Bij betwisting kan het gemeentebestuur zich tot de burgerlijke rechtbank wenden om de retributie in te vorderen. De rechtbanken van Antwerpen zijn bevoegd.
Artikel 9: ONEIGENLIJK GEBRUIK
Wie een lokaal aanvraagt, moet dit doen in de hoedanigheid van organisator of namens de organisator. De organisator mag de ter beschikking gestelde ruimte niet laten gebruiken door derden of voor andere doeleinden dan opgegeven in de aanvraag. Als oneigenlijk gebruik wordt beschouwd bv: een privéaangelegenheid, terwijl de zaal werd aangevraagd door een vereniging.
Indien oneigenlijk gebruik vastgesteld wordt, dient de gebruiker een retributie te betalen van: € 50,00 + 300% van de voorziene retributie.
Artikel 10: TOEZICHT
Dit reglement valt onder het toezicht van de toezichthoudende overheid.
ALGEMENE BEPALINGEN
Artikel 1
De Cultuurprijs van de gemeente Brecht, verder ‘Cultuurprijs’ genoemd, wordt tweejaarlijks uitgereikt aan een persoon, vereniging, groep, instelling of project die een volgehouden, bijzondere prestatie leverde of levert op artistiek of cultureel vlak. De Cultuurprijs is een officiële erkenning van een geleverde prestatie door een persoon of een vereniging die een meerwaarde biedt voor het culturele leven in Brecht of een opmerkelijke culturele prestatie geleverd door een inwoner of vereniging van Brecht.
Artikel 2
De activiteit van de kandidaat cultuurprijs kan zich situeren binnen de meest diverse domeinen van cultuur (kunsten, volksontwikkeling, erfgoed, literatuur, vorming, evenementenorganisaties, …).
Artikel 3
De cultuurprijs omvat 2 categorieën, nl. een prijs van de jury en een publieksprijs bestaande uit een geldprijs van telkens 750,00 EUR, met een totaal van 1500,00 EUR.
Artikel 4
Men kan de prijs van de jury of de publieksprijs slechts 1 maal in 10 jaar ontvangen.
Artikel 5
De kandidaat voor de Cultuurpluim kan niet in hetzelfde competitiejaar voorgedragen worden als kandidaat voor de Cultuurprijs.
VOORWAARDEN
Artikel 6
Iedereen kan kandidaten voordragen. De kandidatuur moet schriftelijk en omstandig gemotiveerd zijn. Het formulier is te raadplegen op de gemeentelijke website.
De voorgedragen kandidaten worden op de hoogte gebracht en dienen hun kandidatuur te aanvaarden.
Artikel 7
De voorgedragen kandidaat is gevestigd in de gemeente Brecht of ontplooit er zijn werking.
Artikel 8
De voorgedragen kandidaat heeft op moment van inschrijving de leeftijd van min. 18 jaar.
PROCEDURE
Kandidaten voordragen
Artikel 9
Kandidaturen indienen gebeurt via de gemeentelijke website.
Selectie kandidaturen
Artikel 10
De eerste selectie van de binnengekomen kandidaturen wordt gemaakt door de gemeentelijke cultuurraad. De geselecteerde kandidaturen worden opgenomen in een shortlist. In geval geen enkele kandidatuur geselecteerd wordt , wordt er geen prijs van de jury of publieksprijs toegekend voor dat jaar.
De geselecteerde kandidaturen worden voorgesteld en toegelicht op de gemeentelijke website. Niet-geselecteerde kandidaten worden schriftelijk op de hoogte gebracht.
STEMMMING
A. Prijs van de jury:
Artikel 11
De jury bestaat uit de stemgerechtigde leden van de gemeentelijke cultuurraad aangevuld met minstens 2 en maximaal 4 onafhankelijke deskundigen.
Artikel 12
Stemgerechtigde leden die zelf een voordracht deden of die lid zijn van een voorgedragen organisatie, instelling, vereniging of project maken geen deel uit van de jury en nemen niet deel aan de stemming.
Artikel 13
De jury streeft naar het aanduiden van een winnaar in consensus. Bij gebrek aan consensus gaat de jury over tot stemming.
Artikel 14
Bij staking van stemmen beslist de voorzitter van de cultuurraad over het toewijzen van de cultuurprijs. Indien de voorzitter niet in de mogelijkheid verkeert dit te doen, neemt zijn plaatsvervanger deze taak waar.
B. Publieksprijs:
Artikel 15
Alle inwoners de van gemeente Brecht zijn stemgerechtigd en kunnen maximaal één online stem uitbrengen op één van de kandidaten van de shortlist. Deze stemming start na de bekendmaking op de gemeentelijke website en loopt minimum 2 weken.
TOEKENNING CULTUURPRIJS
Artikel 16
Het resultaat van de jury en stemming wordt in een verslag opgenomen en bezorgd aan het College van Burgemeester en Schepenen. Dit verslag bevat het resultaat en de argumentatie omtrent de winnende kandidaat.
Artikel 17
Alle voorgedragen kandidaten worden schriftelijk op de hoogte gebracht van het resultaat van de stemmingen.
Artikel 18
De prijs van de jury en publieksprijs worden overhandigd tijdens een publieke en plechtige gelegenheid. Hierop worden de winnaar alsook alle andere voorgedragen kandidaten uitgenodigd.
ALGEMENE BEPALINGEN
Artikel 1
De Cultuurpluim van gemeente Brecht, verder ‘Cultuurpluim’ genoemd, wordt tweejaarlijks uitgereikt aan een persoon, vereniging, groep, instelling of project die een beloftevolle, bijzondere prestatie leverde of levert op artistiek of cultureel vlak. Met deze aanmoedigingspremie wil het gemeentebestuur erkenning geven aan aanstormend jong, cultureel of artistiek talent in Brecht.
Artikel 2
De kandidaat kan zich situeren binnen de meest diverse domeinen van cultuur (kunsten, volksontwikkeling, erfgoed, literatuur, vorming, evenementenorganisaties, …).
Artikel 3
De Cultuurpluim omvat 2 categorieën, nl. een prijs van de jury, een publieksprijs bestaande uit een geldprijs van telkens 250,00 EUR, met een totaal van 500,00 EUR.
Artikel 4
Men kan de Cultuurpluim slechts 1 maal ontvangen.
Artikel 5
De kandidaat voor de Cultuurpluim kan niet in hetzelfde competitiejaar voorgedragen worden als kandidaat voor de Cultuurprijs.
VOORWAARDEN
Artikel 6
Iedereen kan kandidaten voordragen. De kandidatuur moet schriftelijk en omstandig gemotiveerd zijn. Het formulier is te raadplegen op de gemeentelijke website.
De voorgedragen kandidaten worden op de hoogte gebracht en dienen hun kandidatuur te aanvaarden.
Artikel 7
De voorgedragen kandidaat is gevestigd in de gemeente Brecht of ontplooit er zijn werking.
Artikel 8
De voorgedragen kandidaat heeft op moment van inschrijving de leeftijd van min. 12 jaar en max. 21 jaar bereikt.
PROCEDURE
Kandidaten voordragen
Artikel 9
Kandidaturen indienen gebeurt via de gemeentelijke website.
Selectie kandidaturen
Artikel 10
De eerste selectie van de binnengekomen kandidaturen wordt gemaakt door de gemeentelijke cultuurraad. De geselecteerde kandidaturen worden opgenomen in een shortlist. In geval geen enkele kandidatuur geselecteerd wordt, wordt er geen prijs van de jury of publieksprijs toegekend voor dat jaar.
De geselecteerde kandidaturen worden voorgesteld en toegelicht op de gemeentelijke website. Niet-geselecteerde kandidaten worden schriftelijk op de hoogte gebracht.
STEMMING
A. Prijs van de jury:
Artikel 11
De jury bestaat uit de stemgerechtigde leden van de gemeentelijke cultuurraad aangevuld met minstens 2 en maximaal 4 stemgerechtigde leden van het dagelijks bestuur van de gemeentelijke jeugdraad en met minstens 2 en maximaal 4 onafhankelijke deskundigen.
Artikel 12
Stemgerechtigde leden die zelf een voordracht deden of die lid zijn van een voorgedragen organisatie, instelling, vereniging of project maken geen deel uit van de jury en nemen niet deel aan de stemming.
Artikel 13
De jury streeft naar het aanduiden van een winnaar in consensus. Bij gebrek aan consensus gaat de jury over tot stemming.
Artikel 14
Bij staking van stemmen beslist de voorzitter van de gemeentelijke cultuurraad over het toewijzen van de Cultuurpluim. Indien de voorzitter niet in de mogelijkheid verkeert dit te doen, neemt zijn plaatsvervanger deze taak waar.
B. Publieksprijs:
Artikel 15
Alle inwoners de van gemeente Brecht zijn stemgerechtigd en kunnen maximaal één online stem uitbrengen op één van de kandidaten van de shortlist. Deze stemming start na de bekendmaking op de gemeentelijke website en loopt minimum 2 weken.
TOEKENNING CULTUURPLUIM
Artikel 16
Het resultaat van de jury en stemming wordt in een verslag opgenomen en bezorgd aan het College van Burgemeester en Schepenen. Dit verslag bevat het resultaat en de argumentatie omtrent de winnende kandidaat.
Artikel 17
Alle voorgedragen kandidaten worden schriftelijk op de hoogte gebracht van het resultaat van de stemmingen.
Artikel 18
De prijs van de jury en publieksprijs worden overhandigd tijdens een publieke en plechtige gelegenheid. Hierop worden de winnaar alsook alle andere voorgedragen kandidaten uitgenodigd.
De gemeenteraad keurt het schoolreglement gewoon basisonderwijs goed.
Het bestaande schoolreglement gewoon basisonderwijs vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van september 2012 wordt opgeheven.
De gemeenteraad hecht goedkeuring aan de bijlagen "recht op deconnectie" en voegt deze documenten ("afsprakenkader rond communicatie tussen ouders en school" en "afsprakenkader rond communicatie interne afspraken") als bijlagen toe aan het arbeidsreglement van de gemeentelijke basisschool.
Op basis van de bekomen documenten en de toelichtende nota worden de agendapunten van de algemene vergadering van Cipal van 22 juni 2023 goedgekeurd.
De vertegenwoordiger van de gemeente wordt gemandateerd om op de algemene vergadering van Cipal van 22 juni 2023 te handelen en te beslissen conform dit besluit. Indien deze algemene vergadering niet geldig zou kunnen beraadslagen of indien deze algemene vergadering om welke reden dan ook zou worden verdaagd, dan blijft de vertegenwoordiger van de gemeente gemachtigd om deel te nemen aan elke volgende vergadering met dezelfde agenda.
Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de uitvoering van onderhavig besluit en in het bijzonder met het in kennis stellen daarvan aan Cipal.
De gemeenteraad neemt kennis van de volledige dagorde van de jaarvergadering van IGEAN dienstverlening die zal gehouden worden in de burelen van IGEAN, Doornaardstraat 60 te 2160 Wommelgem op donderdag 22 juni 2023 om 18.30 uur evenals van alle daarbij horende documenten en neemt op basis hiervan volgende beslissingen:
1. Goedkeuren van het verslag van de raad van bestuur over het boekjaar 2022
2. Goedkeuren van het verslag van de revisor over het boekjaar 2022
3. Goedkeuren van de jaarrekening 2022
4. Kwijting verlenen aan de bestuurders en aan de revisor over het boekjaar 2022
5. Toetreding aanvaarden van WoonZorgNetwerk Edegem en van OCMW Boom.
De vertegenwoordiger van de gemeente, die met een afzonderlijk besluit werd benoemd, wordt gemandateerd om op de jaarvergadering van IGEAN dienstverlening van 22 juni 2023 deel te nemen aan de bespreking over de in artikel 1 vermelde agendapunten en te beraadslagen en te beslissen overeenkomstig dit besluit en verder al het nodige te doen om de volledige agenda af te werken.
De gemeenteraad neemt kennis van de volledige dagorde van de jaarvergadering van IGEAN milieu & veiligheid die zal gehouden worden in de burelen van IGEAN, Doornaardstraat 60 te 2160 Wommelgem op donderdag 22 juni 2023 om 18.30 uur evenals van alle daarbij horende documenten en neemt op basis hiervan volgende beslissingen:
1. Goedkeuren van het verslag van de raad van bestuur over het boekjaar 2022
2. Goedkeuren van het verslag van de revisor over het boekjaar 2022
3. Goedkeuren van de jaarrekening 2022
4. Kwijting verlenen aan de bestuurders en aan de revisor over het boekjaar 2022
5. Benoemen van leden adviescomités
6. Toetreding aanvaarden van WoonZorgNetwerk Edegem en van OCMW Boom.
De vertegenwoordiger van de gemeente, die met een afzonderlijk besluit werd benoemd, wordt gemandateerd om op de jaarvergadering van IGEAN milieu & veiligheid van 22 juni 2023 deel te nemen aan de bespreking over de in artikel 1 vermelde agendapunten en te beraadslagen en te beslissen overeenkomstig dit besluit en verder al het nodige te doen om de volledige agenda af te werken.
De partiële splitsing van De Ideale Woning wordt goedgekeurd overeenkomstig het gemeenschappelijk voorstel van partiële splitsing, zoals gevoegd in bijlage bij deze beslissing.
De vertegenwoordiger van de gemeente binnen de algemene vergadering van de cvba De Ideale Woning krijgt de opdracht te handelen op de buitengewone algemene vergadering van 28 juni 2023 conform deze beslissing.
De agenda die op de bijzonder algemene vergadering van Woonhaven behandeld wordt, wordt goedgekeurd door de gemeenteraad.